Community opbouwen
Luisteren, liefde en dienst zou je de basis-ingrediënten kunnen noemen van geloof en gemeente-zijn. Daarna, en daarmee, wordt de volgende stap mogelijk: een gemeenschap worden! Verbinding, saamhorigheid, je thuis voelen. Wat zijn daartoe de aanwijzingen, de mogelijkheden en hindernissen?
Als het gaat om missionair gemeentezijn, staan relaties centraal. Niet allerlei activiteiten organiseren, maar zoeken naar wegen om mensen te dienen. We luisteren en delen. Zo groeien er relaties met mensen, die dan gaandeweg ook deel kunnen gaan uitmaken van de kerkgemeenschap. Hoe kunnen zij zich thuis gaan voelen?
Gemeenschap als Bijbels begrip
De cultuur van de Bijbel is niet individualistisch. God is uit op relatie, je zou zelfs kunnen zeggen: God is relatie. We omschrijven God als drie-in-Eén: Vader, Zoon en Geest, die telkens naar elkaar wijzen en verwijzen. God is liefde.
Mensen zijn als beelddragers van God aangelegd op relaties: zonder de A/ander kunnen wij niet bestaan, is het leven niet zoals het is bedoeld. De profeten schetsen ons een visioen van samenleven in vrede, sjalom, tussen mensen onderling en in het geheel van de schepping. Jezus laat zien hoe die vrede gestalte krijgt: in woorden en daden van gerechtigheid, heelheid, liefde en vreugde. Hij viert de maaltijd met tollenaars en hoeren. Hij is geen leraar op afstand, maar iemand die zijn leven deelt met mensen. Zij zijn welkom in zijn huis, maar Hij nodigt zichzelf ook uit bij iemand als Zacheüs. Zo gaat Hij grenzen over, die mensen maakten. Er is in de Bijbel zeker aandacht voor de individuele mens, maar nooit los van de gemeenschap.
Als beelddragers van God zijn we aangelegd op relaties: zonder de A/ander valt niet te leven
Gemeenschappen bouwen: geen vanzelfsprekendheid.
Onze samenleving is anders. Bij ons staat het individu meer centraal. Zelfontplooiing, autonomie en zelfredzaamheid zijn belangrijke waarden. Gemeenschappen staan onder druk. Vrijwilligers, die zich voor langere tijd willen inzetten, zijn moeilijk te vinden. Eén van de gevolgen is groeiende eenzaamheid. We zoeken verbinding, maar aarzelend, want: we maken het zelf wel uit, we kiezen zelf met wie we omgaan en voor hoe lang en alleen als het ons ook iets oplevert. Jonge mensen werken hard en alleen als tweeverdieners kun je de hypotheek of de huur betalen. Er blijft weinig tijd over, zeker als je ook nog de zorg voor kinderen hebt.
De kerk staat daarbij op achterstand. De beelden, die leven rond kerkgemeenschappen, zijn over het algemeen negatief, neutraal of onwetend. Voor velen staat de kerk voor ‘regels’, voor hoe het hoort (en niet hoort), voor wat je al of niet dient te geloven en voor allerlei narigheid zoals misbruik. Al die factoren maken het er niet eenvoudiger op om relaties te leggen en vertrouwen te winnen.
Ontmoetingsplekken
Er zijn in onze samenleving plekken nodig, waar mensen zich welkom weten, waar je je thuis kunt voelen. Zulke plaatsen worden wel ‘third places’ genoemd: naast je werkplek en je privédomein een plek, waar je mensen kunt ontmoeten, verhalen kunt delen en met elkaar kunt optrekken. Kan de kerk zo’n plek zijn? Dan denken we niet in de eerste plaats aan de kerkdiensten op zondag. De drempel is hoog, de taal en de liederen zijn vreemd en er is weinig ruimte voor onderlinge ontmoeting, behalve bij het koffiedrinken na de dienst. Vaak staan bekenden dan bij elkaar en is het voor een nieuwkomer lastig zich te verbinden. Tegelijk is het wél van belang om na te denken over de kerkdienst: hoe uitnodigend zijn we, houden we rekening met mogelijke nieuwkomers? Het komt namelijk wel voor dat mensen ‘zomaar’ (of beter: door de Geest geleid), een kerkdienst bezoeken, zeker rond hoogtijdagen. Worden ze gezien?
Daarnaast is het belangrijk na te denken over andere mogelijkheden. Waar zijn plekken van ontmoeting, waar iedereen welkom is? Veel hangt af van je context en de behoeften van mensen in je omgeving. In een nieuwbouwlocatie kennen mensen elkaar niet. Is het mogelijk om de kerk te openen voor koffie en een gesprek? In alles is de start: relaties leggen, mensen leren kennen. Een stand op de braderie, een open huis met spelletjes in het weekend, ruimte voor een gesprek – maak ook je gebouw vindbaar en open, ook qua uitstraling.
‘Third places’: plekken om anderen te ontmoeten, verhalen te delen, met elkaar op te trekken
Bron en open grenzen
Een Australische veeboer heeft geen hekken rondom zijn velden. Het vee dwaalt alle kanten op, maar komt ook steeds weer terug naar de bron. Het beeld wordt wel gebruikt voor de manier waarop wij naar gemeenschappen kunnen kijken. Elke gemeenschap kent grenzen, maar hoe open zijn ze? Uiteindelijk gaat het om de – gemeenschappelijke – bron waar mensen naar toe getrokken worden. In de kerk denk je dan natuurlijk aan de Bron met een hoofdletter, Jezus Christus. Er kunnen ook andere ‘bronnen’ zijn die maken dat mensen komen: de verwelkomende gemeenschap, waarin je mag zijn wie je bent. De ontmoetingen. De gesprekken. De maaltijden. Duidelijk is in ieder geval wel, dat de kerkgemeenschap de Bron als kern heeft. Zonder dat daar hoge hekken omheen staan, die het moeilijk maken die Bron te verkennen.
Anders betrokken
Bij dit alles is het goed om te bedenken, dat mensen zich anders organiseren dan in het verleden. Lag de nadruk vroeger op geografie: je eigen buurt en eigen plaats, tegenwoordig zijn mensen mobiel en gaan ze voor allerlei activiteiten buiten de eigen omgeving. Ze sporten met vrienden verderop, ze gaan naar verenigingen in andere plaatsen. Het aanbod is groot. Het kan zomaar voorkomen dat mensen elkaar in een buurt nauwelijks kennen, omdat iedereen zijn verbanden elders heeft. We noemen dat ‘netwerken’. Ze zijn losser, vaak minder hecht. Bovendien kan het in sommige dorpen voor nieuwkomers moeilijk zijn om ertussen te komen. Ons kent ons, we houden elkaar op de hoogte, de nieuwkomer moet maar zien wat hij of zij doet, maar nodig? Niet echt. Een kerkgemeenschap kan zichzelf genoeg zijn en daarmee gesloten.
Kerken zijn vanouds gewend aan vrijwilligers, die zich geroepen weten trouw te zijn aan déze plek. Naar een andere kerk gaan heet dan ook ‘shoppen’ en dat doe je niet. Jonge mensen kijken juist om zich heen: waar voel ik me thuis? Kan ik daar mensen vinden met wie ik me wil verbinden? Onze netwerksamenleving maakt de betrokkenheid anders, meer vloeibaar en incidenteel – maar niet per se minder. Ga dus niet helemaal uit van je eigen ideeën en normen over gemeenschap en mate van betrokkenheid.
Mensen organiseren zich vandaag anders dan vroeger, we gaan ‘verder weg’ om te zoeken wat past
Vijf randvoorwaarden
Als je je kerkgemeenschap wilt openen voor nieuwkomers zijn vijf voorwaarden van belang:
1. Organiseer samen activiteiten
Bedenk niet van alles vóór mensen. Er gaat veel energie in de organisatie zitten en je raakt gefrustreerd als er niemand komt opdagen. Organiseer verbindende activiteiten rond een gezamenlijke interesse, niet vóór mensen, maar mét hen. Het kan eenvoudig beginnen: leg een idee voor aan iemand die mogelijk geïnteresseerd is. Zou je hier opaf komen? Zou je mee willen doen? Blijf luisteren. Wat houdt mensen bezig, wat hebben ze te bieden, waar hebben ze behoefte aan?
2. Zorg voor een uitnodigende sfeer
Het klinkt misschien vanzelfsprekend, maar dat is het lang niet (altijd). Maak ruimte voor mensen, wees geïnteresseerd, sta klaar. Wees bij een activiteit ruim op tijd aanwezig, kleed de ruimte goed en sfeervol aan, verwijder ‘rommel’, zorg voor echt iets lekker bij de thee en de koffie en heet mensen welkom bij de deur. Nogmaals: betrek vanaf het begin ook de stemmen en inbreng van mogelijke gasten. Organiseren zij ook mee? Helemaal mooi.
3. Bied ruimte voor interactie
Zorg dat activiteiten niet overvol zitten, maar dat er volop ruimte is voor onderlinge ontmoeting. Samen koffiedrinken is niet voor niks populair, niet alleen bij kerkmensen. Wandelingen bieden ook veel ruimte voor gesprekken. Zo schenk je mensen aan elkaar.
4. Zorg dat mensen zich kunnen inzetten met hun talenten
In de kerk hebben we de neiging steeds een beroep te doen op dezelfde mensen. Betrek iedere nieuwkomer door hem of haar te vragen ook in iets mee te doen. Natuurlijk, soms zijn mensen te moe, te kwetsbaar of te breekbaar. Ze kunnen tijdelijk of permanent geen bijdrage leveren in de organisatie, wat niet betekent dat ze geen geschenk zijn voor de gemeenschap.
5. Wees veilig en transparant
Voor een gezonde gemeenschap is veiligheid belangrijk. Daar is de laatste jaren terecht veel aandacht voor. Het is belangrijk die veiligheid te bespreken en te bewaken. Dan gaat het niet alleen over grensoverschrijdend gedrag, maar ook over roddels, ongepaste grappen of discriminerende opmerkingen.
Eerlijkheid en transparantie dragen ook bij aan veiligheid. Je nodigt mensen uit vanuit de kerk, met een verlangen. Niet altijd leidt dat tot gesprekken over God en geloof, maar wees eerlijk over wie je bent zonder verborgen agenda of manipulatie.
We zeggen allemaal ‘open en gastvrij’ te zijn – hoe werkt dat in de praktijk?
Spanningsvelden
Nieuwkomers kunnen de kerk verrijken. Tegelijk veranderen zij ook de bestaande gemeenschap. De eigen gelovige identiteit is blijvend van belang. Dat begrenst, ook naar nieuwe mensen. Dat is de ene kant. De andere kant is, dat er onnodige grenzen en barrières worden opgeroepen voor gasten en nieuwkomers. Het is niet altijd helder wat precies onderdeel is van je identiteit en wat niet. Wat kan ánders, zonder dat je daarmee ophoudt ‘kerk’ te zijn? Soms luidt de verzuchting ‘het is mijn kerk niet meer’. Nu is het nooit ‘onze’ kerk, het is de kerk van Christus. De eigen nestgeur kan veranderen of zelfs verdwijnen, terwijl de kerk juist groeit en zich vernieuwt. Alle protestantse gemeenten zeggen van zichzelf, dat ze ‘open en gastvrij’ zijn. Gelukkig maar. De vraag is alleen: hoe werkt het in de praktijk? Worden nieuwkomers verwacht, gezien en verwelkomd? Zijn we bereid hun inbreng te waarderen? Van beide kanten geldt, dat het belangrijk is elkaar te zoeken en te respecteren. Houd dus de gezonde spanning hierin vast, inclusief je verlangen om je geloof, hoop en liefde rond Christus te delen.
Gedragen door gebed
Blijf in het hele proces luisteren. Naar God, naar elkaar, naar je omgeving. Gebed draagt ons in dit alles, maakt ontvankelijk en moedig. Een biddende gemeenschap, die mensen verwelkomt met de liefde van Christus – die mist zijn uitwerking niet.
Mw. drs. Nynke Dijkstra-Algra is predikant in de Protestantse Kerk, met als specialisme het missionaire werk.