Bij Ezechiël 34,17-31In (oud-)katholieke kerken is het niet gebruikelijk om op Goede Vrijdag te preken. Meestal wordt er ’s avonds een sobere gebedsdienst gehouden, in een geheel kale kerk waarin de beelden met paarse doeken zijn afgedekt. Het orgel zwijgt en er wordt alleen a capella gezongen. De dienst opent zonder inleidingsgebed of -gezang met twee lezingen uit het Oude Testament (Hos. 6,1-6; Ex. 12,21-28). Vervolgens wordt het lijden van Jezus naar Johannes (18-19) gelezen, onderbroken door een korte, gezongen acclamatie van de gemeente. Aan het eind zingt de gemeente een gezang naar Psalm 22 (213, OKG). Dan volgen de
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 11.500 artikelen, waaronder verdiepende vakinhoud, preekschetsen, exegeses, kindermomenten en preekvoorbeelden.
Bekijk Premium >
InloggenLid worden