Menu

Premium

De schapen en de bokken

Bij Ezechiël 34,11-17 en Matteüs 25,31-46De Schriftlezingen voor deze dag kunnen geïnterpreteerd worden als een eschatologische proclamatie van Het Uur U: het moment waarop God als koning van het heelal binnentreedt in onze geschiedenis om te oordelen over goed en kwaad. De profetenlezing en de evangelielezing zullen bij elkaar geplaatst zijn vanwege de gebruikte beeldspraak van een herder die scheiding maakt tussen schapen en bokken (vgl. Ezechiël 34,17 met Matteüs 25,32b). De verbindende schakel vormt Gods oordeel waaraan mensen onderworpen worden. Met de vermelding van een koning gebruikt Matteüs een beeldspraak uit de profetische traditie van Israël, waarvan ook Johannes

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken