Een van de meest intrigerende verhalen in het Nieuwe Testament vind ik Marcus 7:24-30. Jezus reist naar Tyrus, trekt zich daar terug in een huis en wil niet dat iemand hem kent. Een vrouw die een dochter heeft met een onreine geest weet Jezus desondanks te vinden, valt voor zijn voeten neer en vraagt hem de demon uit te drijven. Nadat eerst nadrukkelijk is vermeld dat de vrouw Helleens is en Syro-Fenicisch van geboorte, zegt Jezus tegen haar: ‘Laat toe dat eerst de kinderen verzadigd worden – want het is niet fraai het brood van de kinderen te nemen en
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Al voor € 10,- per maand heb je toegang tot het volledige aanbod.
InloggenLid worden