Menu

Basis

Een tegendraads verlangen

De wereld is doortrokken van geluid. Er zijn maar nauwelijks plekken meer waar niets kan worden gehoord. Geluid maken is een wijze van bestaan: wie leeft, maakt geluid. Wie gezien en gehoord wil worden, zorgt ervoor om voldoende geluid te produceren. Luidruchtig zijn heeft misschien wel te maken met de angst om niet mee te kunnen, er niet bij te horen of niet echt te leven. Stilte is in deze luidruchtige wereld een vreemde eend in de bijt. Ze laat niet van zich horen, wordt ook niet gemaakt, maar ontstaat. Het is tegendraads om te verlangen naar stilte.

Op velerlei manieren is het verlangen naar stilte waarneembaar. Werkgevers stellen mailvrije periodes in, mensen gaan op wifi-loze plekken op vakantie, stiltegebieden en stilteplekken worden gemarkeerd en opgezocht.

In plaatsen waar veel mensen samenkomen- vliegvelden, winkelcentra, ziekenhuizen,scholen – en ze veel geluid produceren, worden centra ingericht om stilte te laten ontstaan. Na heftige gebeurtenissen – ongeluk, schietpartij,ramp – worden stille tochten gehouden om te rouwen en te verwerken. Plaatsen van stilte als kloosters en abdijen kennen lange wachtlijsten van mensen die verlangen om in de stilte te kunnen verkeren – zij het voor even. Met het verlangen naar stilte lijken mensen met de overheersende drang tot luidruchtigheid te willen breken, of op z’n minst er iets tegenover te willen zetten.

Contemplatieve benadering

In dit themanummer van Handelingen staat het verlangen naar stilte centraal. Nagegaan wordt wat het verlangen betekent voor professionals, hun handelen en ontwikkeling. Het gaat er daarbij niet alleen om manieren en werkvormen aan te reiken om tegemoet te komen aan het verlangen, zoals gebeurt in de bijdragen van Susanne de Jong-Tennekes en Anky Floris, maar meer nog om na te gaan of en hoe stilte of verstilling kan bijdragen aan het professionele handelen en ontwikkeling daarvan.

Dat lijkt een paradox te zijn: stilte inzetten voor zoiets als professionele ontwikkeling. Alswe professionele ontwikkeling slechts duiden intermen van maakbaarheid en instrumentaliteit,dan past het niet. In dit themanummer wordt professioneel handelen en professionalisering echter op een andere, niet-instrumentele manier benaderd. Stilte past wellicht wel in een reflectieve of beter nog: contemplatieve benadering van professioneel handelen en professionalisering.Of, om een recente publicatie van Erik Borgman (2017) te parafraseren, stilte draagt ertoe bij om te kunnen leven én werken van wat komt.

Stilte en verstilling maken ontvankelijk voordat wat (nog) niet gehoord of gezien wordt ineen luidruchtige wereld. Ze wijst aldus op een vaak nog onbelichte kant van het professioneel handelen en de professionalisering. De verschillende bijdragen in dit themanummer vragenaandacht voor die onbelichte kant als grenzen aan de maakbaarheid, bewustwording, innerlijke groei en betekenisgeving.

In ontvankelijkheid

Er wordt in dit themanummer niet zozeer gezocht naar een sluitende definitie, maar stilte wordt veeleer verkend aan de hand van haar verschijningsvormen.

Zo gaat Jan Gronouwe in op de wijze waarop stilte verschijnt in de begeleiding van mensen en Edwin van der Zande op de manier waarop toekomstig leerkrachten door te verstillen kunnen groeien in hun normatieve professionaliteit.Theo van der Zee presenteert de verstilde onderscheiding als contemplatieve vorm van kritische reflectie voor schoolleiders om te komen tot goede besluiten.

In deze bijdragen is stilte niet zozeer een doel op zich, maar laat stilte zich verbinden met groeien, begeleiden en besluiten. De verbinding met stilte doet iets met het professioneel handelen.Door de verbinding worden professionals als het ware van hun bekende handelingsrepertoire beroofd, en wordt de stilte als een denkbeeldige ruimte waarin hen iets nieuws,onverwachts wordt aangereikt.

Ze ontdekken dat de werkelijkheid niet naarhun hand te zetten is, maar dat deze hen tegemoetkomt en alleen in ontvankelijkheid kan worden ontvangen. Het laatste nodigt hen uit om op verrassend andere wijze te groeien, handelen en besluiten.

De bijdrage van Michiel de Ronde zet op een heel bijzondere wijze de focus op het moment van stilte in het rumoer van het leven. Aan de hand van een poëtische vertelling van het gedicht ‘Het uur U’ van Martinus Nijhoff wil hij aangeven hoe een professioneel begeleider ruimte kan scheppen voor het woordeloze inzicht.

De aard van deze bijdrage leent zich slecht voor een instrumentele lezing, maar nodigt de lezer uit om in de vertraging en ontvankelijkheid te lezen wat komt. Meer nog dan de andere artikelen nodigt de bijdrage van De Ronde uit om meegenomen te worden in de stilte, en dat vraagt om enige volharding. Precies dat wat de verstilling of de beoefening van de stilte vraagt.De moeite zal worden beloond.

Gewaarworden

In praktisch theologisch en religiewetenschappelijk opzicht is de verkenning van de verschijningsvormen van stilte in het professioneel handelen en de professionalisering zeer interessant.

Vanuit de apophatische benadering van theologie en religiewetenschap kan stilte worden geduid als een ruimte waarin de Naam van God ter sprake kan komen (MacCulloch 2014). Het gaat er daarbij niet zozeer om over God te kunnen spreken in negatieve begrippen – waar menselijke voorstellingen tekortschieten om God te beschrijven – maar veeleer om stilte te duiden in termen van ‘positieve gewaarwording’(Simone Weil) van de Onuitsprekelijke. In de stilte kunnen mensen voorbij woorden zijn om God te duiden, ja, zelfs de stilte duiden als Godsnaam (Waaijman 1995).

In de bijdragen wordt naar de Naam van God op verschillende manieren verwezen. Zo brengt Van der Zee de naam van ‘Kunnen-Zijn’ (Nicolaas van Cusa) ter sprake vanuit het verlangen van professionals zoals schoolleiders, om in de ruimte van de stilte uit te zien naar dat wat zou kunnen zijn (mogelijkheden).

De Ronde laat de Naam ongenoemd, maar raakt met Nijhoff aan de thematiek als hij spreekt om het moment der waarheid. Dat moment‘laat zich wel ervaren, maar nooit vastpakken.Het is er en daarna is het weer voorbij.’Door op een dergelijke manier de Naam van God ter sprake te brengen, wordt de stilte tot een metafoor van het echte leven en werken:niet wij zijn het die de werkelijkheid naar onze hand kunnen zetten (door luidruchtig te zijn),we kunnen enkel leven en werken in ontvankelijkheid(in de stilte).

Krachtige impuls

Het themanummer over ‘Verlangen naar stilte’ wil een krachtige impuls leveren aan het denken over professioneel handelen en professionalisering.Terwijl sociale wetenschappen als de psychologie of de agogiek er het hoogste woord hebben, geeft dit themanummer met de geesteswetenschappen als de praktische theologie en religiewetenschappen een verrassende wending aan het denken over professioneel handelen en professionalisering.

Door de focus te leggen op de stilte, komen niet alleen de grenzen aan de instrumentele benadering aan het licht, maar wordt bovendieneen alternatief geboden. Stilte maakt het voor professionals mogelijk om niet alleen te leven maar ook te werken van wat komt. Kees Waaijman geeft hier in het interview woorden aan door te spreken over de ziel van de professional die ‘er-bij-kan-zijn’.

De contemplatieve benadering van professioneel handelen en de professionalisering keert de maakbaarheid om, en is veeleer te duiden in termen als ontvankelijkheid, actief ontvangen,en gewaarworden. De contemplatieve benadering zou bovendien weleens een cruciale bijdrage kunnen leveren aan de relevantie van religie voor het denken over professioneel handelen ineen samenleving vol van geluid en maakbaarheid.

Literatuur

Borgman, E. (2017). Leven van wat komt. Een katholiek uitzicht op de samenleving. Utrecht: Uitgeverij Meinema.

MacCulloch, D. (2014). Silence. A Christian history. New York: Penguin Books.

Waaijman, K. (1995). Zeven manieren van stilte. Speling. Tijdschrift voor bezinning 47, 86- 97.

Theo (dr. T.S.M.) van der Zee is coördinator katholiek onderwijs en adviseur Verus. Vereniging voor katholiek en christelijk onderwijs, en wetenschappelijk medewerker van het Titus Brandsma Instituut aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

Wellicht ook interessant

None

Preview: God. Naar een andere filosofie

We beginnen dus nu aan een boekje over denken over God, over de Naam. Goed, maar is dat nog wel nodig? Kan dat zelfs nog wel? Niet dat het taboe zou zijn, nee, merkwaardig genoeg loopt de boekenmarkt over van titels over God en godsdienst. Iedereen schrijft over God tegenwoordig. Sinds kort bestaat het prestigieuze Journal for Continental Philosophy of Religion (Brill). Dat betekent dat er in elk geval interesse wordt getoond in dat filosofische terrein. Theologen, natuurlijk, maar ook filosofen, wetenschappers, politici, kunstenaars en nog anderen kunnen er niet over zwijgen.

None

Nicea voor Nu; hoe een oude belijdenis ons vandaag kan helpen

Drie initiatiefnemers – Jelle Huismans, Margriet Westes en Arnold Smeets – hebben ervoor gezorgd dat 32 schrijvers samen 47 korte, puntige bijdragen schreven over de Geloofsbelijdenis van Nicea. Steeds namen de auteurs een paar woorden uit de belijdenis voor hun rekening, waarover zij twee à drie pagina’s schreven. Dat maakt het tot een zeer toegankelijk boek. Met dank daarvoor: ik heb het met plezier gelezen en hier en daar zinnen onderstreept en smileys of kruisjes gezet bij uitspraken die mij boeiden of juist tegenstonden.

Basis

Boekrecensie Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel door Ludy Fabriek

Het boek Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel is een geweldige uitdaging om je innerlijke relatie met God als je hemelse Vader meer en meer te verdiepen. Het beeld van de ziel als een burcht met zeven verblijven spreekt heel erg tot de verbeelding. Zeker om de ontwikkeling van je geestelijke leven te zien als een reis door die verblijven op weg naar het hart van de burcht: de troonzaal. Het uiteindelijke doel van een kind van God is om zó dicht bij Hem te zijn, dat we volkomen één met Hem zijn. Vandaar dat de subtitel van het boek ook treffend gekozen is: De innerlijke reis naar het hart van God.

Nieuwe boeken