Vroeger ging het vooral over de tegenstelling tussen ‘hemel en hel’. De hel was makkelijk bereikbaar en de plek voor alles en iedereen wat fout was. De hemel was het paradijs, en alleen via een smalle moeilijke weg te bereiken. In Genesis 1 wordt het gewelf ‘hemel’ genoemd. In het wereldbeeld van toen was de hemel de plek waar water opgeslagen lag. Vandaar die ‘boog’ in de wolken in het verhaal van Noach. Deze ‘boog’ houdt de hemel, en daarmee het water dat daarin zit, op z’n plek. Zodat het niet weer de aarde en het leefgebied van de mensen
Het volledige artikel lezen?
Dit artikel is voor Basis-leden.
Log in en lees verder. Nog geen lid?
Al vanaf € 5,83 per maand heb je toegang tot dit artikel en veel meer op Theologie.nl.
InloggenLid worden