Hoe sprong mijn hart hoog op in mij
Aanzetten tot een pedagogiek van verlangen
Inleiding
Hoe leren mensen naar God te verlangen? Vervang ‘God’ door ‘status’, ‘een verre vakantie’ of ‘een nieuwe auto’, en het antwoord is niet moeilijk. Ik wil een nieuwe auto omdat ik in mijn omgeving de enige ben die nog in een oude Toyota Corolla rijd. Komende zomer wil ik eens wat verder dan naar Duitsland op vakantie: de halve straat vliegt tegenwoordig naar Griekenland of Turkije. En op mijn werk sloof ik mij extra uit, in de hoop die felbegeerde promotie in de wacht te slepen: ik wil niet achterblijven bij mijn collega’s. Verlangen is, met andere woorden, mimetisch. Imitatie, meent de Franse denker René Girard, is de crux van elke pedagogiek van verlangen. Dit geldt voor doelgerichte pogingen tot manipulatie van mijn verlangen – ik koop een duur crèmepje omdat ik net zo’n gave huid wil krijgen als dat model in de tv-reclame – maar evengoed voor de terloopse, stilzwijgende, vaak nauwelijks bewuste manieren waarop mijn verlangens door mijn omgeving (vrienden, collega’s) worden gevoed. Mijn vraag luidt nu: geldt dit mimetische principe ook voor verlangen naar God? Of hoe leer ik anders, in de context van een laatkapitalistische economy of desire, naar God te verlangen?
Ik stel deze vraag omdat ‘secularisatie’, vaak gedefinieerd als afnemend Godsgeloof of teruglopend kerkbezoek, mijns inziens het best kan worden begrepen in termen van verlangen. Zoals ik elders heb betoogd, is er sprake van secularisatie – niet op institutioneel, maar op individueel niveau – als mensen meer gewicht hechten aan verlangens die gericht zijn op bevrediging in het hier en nu dan aan verlangen naar God. Mensen seculariseren, in de zin dat ze zich wenden naar het saeculum, als hun verlangens naar zaken die behoren tot dat saeculum – tot de αιών waarvan Mattheüs verklaart dat ze voorbij zal gaan (12,32; 13,39v; 24,3) – belangrijker worden dan hun verlangen naar God.