Menu

Basis

‘Jezus is mijn therapeut’

Over de innige verstrengeling tussen de therapiecultuur en het protestantisme

Jezus heelt

In de serie ‘Het christelijke geloof in een therapeutisch Nederland’ onderzoekt Katie Vlaardingenbroek, auteur van Nederland Therapieland, de relatie tussen het christelijke geloof en onze huidige therapiecultuur. In haar vorige artikel stond de concurrentie tussen religie en therapie centraal. In dit derde artikel kijkt ze naar de verstrengeling tussen therapie en de christelijke religie. Waarom sluit de therapiecultuur juist zo goed aan bij landen met een protestantse achtergrond?

Een jonge vrouw zit alleen op een grote leren bank die zo in de behandelkamer van Freud had kunnen staan. Ze kijkt verdrietig en staart uit het raam met haar hoofd in haar handen. Ze zingt:

‘I keep fighting voices in my mind that say I’m not enough
Every single lie that tells me I will never measure up
Am I more than just the sum of every high and every low?
Remind me once again just who I am because I need to know.

You say I am loved when I can’t feel a thing
You say I am strong when I think I am weak
And you say I am held when I am falling short
And when I don’t belong, oh, You say I am Yours
And I believe.’

Het belang van wat we zingen

De bovenstaande liedtekst zal mogelijk bekend voorkomen. Het nummer ‘You Say’ van de christelijke singer-songwriter Lauren Daigle is op YouTube meer dan 390 miljoen keer beluisterd. Het bereikte in 2019 de twaalfde plek op de Nederlandse Top 40-lijst – een knappe prestatie voor een christelijk aanbiddingslied. Het nummer resoneerde met een breed publiek. Waarom? Mijn hypothese is omdat het een goed voorbeeld is van de verstrengeling tussen het christendom en de therapiecultuur.

In veel van wat er binnen christelijk Nederland over de therapiecultuur gezegd wordt, lijkt sprake te zijn van een concurrerende botsing tussen het christelijke geloof en therapie. Maar komt dit wel overeen met de praktijk? Als we kijken naar populaire uitingen van het christelijke geloof dan zien we iets anders. Let eens op christelijke nummers die gezongen worden.”

De teksten van aanbiddingsliederen fascineren me mateloos. Wat we zingen zegt vaak meer over de theologische boodschappen die we impliciet meekrijgen en belichamen dan ingewikkelde theologische reflecties van dominees of academici. Liturgie is een graadmeter van de geleefde theologie. Dus wat heeft die graadmeter ons te vertellen over wat resoneert bij mensen en geïnternaliseerd wordt?

Ode aan God… of de therapeut?

Het nummer ‘You Say’ schetst de zoektocht van een persoon die geplaagd wordt met een kritische interne monoloog, onzekerheid en vergelijkingsdrang. Ze weet niet wie ze is en wat ze waard is. Wat is daar de oplossing voor? God. Of eigenlijk – en dit is deels waarom veel moderne aanbiddingsmuziek het ook goed doet bij een niet-christelijk publiek – de bevestigende woorden van een ‘You’: een jij. Als je oppervlakkig luistert, zou deze ‘You’ ook je partner, moeder, beste vriendin of… therapeut kunnen zijn.

De God die we in het liedje tegenkomen is een God die de vorm aanneemt van een therapeut die bevestiging geeft en positievere gedachten aanbiedt: jij bent geliefd, jij bent sterk, jij wordt gedragen, ook als je tekort komt. Als je die zinnen hoort en gelooft, dan verandert je zelfbeeld en gevoel. Tot op de laatste zin (‘You say I am Yours’) zou het hele refrein een ode aan de cognitieve gedragstherapeut en de rol van constructieve gedachten op emoties en gedrag kunnen zijn!

Jesus + therapy = healing

De relatie die geschetst wordt, en resoneert bij christenen én niet christenen, is de relatie tussen een hulpzoeker met een turbulent innerlijk gevoelsleven en een therapeutische God die bevestiging biedt, positieve affirmaties aanreikt en laat weten dat jij als individu oké en waardevol bent. Het doel van het nummer zelf zou je kunnen zien als een vorm van emotionele regulatie: we herkennen ons in het negatieve zelfbeeld en worden door God weer gerustgesteld: God ziet mij en ik kan het wél! God wordt gebruikt voor het innerlijke proces en als bevestiging van de eigen identiteit: ‘In You I find my worth, in You I find my identity’.

De God uit dit bekende en succesvolle aanbiddingsnummer roept niet op tot het omzien naar je naasten of het in actie springen voor rechtvaardigheid. Het nummer spreekt niet van een collectief lichaam (een ‘wij’), noch van de grotere wereld om het individu heen. Het hele nummer draait om het gevoelsleven van het individu en om een God die daarin aansluit en geruststelt. In plaats van theologische taal, spreekt het nummer therapeutische taal en bevestigt daarmee het referentiekader dat ontstaan is. Het godsbeeld dat er doorheen klinkt is dat van een therapeutische God die je helpt met je eigen zelfbeeld, zelfvertrouwen en regulatie. Wat het af had gemaakt, was een van de t-shirts die voor 10 dollar op Etsy te kopen is en waarop staat: ‘Jesus is my therapist’.

Typisch Amerikaans?

Het voorbeeld hierboven is natuurlijk haast humoristisch illustratief voor hoe de therapiecultuur en het (evangelische) christendom kunnen samenkomen. Van de evangelische stroming is bekend dat ze zogeheten popular culture incorporeren in een vaak meer conservatieve theologie. Denk bijvoorbeeld aan Hillsong of de EO Jongerendag, waarin vormen vanuit de seculiere (festival)cultuur en popmuziek worden gecombineerd met een christelijke boodschap.

Het maakt ergens niet uit of het popmuziek, techno of therapie is: als het in is, dan zien we het terug binnen evangelische uitingen van het christendom. Zo nu ook met therapie. Professor Gerardo Martí beschrijft Hillsong als een voorbeeld van de evangelische beweging, waarin een meer therapeutische nadruk op emotioneel welzijn wordt omarmd. Dit kenmerkt veel moderne aanbidding: ik, mijn gevoel en mijn Jezus staan centraal.

Als therapiecultuur onderdeel is geworden van popular culture, dan is het logisch dat het terugkomt in bepaalde evangelische uitingen van het christelijke geloof – in elk geval in de Verenigde Staten. Maar het is niet voor niets dat Lauren Daigle en Hillsong zo populair zijn geworden in Nederland. De therapeutische God doet het ook in ons land erg goed. Hoe kunnen we dit begrijpen?

Een protestants gebeuren?

In Nederland heeft de evangelische beweging veel invloed op het protestantisme: binnen kerken en met parakerkelijke activiteiten, zoals het EO Jongerenfestival. De evangelische beweging, waarin christelijke boodschap en seculier-culturele vormen gecombineerd worden, is komen overwaaien uit de Verenigde Staten, net als de therapiecultuur. Het is interessant dat deze beide bewegingen, de evangelische beweging én de therapiecultuur, rond dezelfde tijd groot werden in de VS. Beiden zijn onderdeel van een beweging naar vergrote zelfexpressie, die zelfs toen al overlapten.

Het is ook heel interessant dat zowel de evangelische beweging als de therapiecultuur zo aansloegen in Nederland. In het vorige artikel kwam Carl Jung voorbij die in 1932 al opmerkte dat ‘de golf van interesse in psychologie’ specifiek door de protestantse landen van Europa trok. Ook de Verenigde Staten kent een sterke protestantse cultuur. Wat is het met de protestanten, individualisme en therapie?

In de christelijke geschiedenis was het protestantisme een belangrijke verschuiving van externe autoriteit naar vergrote individuele autoriteit. Individuen konden, vanuit hun eigen innerlijke geloofswereld, toegang krijgen tot God zonder de hiërarchische structuren vanuit de Katholieke Kerk. Protestantse christenen legden de nadruk op introspectie, innerlijke bezinning en het zelf, vanuit Bijbellezen of later de persoonlijke relatie met Jezus, ontdekken van de juiste waarheden over jezelf en jouw plek in de wereld als kind van God. De therapiecultuur is, wat dat betreft, op een bepaalde manier erg protestants.

Therapeutische preken

Dit helpt verklaren waarom op veel plekken de therapiecultuur en het (protestantse) christendom juist op veel plekken, vooral in meer progressieve kerken, in elkaar overvloeien: ze delen een basis in het centraal zetten van het individuele gevoelsleven. Dit is alleen maar toegenomen met de invloed van de evangelische beweging in veel PKN-kerken, waarbij het gevoelsleven, verbinding en een persoonlijke relatie met God nog belangrijker zijn geworden.

Cultureel-relevante uitingen van het christelijke geloof lijken niet te ontkomen aan de invloed van de therapiecultuur. Het verhaal over het individuele gevoelsleven is diep doorgedrongen in de dagelijkse geloofspraktijk van veel christenen. Zo kreeg ik een leuke reactie van een dominee die mij schreef: ‘Ik voel me wel wat betrapt natuurlijk met mijn peperdure coachingstraject om lekker aan mezelf te werken en mijn therapeutische preken over diepe emoties.’ Hij is zeker niet de enige.

Theologisch verschil op een therapeutisch fundament

In meer post-christelijke vormen lijkt de therapiecultuur soms haast meer een gedeeld referentiekader te zijn dan een gedeelde theologie. Een voorbeeld hiervan is het Graceland Festival waar ik, samen met professor Johan Roeland, terug in 2017 onderzoek naar deed. Een enquête onder de bezoekers toentertijd liet uiteenlopende theologische meningen zien op verschillende onderwerpen. De bezoekers waren verdeeld over of de Bijbel het woord van God was, in hoeverre God niet gewoon liefde was en het belang van de kerk. Menige kerkelijke stromingen zijn voor minder grote theologische verschillen elkaar de haren in gevlogen. En toch kon deze diverse groep leven met deze theologische verschillen. Hoe is dit te begrijpen?

Een mogelijk antwoord ligt in de vragen waar haast alle bezoekers (90%) van dit post-christelijke evenement zich in konden vinden: het belang van authenticiteit, zelfontwikkeling en zelfreflectie. Deze therapeutische waarden vormden een basis waarop de theologische verschillen konden bestaan. We laten elkaar de ruimte voor individuele zelfexpressie, therapeutisch en spiritueel. We respecteren met elkaar de autoriteit van ieders innerlijke belevingswereld en geven daaruit ons geloofsleven en onze theologie vorm. Zo bezien beweegt het protestantisme mee op de therapeutische tijdsgeest die zij zelf heeft helpen vormen.

Waar gaan we heen?

De therapiecultuur is een seculiere afsplitsing van het protestantisme die nu weer als “hippe vorm” omarmd wordt binnen moderne liturgie en preken. Hoewel op sommige fronten het christendom en therapie als concurrenten kunnen voelen, zijn er evenveel voorbeelden en momenten waarop ze al verstrengeld zijn. De therapiecultuur is al jarenlang van invloed binnen christelijk Nederland en de manieren waarop mensen daarbinnen pionieren en God ervaren.

Is dit erg? In elke culturele context zijn mensen op zoek naar het Hogere en geven ze hier uiting aan op manieren die zowel heilig als cultureel beïnvloed zijn. Het één hoeft het ander niet uit te sluiten. Het heilige is niet datgene wat cultuur overstijgt. Maar elke cultuur heeft mooie én problematische kanten en dit geldt ook voor de individualistische therapiecultuur die nu een grote rol speelt in onze beleving van het heilige.

Hoe kunnen de therapiecultuur en christelijke theologie weer vanuit liefdevolle scherpte met elkaar in dialoog gaan en elkaar op hun blinde vlekken wijzen? Dit is een belangrijke vraag die centraal staat in het laatste artikel van deze reeks. Dit artikel verschijnt op 13 maart.

Katie Vlaardingerbroek

Katie Vlaardingerbroek is een jonge auteur en studeert filosofie en godsdienstwetenschap.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken