Bij Johannes 6:1-15Er was eens een zeer wantrouwige koning. Wantrouwiger kon bijna niet. Hij heette Swentibold, en hij was niet alleen doodsbang dat een ander hem van de troon wou stoten en zijn kroon roven. Nee, hij kreeg het al Spaans benauwd als iemand iets net zo goed of nog beter kon dan hij. Zijn dienaren moesten er vreselijk rekening mee houden. Als de kok heerlijk had gekookt, boog hij voor de koning en zei: ‘Het eten mag misschien wel lekker ruiken en smaken, maar het stelt niks voor. Koningen koken nu eenmaal niet, maar als u had gekookt, majesteit,
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 11.500 artikelen, waaronder verdiepende vakinhoud, preekschetsen, exegeses, kindermomenten en preekvoorbeelden.
Bekijk Premium >
InloggenLid worden