Menu

Premium

Loop je tegen de muur op…

Bij Johannes 20,(19)24–31 / Johannes 20:24-31

Voorganger en oudere kinderen

  • Voorganger:Hoe vaak lopen we niet met onze kop tegen de muur?

  • Kind(eren):– maar dan is er licht en leven – (een kaars wordt aangestoken)

  • Voorganger:Hoe vaak lopen we vast?

  • Kind(eren):– maar dan is er licht en leven – (nog een kaars)

  • Voorganger:Hoe vaak komen we er niet meer uit?

  • Kind(eren):– maar dan is er licht en leven – (kaars)

  • Voorganger:Soms hebben we het gevoel dat alles doodloopt,

  • Kind(eren):– maar dan is er licht en leven – (kaars)

  • Voorganger:Soms lijkt alles zinloos,

  • Kind(eren):– maar dan is er licht en leven – (kaars)

Verhaal

Op een dag stond er een donkere muur in het bos. ‘Die hoort daar niet,’ zei de mier tegen de eekhoorn. Ze probeerden het muurtje weg te duwen, maar het ging niet.

‘Ik wil erdoor,’ zei de mier, ‘zo lopen we dood.’

De mier nam een aanloop. Hij probeerde boven op de muur te komen. ‘Au,’ zei hij, terwijl hij van de muur gleed. ‘Geef mij eens een zetje?’ vroeg de mier aan de eekhoorn. Maar de muur was te hoog en het lukte niet om er overheen te komen.

‘Ik probeer het met een lange tak,’ zei de mier. De mier zette de tak tegen de muur, klom ertegenop, maar hoe hij ook probeerde, steeds gleed hij er vanaf of viel de tak om.

‘En toch moet er een manier zijn,’ zei de mier koppig.

‘Stop er nu maar mee,’ zei de eekhoorn, ‘het lukt niet. Het komt nooit meer goed. We gaan terug. Het heeft geen zin. Dit is het einde.’

De eekhoorn ging moedeloos tegen een boom zitten. Het werd donker. Uitgeput vielen ze in slaap. Toen de zon opkwam, zag de eekhoorn het het eerst: de muur was weg!

‘Mier,’ riep hij opgewonden, ‘we kunnen verder!’

‘Heb ik het niet gezegd?’ zei de mier.

Vrij naar Toon Tellegen.

Wellicht ook interessant

Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Basis

Waarom ‘Eeuwig’ toch niet altijd een goed vertaalwoord is

Enkele publicaties vorig jaar, waaronder het boek “Het einde van de Hel” van Reinier Sonneveld, hebben de eeuwenoude discussie of God alle mensen uiteindelijk zal redden1 weer nieuw leven ingeblazen. Een belangrijk argument tegen de leer dat voor ongelovigen de hel de eindbestemming zou zijn, is dat de Hebreeuwse en Griekse woorden die meestal met “eeuwig” vertaald worden, niet de betekenis “eindeloos” hebben. Dat was aanleiding voor het blad Met Andere Woorden (MAW), een vakblad voor Bijbel en vertalen, om een themanummer uit te geven rondom dit woordje, “eeuwig” en “eeuwigheid”. En, hoewel vertalers zich het liefst op de tekst zelf focussen, ontkom je er niet aan keuzes te moeten maken die aan een dergelijke discussie raken.2 Zo moet een vertaler kiezen of hij meegaat in het zo bekende “eeuwig” en “eeuwigheid”, of in navolging van kritiek en diverse onderzoeken voor een andere weergave kiest. In het themanummer verdedigden enkele artikelen de keuze voor “eeuwig”. In de studievertaling waar ik aan mee mag werken, de Nieuwe Concordante Vertaling (NCV),3 is echter een andere keuze gemaakt. In dit artikel laat ik graag zien waarom “eeuwig” toch niet altijd een goed vertaalwoord is.

Een open boek, een zwevend model van de planeet aarde zweeft erboven, tegen de achtergrond van de ruimte met sterren.
Een open boek, een zwevend model van de planeet aarde zweeft erboven, tegen de achtergrond van de ruimte met sterren.
None

Bijbel en sciencefiction

In de komende tijd verschijnen er op theologie.nl diverse artikelen over theologie en
sciencefiction, een genre dat zowel in literatuur, film, videogames als in meer te vinden
is. t Hoe ziet het christendom eruit als we allemaal onze gedachten hebben
geupload in servers, is dat een soort eeuwig leven? Of zou er ook buitenaards leven zijn
dat religieus aangelegd is, en hoe speelt het christendom een rol daarin? Zouden
mensen moeten evangeliseren onder aliens, of komen aliens over 100 jaar misschien bij
ons op aarde evangeliseren?

Nieuwe boeken