Met de kinderen: Aanwijsbord
Bij Johannes 15,9-17
Verhaal
Midden tussen de wijngaarden ligt een oude stad. Het staat vol verkeersborden. Zonder deze borden loopt het spaak in de smalle straten en drukke pleinen. Dan loopt het verkeer vast en krijgen mensen ongelukken. De ronde borden met een rode rand vallen het meest op. Dat is niet zo vreemd, want deze borden verbieden iets. Zie je zo’n bord met een witte balk erin, dan weet je dat je die straat niet in mag rijden. Je hebt driehoekige borden. Die vallen ook op door een rode rand. Je moet dan goed opletten, want ze waarschuwen je ergens voor. Dat er een zijstraat komt of dat je een oversteekplaats voor kinderen nadert.
De vierkante en ronde blauwe borden vallen het minst op. Als je er op een stralende dag van onderaf naar kijkt, zie je ze niet eens, want ze hebben de kleur van de hemel. Deze borden wijzen je ergens op. Ze verbieden niks. Ze waarschuwen ook niet. Maar ze raden aan om iets te doen, soms zelfs verplicht. Met een fiets erop, weet je dat hier een prettig pad begint speciaal voor fietsen.
Midden in de stad op de hoek van het plein staat ook een rond blauw bord. Er staat het woord ‘Liefde’ op. Iedereen in de stad vraagt zich af wat ze met dit bord moeten. Word je soms opeens verliefd als je er voorbijkomt? Dan hadden ze er beter een rood hart in kunnen zetten, in plaats van het woord ‘Liefde’!
Of zegt dit bord dat als je juist niet meer verliefd bent, je de ander toch vriendelijk moet behandelen? Of is het bedoeld voor als je de pest aan iemand hebt? Dan zegt het dat je die ander toch als een mens moet behandelen en in noodgeval zelfs helpen.
De mensen in de stad staan soms uren te praten bij dat bord, over wat dat wel mag betekenen.
Gesprek
Tijdens of na dit verhaal kun je kinderen zelf ook om ideeën vragen over de betekenis van dit bord.