Menu

Premium

Paaslach

Bij Genesis 2,4b-25

Pasen valt dit jaar (2018) op 1 april en dus kunnen we twee tradities vanmorgen aan elkaar verbinden, namelijk het vertellen van een goede (paas)mop. In de middeleeuwen kende men de risus paschalis, de Paaslach. Het is een traditie die voortkomt uit de kerk van de Middeleeuwen als een tegenhanger voor alle somberheid en ingetogenheid die de Stille (of: Goede) Week kenmerkte. Na het lijdensverhaal van Jezus werd op Paasmorgen, als de Kerk de Opgestane Christus viert, deze dag ingeluid met een goede grap. Want ook met humor kun je licht brengen in het duister.
Humor kan heel bevrijdend zijn en is tevens alleen maar leuk als iemand jouw grap ook hoort en erom kan lachen. Een grap heeft dus enkel een functie als er een ander is. Een ander die jouw grap kan waarderen. Tegelijk ook een spannende actie, want niet iedereen vindt dezelfde humor leuk. Alleen al het vertellen van grappen is een mooie illustratie van wat het betekent dat een mens in de schepping van Genesis 2 een hulp en een tegenover krijgt. Ze zijn er voor elkaar omdat een mens niet alleen door het leven hoeft te gaan (Prediker 4,9-12), en dus kunnen ze genieten van elkaars leven en lach!

Hoe kom je tot een goede paasgrap?

  • Schrijf een wedstrijd uit en laat gemeenteleden hun favoriete (paas)grap insturen. Dan kun je meteen een beetje ‘screenen’ of iedereen deze grap zal waarderen.

  • Maak met jongeren tijdens de paasnacht (als je die hebt) goede paasgrappen.

  • Organiseer een mini-moppentrommel bij het paasontbijt en laat de beste grap aan het begin van de dienst terugkomen.

  • Broed als voorganger zelf op een geslaagde paasgrap en vertel die aan het begin van de dienst.

Voor alles geldt: humor is zeer persoonlijk, dus wordt ook niet elke grap, zeker met Pasen, door iedereen gewaardeerd.

Voorbeeld

Het is zondagmorgen en de familie is klaar voor het feestelijke paasontbijt. Bart haalt bij de eerste hap zijn neus op: ‘Mama, mijn ei smaakt zo raar!’ Moeder reageert boos: ‘Bart, ik heb zo mijn best gedaan op dit ontbijt, eet maar gewoon op.’ Met enige tegenzin probeert Bart verder te eten, maar na een poosje vraagt hij: ‘Mama, moet ik het snaveltje ook opeten?’

Bij Genesis 2:4b-25

Wellicht ook interessant

Schilderij De Leviet in Gibea van Gerbrand van den Eeckhout
Schilderij De Leviet in Gibea van Gerbrand van den Eeckhout
Basis

Seks en geweld: Rechters 19-21

Vrouw overlijdt na brute groepsverkrachting. Drie dagen hevige strijd in burgeroorlog: meer dan vijfenzestigduizend slachtoffers onder de strijders. Aantal burgerslachtoffers: onbekend, maar groot. Nee, dit is niet uit de krant van vandaag. Het is een korte samenvatting van wat we lezen in de laatste drie hoofdstukken van hel Bijbelboek Rechters (19-21). Seks en geweld. Wat moeten we met dit oude relaas? Gewoon maar concluderen dat de ontsporingen waarover verhaald wordt, nu eenmaal onontkoombaar zijn als een ‘condition humaine’ – in de zin van: het is nooit anders geweest – of valt er meer over te zeggen?

None

Studiemiddag op 4 juni naar aanleiding van publicatie ‘Gods slaafgemaakten’

De beroemde voormalige slaafgemaakte en abolitionist Frederick Douglass (1818-1895) was christen én buitengewoon kritisch op het christendom van vele slaveneigenaren in de Verenigde Staten. Die laatste vorm van christendom noemde hij “slaveholding religion” en die plaatste hij tegenover wat hij zag als het ‘echte christendom’ – de “Christianity of Christ”. In zijn recente boek Gods slaafgemaakten laat historicus en theoloog Martijn Stoutjesdijk zien dat beide interpretaties van het christendom eigenlijk altijd al aanwezig zijn geweest in de Bijbel en geschiedenis van het christendom.

None

Recensie van Amsterdamse Cahiers: Jesaja

Als predikant heb je je vaak te buigen over fragmenten uit het complexe Bijbelboek Jesaja. De bekendste flarden keren jaarlijks terug, vaak in combinatie met het Nieuwe Testament. Tekstfragmenten die ‘iedereen’ kent, roepen vaak allerlei beelden en herinneringen wakker (‘je hebt me bij de naam geroepen/ je bent de mijne’; ‘het volk dat in duisternis ronddoolt’; ‘zwaarden, ploegscharen…’). Tegelijkertijd blijft het grootse deel van de profetie doorgaans gesloten.

Nieuwe boeken