Preekschets Romeinen 1:18 – zondag in de zomer
Vanuit de hemel openbaart Gods toorn zich over al het kwaad en onrecht van hen die met hun onrechtvaardigheid de waarheid geweld aandoen.
Romeinen 1: 18
-
Schriftlezing: Romeinen 1: 16-25
-
Thema: waarheid
Het eigene van de zondag
Tijdens deze zomer van 2020 zijn de voorbereidingen voor de presidentsverkiezing in Amerika gaande. De huidige president, die verlenging van zijn termijn zoekt, staat bekend om zijn vele pertinente leugens. Pulitzerprijs-winnares Michiko Katutani beschrijft een Orwelliaanse politiek in het Witte Huis waarin onder andere de taal ingezet wordt om de objectieve waarheid belachelijk te maken. Zij ziet overeenkomsten tussen verschijnselen als (beschuldigingen van) fake news en de manipulatieve manier waarop er in het boek 1984 met evidente waarheden omgesprongen wordt. Het is aan onze prediking om ‘waarheid’ te behoeden en te bewaren, al was het maar om haar als hoeksteen van democratische samenlevingen te eren. De bijbelse connotaties van waarheid vertellen ons veel.
Uitleg
Inleiding
In de Romeinenbrief zijn meerdere hoofdthema’s te onderscheiden: geloof, rechtvaardigheid en wet, vrijheid en verslaving, dood en opstanding met Christus. Volgens de inleiding van de NBV op deze brief vinden we in de voorgestelde lezing zelfs het centrale thema, namelijk: ‘voor God is degene die gelooft rechtvaardig’ (vers 17). In plaats van ‘rechtvaardig’ zou ik hier liever ‘gerechtvaardigd’ schrijven. Rechtvaardig zijn lijkt me in Paulus’ visie geen immanente kwaliteit van de gelovige, maar gerechtvaardigd zijn wordt hem of haar toegevoegd op grond van het ankerpunt Christus (Romeinen 3:24-26).
De spanningen tussen Joden en Grieken in de gemeente in Rome geven aanleiding tot het schrijven van de brief, die dan ook de meerduidige verhouding tot de wet (Tora, nomos) voor de volgelingen van Jezus behandelt. Direct daarmee verbonden is het begrip van de vrijheid in het geloof. Geloven veronderstelt een levenswandel die de rechtvaardigheid hoog houdt, maar een gelovige kan zich daar niet op laten voorstaan en wordt ook niet op grond daarvan geoordeeld. Niemand, Jood noch Griek, zou immers dat oordeel doorstaan. De uitspraak: de rechtvaardige zal leven door geloof (vers 17) is een citaat van Habakuk 2:4. Het is God die vanwege Christus de gelovige rechtvaardigt en hem of haar zo in vrijheid stelt (Romeinen 5:9). Toch is daarmee de vraag van al dan niet rechtvaardig handelen voor de gelovige niet van tafel (Romeinen 2:6-11, Romeinen 6:15). En wandelen in waarheid is daar intensief mee verbonden (zie ook Psalm 85:11 en Psalm 119:142).
Waarheid
De Griekse woorden alètheia (waarheid) en dikaiosunè (rechtvaardigheid) worden volgens het theologisch woordenboek van G. Kittel beide gebruikt om het brede Hebreeuwse begrip emet (waarheid, oprechtheid) aan te duiden. In het Nieuwe Testament is het onderscheid te maken dat diakiosunè een meer juridische connotatie heeft en alètheia meer neigt naar een persoonlijke houding van oprechtheid, alhoewel alètheia juist in vers 18 van de brief in contrast gebruikt wordt met adikía (onrechtvaardigheid). Zie ook Romeinen 2:8. In Romeinen 1:25 wordt waarheid tegenover leugen (pseudos) gesteld.
In de beide brieven aan de Korintiërs gebruikt Paulus het begrip waarheid ook regelmatig (bijzonder: in 1 Korintiërs 5:8 wordt waarheid in verband gebracht met het reinheid). Het begrip waarheid komt ook in het evangelie van Johannes (Johannes 1:14, 14:6, 18:37,38) en in de drie brieven van Johannes veelvuldig voor.
Wat is waarheid?
Waarheid is bij Paulus een aspect van Gods woord (2 Korintiërs 4:2) en een aspect van het geloof in God en Jezus Christus (Romeinen 9:1, 2 Korintiërs 6:7). Het is vervolgens een aspect van de leefwereld van mensen dat naar God verwijst (vers 25). Het is geen zelfstandig element; het begrip waarheid wordt vaak in relatie tot iets anders gebruikt. Waarheid is kwetsbaar en manipuleerbaar. Wat is waarheid?, relativeert uitgerekend Pilatus (Johannes 18:38). In de Naardense Bijbel lezen we in de vertaling van vers 18 dat de toorn van God mensen treft ‘die waarheid in ongerechtigheid ten onder houden’.
Waarheid is een aspect van de keuze voor of tegen God. De waarheid spreken wekt dan soms weerstand op (2 Korintiërs 6:8, Galaten 4:16).
Geest
Dat waarheid met de heilige Geest in verband wordt gebracht, wordt in Romeinen 9:1 gesuggereerd, maar komt in het Johannesevangelie expliciet voor. Johannes spreekt over de Geest van de waarheid (Johannes 14:17, 15:26, 16:13). 1 Johannes 5:6 geeft dat de Geest de waarheid is. Een oprechte gelovige bidt in geest en in waarheid (Johannes 4:23,24). Daar tegenover staat in 1 Timoteüs 6:5: het eindeloos gekrakeel tussen mensen van wie de geest verziekt is, die van de waarheid beroofd zijn en denken dat het geloof hun geldelijk gewin brengt (zie ook 2 Timoteüs 3:8).
Schepping
In het voorliggende tekstgedeelte uit de brief aan de Romeinen wordt een analogie gegeven tussen de begrippenparen waarheid tegenover onrechtvaardigheid en wijsheid tegenover dwaasheid (vers 22). De geest van de waarheid contrasteert in 1 Johannes 4:6 met de geest van de dwaling. Het zelfde vers stelt dat, omdat gelovigen uit God voortkomen, zij het onderscheid tussen waarheid en dwaling kunnen maken. Waarheid is een eigenschap van Gods schepping. In vers 20 wordt een beroep op het menselijk verstandelijke vermogen gedaan om de schepping te willen begrijpen. In vers 25 wordt duidelijk dat als liegen in de plaats komt van waarheid spreken over God, dit rechtstreeks een belediging is van de schepper zelf: afgodendienst. In Romeinen 8:19-22 schrijft Paulus dat de schepping die in nood is, en aan zinloosheid is overgeleverd, wacht op het openbaar worden van de kinderen van God. 2 Korintiërs 5:17 geeft dat wie één is met Christus, een nieuwe schepping is.
Aanwijzingen voor de prediking
Wat aanspreekt in de brief van Paulus is de vrijmoedigheid die hij vindt in zijn geloof in Jezus Christus: voor dit evangelie schaam ik mij niet, zegt hij. Paulus verwoordt dan Gods woede over de corruptie die er kennelijk onder de mensen gaande is. Hij roept op tot verzet daartegen. Je kunt immers goed weten waar God voor staat. Je mag je niet van de domme houden. Als je God wilt eren, wordt er van je verwacht dat je je in zijn openbaring ten aanzien van recht en onrecht verdiept. Zo wordt ook openbaar aan welke kant je staat.
Vroeger is de waarheid in de kerk te veel als massief gegeven geponeerd. Alsof de kerk de waarheid in pacht heeft. Maar de relativering – wat is waarheid? zei Pilatus (!) –brengt nieuwe vormen van onrecht met zich mee.
Het verdraaien van de waarheid en de groei van onrecht in de samenleving zijn direct aan elkaar gekoppeld. De voorbeelden die we heden ten dage in de grote politiek zijn niet van de lucht. We zien dat meer dan ooit politici de wetenschap negeren of de journalistiek verdacht maken wanneer de waarheid onwelgevallig is. Denk maar aan de klimaatontkenning. Liegen over feiten doet kennelijk denken dat men de werkelijkheid zelf kan veranderen. Paulus roept op om het gezonde verstand te laten spreken, want over de mensen die liegen zegt hij ‘terwijl ze beweren wijs te zijn, zijn ze dwaas’ (vers 22). Hier kan de prediker als de situatie op dat moment nog zo is als die zich nu laat aanzien, man (Trump) en paard (zijn entourage) noemen rond de Amerikaanse presidentsverkiezingen.
De tegenbeweging van Amerikaanse christenen is er ook: met een referentie aan Dietrich Bonhoeffer ligt er in 2018 de geloofsbelijdenis Reclaiming Jesus. Hier verzet men zich tegen een politiek die ten diepste als blasfemisch wordt ervaren: strijdig namelijk met alles wat de God van Israël en de Vader van Jezus Christus in waarheid als rechtvaardig geschapen heeft. De waarheid geweld aandoen, daar zelf beter van willen worden en zo onrecht in de wereld brengen is een vorm van afgoderij en zedeloosheid. God is een God van waarheid, ontmaskert de leugen, duidt leugens en onrecht als kwaad.
Waarheid is een kwaliteit van de Geest (net als wijsheid). Zonder waarheid geen vrijheid. Paulus roept ons op om voor de waarheid op te komen, ook al voel je dat je risico´s loopt (zie Romeinen 6:4). Maar precies dat is het evangelie van Jezus Christus; schaam je daarvoor niet. Met Bonhoeffer beseffen we dat in het opkomen voor waarheid, het geloof in Jezus Christus zelf op het spel staat. Het criterium ligt uiteindelijk niet in ons, maar in de schepping van God die waarheid en gerechtigheid tot grondslagen van de werkelijkheid heeft gemaakt.
Met kinderen en tieners
Een gesprek met de kinderen in de kerk kan gaan over leugens over iemand vertellen bij pesten, of wat je aan kwaadsprekerij tegenkomt op sociale media. Voor de wat oudere jongeren kun je doorpraten over trollen, fake accounts en ‘alternatieve waarheden’. Is waarheid tegenwoordig nog wel belangrijk, of is wat mensen denken dat de waarheid is eigenlijk nog belangrijker? Wat vinden de jongeren daarvan? Hebben ze een tip voor de andere kerkgangers?
Liturgische aanwijzingen
Naast dit gedeelte uit de Romeinenbrief kan Psalm 25:1-10 en/of Johannes 14:1-7 gelezen worden.
Zingen uit NLB: psalmlied 43, psalmlied 94:7, lied 210:3, lied 314:2, lied 653:7, lied 1005:1.
Geraadpleegd
-
L.J. Lietaert Peerbolte ‘De brief aan de Romeinen’ in J.Fokkelman en W.Weren (red) De Bijbel literair, Zoetermeer 2003, p 569-586.
-
K.A. Deurloo, Schepping van Paulus tot Genesis, Kampen 2008 p 96 ev.
-
M. Kakutani, Het einde van de waarheid – over leugens in het tijdperk van Trump (vert.) Houten 2018.
-
De geloofsbelijdenis www.reclaimingJesus.org, met o.a. het vierde artikel over waarheid.