Menu

None

Roepingenzondag

Prediking

De vierde zondag van Pasen (de derde ná) is in veel kerken ‘roepingenzondag’. Namens De Eerste Dag en Prediking delen we hier graag enkele creatieve liturgische suggesties en wat inhoudelijke inspiratie om mensen van alle leeftijden te betrekken bij de vieringen rond het thema ‘roeping’.

Geroepen

Instrueer voor de dienst een kind of tiener (of volwassene) om iets te roepen. Op geschikte maar verrassende momenten in de dienst roept een kind een opdracht die gemeenteleden zouden kunnen uitvoeren. Begin een beetje eenvoudig en laat de opdrachten steeds wat ongemakkelijker worden.

Maak de opdrachten gerust passend bij de situatie in jouw gemeente:

  • Aan het eind van de afkondigingen: He, mensen, ga staan en zing lied XX (nummer of titel van het intochtslied). Uiteraard spreek je met de muzikant(en) af dat die gelijk inzet(ten), zodat de gemeente automatisch luistert.
  • Na het intochtslied. He, mensen, geeft je buren eens een hand. Als voorganger knik je de aanwezigen bemoedigend toe en geef je ook een paar handen. Niet als officiële vredesgroet, maar als opvolging van de roep.
  • Voor het eerste gebed: He, mensen, wees stil en bid.
  • Vóór de bijbellezingen: He mensen, doe je oren en hart eens open! Als voorganger sluit je hierop aan met een gebed om de Geest/bij de opening van de Schrift.
  • Aan het begin van de preek kun je laten roepen: He, mensen, doe je handen eens omhoog en zwaai naar de dominee.
  • Dan kun je terugzwaaien en beginnen met ‘gemeente van onze Heer Jezus Christus, geliefde mensen’.

Om vervolgens in te gaan op roepen, roeping en luisteren naar je roeping.

Het begin van de geroepen opdracht moet steeds hetzelfde zijn zodat mensen doorkrijgen dat ze dan moeten luisteren: ‘He mensen’; of ‘Broeders en zusters’; of ‘Hallooooo!’; net wat bij jullie of het kind past.

Gaan de kinderen voor de lezingen naar de kindernevendienst, zul je met één kind moeten afspreken om wat langer te blijven. Of je schakelt een tiener of volwassene in om het over te nemen.

Gesprek

Als de kinderen naar de kindernevendienst gaan, kun je ze zelf eventueel naar voren ‘roepen’: ‘He, kinderen, kom eens naar voren?’ Je kunt er ook voor kiezen om ze nog even te laten zitten en het gesprek met de hele gemeente te voeren: hoe is het om geroepen te worden? Is het makkelijk om te luisteren? Maak het uit wie je roept? Vertel? Voer een open gesprekje. Ga daarna verder door te vertellen dat het in deze dienst niet zomaar om roepen en luisteren gaat, maar om God die mensen roept. Hierover horen de kinderen meer in de nevendienst en de andere mensen hier in de kerkzaal.

God roept

Vervolg van het kindermoment of onderdeel van de preek:

Heeft iemand God wel eens horen roepen? Hoe ging dat? Luister naar de reacties en herhaal ze in je microfoon. Eventueel kun je vervolgens een ambtsdrager hierover aan woord laten (wel vooraf vragen, zodat deze er over na kan denken), of je deelt iets van je eigen roepingservaring.

Invalshoek

Het woord roeping heeft, naast het kerkelijk verstaan, ook nog andere connotaties, die een plek mogen krijgen in de viering:

Weggeroepen uit…

Weggeroepen worden uit een situatie die je vasthoudt – soms is die roep een sterk gevoel van ‘dit is niet goed, dit moet niet zo blijven’. Slachtoffers van mensenhandel, mensen die te maken hebben met huiselijk geweld, mishandeling, misbruik, pesten: ze weten allemaal, diep van binnen – of komt dat dan van ‘elders’? – dat het niet klopt, dat hun situatie niet rechtvaardig is. Maar luisteren naar die stem is ook heel eng, omdat je de consequenties niet kunt overzien.

En dat geldt ook voor de roep om recht die klinkt als je onrecht ziet. Dit klopt niet, dit is niet goed. Veel mensen ervaren het als ze zien hoe dieren lijden voordat ze consumptievlees worden. Anderen ervaren het als ze zien hoe mensen lijden in eigentijdse slavernij. Je weet, voelt aan alles dat het niet klopt. Maar dat gevoel, die roep serieus nemen is lastig. Het heeft consequenties voor je eigen leven, je eigen keuzes. Is het je dat waard? Durf je die consequenties te aanvaarden? Soms kun je alleen maar bidden dat die stem blijft klinken, pijnlijk, als een specht aan je gehoorbeen (Lied 828; Liedboek, zingen en bidden in huis en kerk)

Geroepen om…

Geroepen worden om iets te doen, dat zullen veel mensen herkennen. Soms weet je ineens, of gaandeweg, dat het jóuw taak is om dit te doen. Iets in de kerk, of in de samenleving. Mensen die een kind met een handicap adopteren, die voor een zieke buur zorgen, die een zielig konijn verzorgen, die… noem maar op. Voorbeelden van roeping kunnen zo klein en zo groot zijn als het in jouw leven past.

Geroepen tot…

Maar roepingen hebben altijd te maken met iets dat je belangrijk vindt. Niet voor jezelf, maar voor ‘het grotere geheel’: de kerk, de maatschappij (burgemeesterschap is ook een roeping), jouw gezin, je vrienden, goede doelenorganisatie… Voor veel mensen zit er ook iets van roeping in het werk. Mooi om daar eens naar te vragen, of minstens de vraag op te roepen: waar in je werk ervaar je iets van roeping?

Een roeping is ook niet altijd specifiek. Soms denken we (hopen we) dat we geroepen worden tot iets heel helders: ‘jij wordt deeltijdpredikant in deze plaats’. Doorgaans werkt het zo niet. Je weet je geroepen om theologie te studeren misschien, en gaandeweg ontdek je wat je daarmee kunt en wat jou ligt: predikantschap, priesterschap, onderwijs, wetenschapper, geestelijk verzorger, kerkelijk werker, pastoraal beleidsondersteuner… Een roeping is vaak een weg.

Geroepen is ook gedragen worden

Een roeping is soms lastig, ongemakkelijk. Maar als het God is die je roept, dan mag je je ook gedragen weten. Zoals je een roeping soms ervaart door wat gewone mensen tegen je zeggen, zo zijn het ook gewone mensen die je kunnen dragen in je ambt. Door je te helpen, voor je te bidden, aandacht aan je te geven. Het grote geheel dat je dient met je roeping, is ook het grote geheel dat je draagt. Dat zie je ook terug in de formulieren / liturgische aanwijzingen rond een ambtsbevestiging. God vraagt misschien wel ongemakkelijke dingen van ons, maar geen onmogelijke. Het zijn de gewone mensen die God de medeverantwoordelijkheid heeft gegeven om Zijn Rijk waar te maken. Hij vertrouwt erop dat we het kunnen. Nu wij nog…

Bezinning in praktijk

Maar wat betekent dit nu voor de kerk? Veel kerken zoeken ambtsdragers: kerkenraadsleden, voorgangers… Deze zondag vraagt daar aandacht voor en wil mensen motiveren om zich voor te bereiden op een ambt. Tegelijk roept het ook een bezinning in de kerkenraad op. Wat betekent het om ambtsdrager te zijn? Is het de theologische overtuiging is er ook van alles aan verwachtingen dat meekomt? In de hoofden van gemeenteleden, of ook in de praktijk?

Verzamel eens wat vooroordelen die jullie kennen:

  • Een ambtsdrager moet een supergelovige zijn
  • Een ambtsdrager moet mensen bezoeken
  • Een ambtsdrager moet afkondigingen doen

Kloppen deze vooroordelen? En zijn het inderdaad wetten van Meden en Perzen, of zou het ook anders kunnen. Als je je geroepen voelt om in het ‘bestuur’ van de kerk zitting te nemen (ouderling te worden) is het niet per se logisch dat je ook de pastorale gaven hebt om bezoekwerk te doen. Of het lef dat het vraagt om vooraan in de kerk te spreken… Kun je ook ambtsdrager zijn zonder deze zaken?

En als het gaat over dominee worden… misschien is het goed om eens te delen hoe je eigen weg is geweest? Was/ben je inderdaad een supergelovige, of ben je gegroeid/groei je nog altijd door je eigen twijfels heen? Kon jij voor je eraan begon alles al, of heb je ook dingen geleerd? Kun je alleen direct na je middelbare school geroepen worden, of zijn late roepingen ook echte roepingen? Moet je, als je aan een studie theologie begint, al precies weten hoe je leven er verder uit gaat zien, of mag de roeping zich ook verder openbaren tijdens het leven (zie ook hierboven)?

Het klinkt als open deuren intrappen, maar deze twijfels en gedachten blijken hardnekkig. Neem ze dus serieus, en als je jezelf te vaak hetzelfde hoort herhalen, voeg dan een korreltje zout en wat humor toe.

Ds. Marloes Meijer is Regiopredikant op de Brabantse Wal en hoofdredacteur van De Eerste Dag en Prediking.

Meer informatie over roepingenzondag vind je op:

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken