Menu

Premium

Rustig maar, ik ben er ook nog!

Verhaal

Een beetje beteuterd komt Ben de klas binnen strompelen.

‘Wat is er met jou aan de hand?’ vraagt meester Theo. ‘Heb je gevochten?’

‘Ja,’ zegt Ben. ‘En hard ook. Ik heb die klierige pestkoppen alle drie onderuit gehaald.’

‘En nu?’ vraagt de meester. ‘Heb je je pijn gedaan?’

‘Nee, eh, ja, ik bedoel: dat is het niet,’ zegt Ben, terwijl hij over zijn zere scheenbeen wrijft. ‘Maar ik baal er eigenlijk van dat ik nou óók ben gaan vechten. Zo wordt het alleen maar steeds erger.’

Meester Theo kijkt eens naar Ben. Wat een bijzonder joch is dat toch eigenlijk. Waarom zou een kind zich zo verantwoordelijk voelen voor wat er om hem heen gebeurt?

‘Hier,’ zegt de meester tegen hem. ‘Kijk eens, ik heb net een taartje gekregen. Jij mag het hebben. En rustig maar: ik ben er ook nog. Jij hoeft niet in je eentje voor onze klas te zorgen. Er zijn genoeg kinderen die niet van dat gepest houden. Het komt wel goed met onze klas.’

Vraag

Heb je dat ook wel eens, dat je iets goeds wilt doen, maar dan juist klappen krijgt?

De profeet Elia had dat ook…

Wellicht ook interessant

None

Studiemiddag op 4 juni naar aanleiding van publicatie ‘Gods slaafgemaakten’

De beroemde voormalige slaafgemaakte en abolitionist Frederick Douglass (1818-1895) was christen én buitengewoon kritisch op het christendom van vele slaveneigenaren in de Verenigde Staten. Die laatste vorm van christendom noemde hij “slaveholding religion” en die plaatste hij tegenover wat hij zag als het ‘echte christendom’ – de “Christianity of Christ”. In zijn recente boek Gods slaafgemaakten laat historicus en theoloog Martijn Stoutjesdijk zien dat beide interpretaties van het christendom eigenlijk altijd al aanwezig zijn geweest in de Bijbel en geschiedenis van het christendom.

None

Recensie van Amsterdamse Cahiers: Jesaja

Als predikant heb je je vaak te buigen over fragmenten uit het complexe Bijbelboek Jesaja. De bekendste flarden keren jaarlijks terug, vaak in combinatie met het Nieuwe Testament. Tekstfragmenten die ‘iedereen’ kent, roepen vaak allerlei beelden en herinneringen wakker (‘je hebt me bij de naam geroepen/ je bent de mijne’; ‘het volk dat in duisternis ronddoolt’; ‘zwaarden, ploegscharen…’). Tegelijkertijd blijft het grootse deel van de profetie doorgaans gesloten.

Nieuwe boeken