Menu

Basis

Waar zijn onze doden?

waar zijn onze doden

Als onze doden ‘daarboven’ zijn, zoals veel mensen zeggen, waar is dat dan en wat is dat dan? Een hemel waar je eeuwig leeft, waar alles goed is en waar aan niets tekort is? Een plaats bij God? Een oord van rust en vrede en licht?
We hebben behoefte aan een beeld, een gedachte, een geloof dat ons in verbinding brengt met de overledenen. 

In een kleine kamer in het ziekenhuis sta ik bij het bed van een stervende vrouw. Zij is niet meer bij bewustzijn. Om het bed zitten haar drie dochters. Zij hebben gevraagd om de ziekenzalving en dat ritueel voeren we nu uit. Het is ontroerend om te zien met hoeveel aandacht de dochters een kruisje met zalfolie tekenen op het voorhoofd van hun moeder en haar bedanken of iets toewensen. Het treft me wat de oudste dochter zegt: ‘Ma, doe de groeten aan papa daarboven! En ook aan Pieter…’ Vader is een paar jaar geleden overleden, Pieter is een jong gestorven broertje, vertellen de dochters me. Hun moeder ging vaak even voor hun foto’s staan en mompelde dan: ‘Als het mijn tijd is, ga ik naar jullie toe’. Zij was ervan overtuigd dat zij daarboven op haar wachtten en haar welkom zouden heten als haar tijd gekomen was. Haar man had immers beloofd dat hij een mooi plaatsje voor haar zou reserveren, dáár waar hij naar toe zou gaan?!

Waar zijn onze doden? Als zij ‘daarboven’ zijn, zoals veel mensen zeggen, waar is dat dan en wat is dat dan? Een hemel waar je eeuwig leeft, waar alles goed is en waar aan niets tekort is? Een plaats bij God? Een oord van rust en vrede en licht? Het engel-land uit het kinderliedje over de witte en de zwarte zwanen? We hebben behoefte aan een beeld, een gedachte, een geloof dat ons in verbinding brengt met de overledenen. Want de mensen met wie je hebt geleefd, van wie je hebt gehouden en van wie je nog steeds houdt: die relatie is niet voorbij als zij gestorven zijn, de verbinding blijft.

Als mensen mij vragen waar we naar toe gaan na de dood, vertel ik dat ik geloof dat we bij God vandaan komen en dat God ons bij ons sterven opvangt. Hoe dat ook mag zijn…
De joodse wens Moge haar (zijn) ziel gebundeld worden in de bundel van het eeuwige leven vind ik heel mooi. Die wens zie je vaak als afkorting in Hebreeuwse letters op de grafstenen op een joodse begraafplaats. Je kunt hem letterlijk teruglezen in het bijbelboek 1 Samuel (hoofdstuk 25, vers 29). De Nieuwe Bijbelvertaling zegt het met andere woorden, maar net zo prachtig: Het steentje van uw leven zal veilig geborgen zijn in de buidel waarin de Heer, uw God, de mensenlevens bewaart
Je bent geborgen bij God. Dan is het altijd goed. En zoals God ons bewaart, zoals wij geborgen zijn bij de Eeuwige, zo bewaren wij onze dierbare doden in onze ziel.

Karen van Huisstede is geestelijk verzorger/predikant in het Amphia Ziekenhuis Breda-Oosterhout.

Dit is een ingekorte versie van een bijdrage aan ‘Ik mis je. Verhalen over rouw en verlangen’ (uitgave van Maandblad Open Deur)

Wellicht ook interessant

Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
None

Interview: “Ik wil een eerlijk gesprek over de doodswens”

Mensen die niet meer willen leven, krijgen niet zomaar euthanasie. Er zijn strenge eisen waaraan moet worden voldaan, voordat het eigen leven bewust gestopt kan worden. Maar als een euthanasieverzoek wordt afgewezen, is de wens om te sterven vaak niet verdwenen. Soms kiezen mensen dan voor ‘de autonome dood’, een zelfgeorganiseerd levenseinde. Hoe is dit voor nabestaanden? Krina Huisman deed er onderzoek naar en schreef het boek Nabestaan. Leven na de autonome dood. Redacteur Maartje Amelink ging met haar in gesprek.

Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Basis

Lazarus voorbij

AI zo lang als er mensen bestaan, gaan ze ook dood. Het zou dus moeten wennen, maar dat is niet zo. En daar zijn wel wat redenen voor: onze herinnering reikt niet tot de eerste mens; voor eenieder is er altijd een eerste betreurde dode in zijn of haar leven. Daarbij is de dood geen optelsom van steeds en altijd hetzelfde. Sterft er iemand, dan nemen we afscheid van een persoon zoals er nooit eerder een geweest is, en ook nooit meer een zal zijn. Vervelend is ook dat de dood zo veel gezichten heeft. Mensen kunnen vreselijk sterven, maar ook heel mooi. Veel te jong, en ja, soms ook te laat. In verzet, maar ook in overgave. Overvallen, maar ook voorbereid. Zinloos, maar ook zinvol.

Nieuwe boeken