< Terug

Grensoverschrijdend seksueel gedrag

Wat doe je als gemeente als een grens wordt overschreden?

Bij grensoverschrijdend gedrag in een pastorale relatie raakt zeker ook de gemeente zélf gewond. Wat is nodig om ‘dat beschadigd lichaam van Christus’ te (helpen) helen…?

Inleiding

“Ik had nooit, nooit kunnen denken dat dit mij zou kunnen gebeuren. Ik beschouw mezelf als iemand met een goed werkend moreel kompas, met bijbelse overtuigingen over liefde, trouw en integriteit waar ik ook altijd naar heb gehandeld. Mijn man vertrouwde mij altijd volledig en ik mijzelf ook. Ik vind mezelf niet iemand die makkelijk te manipuleren en te misleiden is. Ik maakte me af en toe wel zorgen, had het gevoel dat er iets niet klopte en later dat het de verkeerde kant op ging, maar ik dacht dat ik sterker was dan dit, dat ik volwassen genoeg, eerlijk genoeg, mondig genoeg, kritisch genoeg, rationeel genoeg, intelligent genoeg en emotioneel stabiel genoeg was. Ik zag de bedreiging, de risico’s niet goed en nam ze niet serieus genoeg. Ik ben op den duur mijn intuïtie gaan negeren, omdat ik het niet wilde zien. Ik wilde na verloop van tijd de vriendschap te graag, vond er teveel in, werd te afhankelijk, nam daarom te weinig actie op de rode vlaggen en waarschuwingen die er waren, en ik onderschatte mijn eigen kwetsbaarheden. Ik zag gewoon niet hoe gevaarlijk het was wat er gebeurde.”

Seksueel misbruik in een pastorale relatie gebeurt. En het is niet eens zo zeldzaam. Kort geleden deelde een vrouw, Judith, haar recente ervaringen met mij. Wat zij vertelde was voor mij op zich niet nieuw. Ik heb er onderzoek naar gedaan. En toch treft het me weer enorm. Hoe ongelóóflijk pijnlijk en schadelijk het is als een pastor de grenzen overschrijdt. Hoe lastig het is om er goed mee om te gaan. De veerkracht van deze vrouw en haar worsteling om opnieuw grond onder de voeten te krijgen. Haar geweldige drive om op een goede en constructieve manier iets te doen met deze ervaring. En haar in mijn ogen profetische inzet voor een kerk waarin dit niet meer gebeurt.

Kerken hebben geleerd van de geschiedenis en ook van de media-aandacht rond misbruik

Er is veel bereikt…

In de afgelopen decennia is er veel gebeurd als het gaat om seksuele contacten van pastores met gemeenteleden. Werden deze contacten vroeger vooral als vorm van overspel beschouwd, waarbij de vrouw vaak als verleidster werd gezien (romantisch discours), nu is er oog voor de machts-asymmetrie van de pastorale relatie. Het waarborgen van de veiligheid in de pastorale relatie wordt nu nadrukkelijk gezien als de verantwoordelijkheid van de pastor (machtsdiscours). Kerken hebben geleerd van de geschiedenis en ook van de media-aandacht rond misbruik. Grensoverschrijdingen worden nu doorgaans uiterst serieus genomen en de doofpotcultuur wordt tegengegaan.

De gemeentebegeleider draagt er zorg voor dat álle betrokkenen krijgen wat ze nodig hebben
  • Er zijn meldpunten zoals ‘SMPR -Meldpunt misbruik in de kerk’, waar meerdere kerken bij zijn aangesloten. Hier is alle expertise bij elkaar. Mensen kunnen er (desgewenst anoniem) terecht met hun vragen en ervaringen. Maar ook gemeentes kunnen hier informatie vragen of een deskundige met hen mee laten denken.
  • Er zijn protocollen en procedures. Zoals het ‘Protocol voor gemeenten die geconfronteerd worden met (seksueel) misbruik in pastorale en gezagsrelaties’, een onmisbaar en zorgvuldig hulpmiddel vanaf het allereerste signaal of vermoeden dat iets misschien niet goed is.
  • Er zijn vertrouwenspersonen die benadeelden begeleiden. Zij zijn erin getraind dicht bij de ander te blijven. Waar is zij of hij aan toe? Zij zijn er. Zij luisteren. Zij kennen de mogelijkheden. Zij begeleiden. Maar zij pushen niets. Iemand die grensoverschrijding heeft ervaren, is immers de regie over het eigen leven kwijtgeraakt. Het hervinden van de eigen regie en het eigen tempo is dan ook een heel belangrijk aspect in het proces van herstel.
  • Er zijn gemeentebegeleiders. Gelukkig! Als seksuele grensoverschrijding in de gemeente aan het licht komt, dan is het immers alsof er een steen door het relatie-web van de gemeente wordt gegooid. De ravage is enorm. Zeker in de buurt van de misbruikte en haar of zijn eventuele partner en gezin. Maar het raakt iederéén. Een geloofsgemeenschap kan erdoor tot op het bot verdeeld raken. De grensoverschrijdende predikant heeft immers ook zoveel goeds gedaan: ‘het kan toch gewoon niet waar zijn…’. De gemeentebegeleider draagt er zorg voor dat alle betrokkenen de begeleiding krijgen die zij nodig hebben, stelt samen met de kerkenraad een stuurgroep in, zorgt voor heldere en zorgvuldige communicatie en ondersteunt het proces. Als na een klacht de pastor inderdaad schuldig is bevonden, dan is er een daderbeleid dat de begeleiding van de grensoverschrijdende pastor waarborgt en dat criteria biedt voor een eventuele terugkeer in het ambt.

Er is dus veel bereikt! En dat is ontzettend waardevol.

… en er is nog veel te doen!

Seksuele grensoverschrijding in een geloofsgemeenschap is echter niet alleen ontzettend schadelijk, maar, zo blijkt telkens weer, ook heel lastig om te begeleiden. Hoe zorgvuldig de procedures ook zijn, soms werkt het toch niet goed. Daarom wil ik hier aan de hand van de ervaringen van Judith twee aandachtspunten noemen die bij de begeleiding hopelijk kunnen helpen.

Spiritueel misbruik

Bij al het vele wat er is bereikt, blijft het kennelijk toch lastig om goed uit te leggen wat seksuele grensoverschrijding in een pastorale relatie is en doet. Kan dat beter? Ieder nadenken over de pastorale relatie dient uit te gaan van de verantwoordelijkheid van de pastor voor de veiligheid van het contact. Dat is de basis. Daarachter kan en wil niemand terug. Maar er zijn wel redenen om het machtsdiscours te nuanceren of aan te vullen, om op die manier beter recht te doen aan wat er gebeurt. Zo pleit Judith bijvoorbeeld voor meer aandacht voor wat in haar ogen de kern is:

“Er zat zoveel waarheid in wat hij zei, dat het moeilijk was om de leugen erin te onderscheiden. Bijbelteksten verdraaid en misbruikt, de waarheid tot leugen gemaakt en de leugen tot waarheid. En onbegrijpelijk hoe ik dat ging geloven en er in mee ben gegaan. Alles wat met Bijbel, geloof en kerk te maken heeft voelt daardoor nu besmet. Dat vind ik zelf het alleringrijpendste, het allerpijnlijkste, het allerschadelijkste én het allergevaarlijkste hiervan. De kern, de crux van seksueel grensoverschrijdend gedrag in pastorale relaties, is wat mij betreft niet zozeer het schenden van vertrouwen, en zelfs niet het schenden van het lichaam, maar het schenden van de ziel, door de geloofsonveiligheid die ontstaat door het spiritueel misbruik. Het komt op mij over, in de protocollen en processen die ik nu zelf meemaak, dat die zijn doorgeschoten naar een soort zakelijke benadering van overschrijding van gedragscodes en onprofessioneel handelen in een ongelijkwaardige setting zonder aandacht voor de kern van de predikant die God, Bijbel en geloof voor zijn karretje spant om te krijgen wat hij wil hebben.”

De kern… is het schenden van de ziel, door spiritueel misbruik en geloofsonveiligheid

De onzichtbaarheid van het primaire slachtoffer

Als een gemeente met grensoverschrijding wordt geconfronteerd, is er meestal veel aandacht voor de grensoverschrijdende pastor. Dat is ook begrijpelijk. De pastor is immers heel zichtbaar in de gemeente, hij of zij betekent veel voor mensen en de consequenties voor de pastor en het eventuele gezin kunnen groot zijn. Ook de mensen die grensoverschrijding ervaren, maken zich zorgen om de pastor. Aan de stappen die zij zetten gaat immers een grote verbondenheid met de pastor vooraf en een diep loyaliteitsconflict, wanneer zij het misbruikende karakter van de relatie pijnlijk steeds meer onder ogen beginnen te zien. Ook zij hopen op goede zorg voor de pastor en diens gezin.

.. de gemeente dient meegenomen in een proces van bewustwording en heling

Maar vaak is er vanuit de geloofsgemeenschap veel aandacht voor de pastor en ervaren zij amper zorg voor henzelf en voor hun gezin. Terwijl zij die in deze zware en zwarte periode van hun leven zo nodig hebben. Hoe verbonden zij ook waren met mensen in de gemeenschap, vaak krijgen zij het gevoel dat bijna alle contacten opeens zijn verbroken. Er wordt nu óver hen gesproken, maar niet meer mét hen. De gemeente heeft misschien het gevoel er de hele tijd mee bezig te zijn omdat ze met ‘de zaak’ bezig is. Maar dat is iets anders dan omzien naar de mensen die het het meeste raakt.

“Het voelt alsof het hele concept van ‘identiteitsbescherming’ ons vooral monddood heeft gemaakt en meer schade heeft aangericht, aangezien de predikant wel de ruimte en het podium heeft gekregen om zijn verhaal te doen. En hoe zit het dan met het om de benadeelden heen staan? Niet meer dan een functioneel informatielijntje met een contactpersoon? En de rest uitbesteden aan de ‘betreffende instanties’ (…)?

Als het gaat om een veilige kerk, zou het er volgens mij in iedere stap van het proces om moeten gaan dat de veiligheid van de benadeelden (en dat betreft dus in dit geval ons hele gezin, niet alleen ik) in de kerk zoveel mogelijk geborgd wordt en liefst ook dat de gemeente wordt meegenomen in een proces van bewustwording en mogelijk heling. Dat is wat anders dan de rust in de gemeente te krijgen en zo snel mogelijk ervan af willen zijn, want dan houd je volgens mij zo’n ongezond systeem in stand.”

Zorg voor een beschadigd lichaam

Elders gebruikte ik het beeld van de getroffen gemeente als beschadigd lichaam van Christus. Als een beeld dat de gemeente kan helpen om het eigen beschadigd zijn onder ogen te zien, om een stapje terug te doen, goed voor zichzelf te zorgen en hulp te zoeken. Het is mijn overtuiging dat een gemeente die erin slaagt de primaire slachtoffers in dit proces nabij te blijven en te zien wat deze de gemeente juist te bieden hebben, daarmee de genezing van het héle lichaam ondersteunt.

Christiane (dr. C.) van den Berg-Seiffert deed onderzoek naar de relationele dynamiek in geloofsgemeenschappen na seksuele grensoverschrijding in een pastorale relatie, vanuit het perspectief van primaire slachtoffers. Thans is zij pastor van de oecumenische Ekklesia Leiden en werkzaam als supervisor en pastoraal supervisor.

Verdiepingsvragen namens de redactie

  • Ben je op de hoogte van bijvoorbeeld het SMPR en het protocol dat in veel kerken gebruikt wordt? Op internet kun je daar meer informatie over vinden: www.smpr.nl.
  • Zijn er in je gemeente vertrouwenspersonen aangewezen? Zijn zij gemakkelijk te vinden voor wie op zoek is naar een betrouwbaar luisterend oor? (zie bv. het stappenplan op www.veiligekerk.nl).
  • Spreek door over de uitspraak: ‘Het is mijn overtuiging dat een gemeente die erin slaagt de primaire slachtoffers in dit proces nabij te blijven en te zien wat deze de gemeente juist hebben te bieden, daarmee de genezing van het hele lichaam ondersteunt.’

< Terug