Joan Chittister, Het monastieke hart, 50 stappen naar een contemplatief en zinvol leven
Recensie van het boek Het monastieke hart, 50 stappen naar een contemplatief en zinvol leven van Joan Chittister.
Recensie van het boek Het monastieke hart, 50 stappen naar een contemplatief en zinvol leven van Joan Chittister.
Matthijs de Jong onderzoekt in dit artikel hoe Job 42:6 het beste vertaalt kan worden. Welke rol heeft rouw in het boek Job, en welke invloed heeft dat op de vertaalkwestie die zich in 42:6 voordoet?
In de wintermaanden worden de beelden in de tuinen van het paleis van Versailles vakkundig in hoezen gewikkeld om ze te beschermen tegen vorst en de mogelijke gevolgen ervan: breuken en scheuren. Wie in deze maanden de tuinen teleurgesteld verlaat omdat hij of zij de beelden niet kan zien zoals ze er in de zomermaanden in voile glorie prijken, mist een derde oog. Ook de verhulde beelden zijn (als je dat wilt) als kunst te zien.
Henk Post schrijft deze preekschets over Job voor een zondag in de zomer. ‘Job’ speelt zich af in een concrete maatschappelijke context. God noemt Job rechtschapen. Zo treedt hij ook de vreemdeling tegemoet, de vluchteling, de asielzoeker. Het Bijbelgedeelte is: Job 29:11-17.
In dit artikel kijkt Bart J. Koet naar de verschillende manieren waarop Jezus en Johannes de Doper – of Jan de Doper – omgaan met ascese. In deze tekst wordt duidelijk dat Jezus Jan de Doper schetst ‘als een profeet die dicht bij hem staat en die in zijn leerstijl weliswaar heel anders is, maar toch complementair aan Jezus zelf’.
In de gebrandschilderde ramen van de Goudse Sint-Jan krijgen we een bijzondere, kunstzinnige blik op Johannes de Doper, de naamgever van de kerk. In dit artikel komt naar voren hoe Johannes en Jezus verweven zijn.
In dit artikel bespreekt Riemer Roukema de wijze waarop er naar Johannes de Doper werd verwezen in het vroege christendom. Roukema gaat in op verwijzingen in onder andere vroeg-katholieke en orthodoxe werken en apocriefe teksten die voort zijn gekomen uit in de kerk overgeleverde tradities.
In dit bijschrift kijkt Willien van Wieringen naar de verbeelding van de onthoofding van Johannes de Doper, en de gedachtes die dit oproept.
Zoals kinderen vroeger gespeend werden (tot hun derde ontwenden ze stap voor stap de moederborst), zo worden gelovigen in fases volwassener in hun omgang met God. Johannes van het Kruis beschrijft met deze metafoor hoe God beginnende gelovigen omhoog wil trekken naar een hogere graad van liefde.