Menu

Premium

De huisvriend

Bij Johannes 16,5-15

Jos en Andrea hebben een vader en een moeder, die hebben allebei een baan en zijn heel druk. Wanneer ze thuiskomen van hun werk, zijn ze een beetje gaar. Ze hebben niet altijd zin in een spelletje en ze helpen niet elke dag met huiswerk maken. Dat moeten de kinderen zelf maar doen.

Op een dag is er nieuws: ze krijgen een student in huis, die een jaartje bij hen komt wonen. Hij komt uit Afrika of zo en hij heet Kwame. Ze noemen hem Charles. ‘Wat studeer je?’ vraagt Jos. ‘What?’ roept Charles. ‘Ah, I see. Economic Science! ‘Hij studeert economie,’ zegt mama. De kinderen weten niet goed wat dat is, maar ze zien dat Charles bezig is met boeken en op zijn laptop. Hij slaapt in een klein kamertje dat ze nog over hadden en hij eet mee aan tafel. Hij zit soms in de woonkamer aan tafel te werken. Maar vaak als ze uit school komen heeft hij de televisie aangezet en kijkt hij naar sport of naar het nieuws in het Engels. Hij is ontzettend aardig en moet altijd lachen. Ze praten Engels met hem. Hij leert het hen. Ze leren hem een paar woordjes Nederlands: ‘Dankoewel’ en ‘Lekkerslapen’. Ze mogen hem alles vragen. Over zijn land en over zijn vader en moeder en zijn broers en zusjes. Ze eten daar geen boterhammen, maar altijd soep of een prutje, met brood daarbij. Charles kookt bij hen ook weleens voor de hele familie. De kinderen gaan eerst met hem naar de Jumbo om boodschappen te doen. Dat duurt wel een uur, maar hij vindt er de vreemdste dingen en daar maakt hij dan een maaltje van. Geen eten voor kinderen, maar ze roepen altijd dat het ‘very nice’ is. Hij leert ze spelletjes en ze knutselen poppetjes en speelgoedjes. Hij is algauw een vriend voor iedereen, een huisvriend.

Dan komt de dag dat Charles weer weggaat. Ze vinden het vreselijk, maar ja, dat is de afspraak. ‘Come see me in my father’s house,’ zegt Charles. ‘Goed idee,’ zegt papa, ‘volgend jaar.’ De kinderen weten zeker dat ze Charles nooit zullen vergeten. Charles omhelst de hele familie bij het afscheid, ook papa en mama. Bij het afscheid krijgen ze van Charles een klein boekje, een soort schriftje, waar hij een mooi kaftje om heeft gemaakt met hun naam erop, en ook staat er ‘van Kwame’ op. Ze moeten daar alles in opschrijven wat ze zich van hem herinneren.

Krijgen de kinderen in de kerk ook zo’n klein boekje? Wat zullen ze daarin schrijven?

Wellicht ook interessant

Nathan en Rozamaryn
Nathan en Rozamaryn
Basis

De scheuren van het mens-zijn

Gen Z lijkt meer interesse te hebben in religie, klopt aan bij kerken en staat open voor zingevingsvragen. Hun mentale gezondheid gaat achteruit door prestatiedruk, sociale media, oorlogsdreiging, klimaatcrisis en woningnood. Stevige uitspraken. Maar wat is het perspectief van de jongeren zelf? Hoe ervaren zij de aan hen toegeschreven ‘zoektocht naar zin’? Nathan en Rozamaryn, de Jonge Theologen der Nederlanden, schrijven elke maand een column over wat hun eigen generatie beweegt. Deze maand de column van Rozamaryn over ‘in relatie leven’.

De geïnterviewde, Saskia van den Kieboom, zit op een bankje onder een boom, dichtbij een kerkgebouw en kijkt lachend de camera in.
De geïnterviewde, Saskia van den Kieboom, zit op een bankje onder een boom, dichtbij een kerkgebouw en kijkt lachend de camera in.
Basis

“Je bent een parel in Gods hand”

Wat in Nederland nog toekomstmuziek lijkt, is in Vlaanderen al enkele jaren realiteit: elk bisdom heeft er een eigen aanspreekpunt ‘Homoseksualiteit en Geloof’. Het initiatief kwam in 2022 van de Vlaamse bisschoppen, als onderdeel van hun streven naar een gastvrije kerk waarin niemand wordt uitgesloten. Maar hoeveel ruimte is er werkelijk voor LHBTQI+ gelovigen binnen de katholieke kerk? Met welke vragen en worstelingen kloppen zij aan? Hoe verhoudt de pastorale praktijk zich tot de officiële kerkleer, en wat gebeurt er wanneer die twee botsen? Kelly Keasberry sprak met Saskia van den Kieboom.

Nieuwe boeken