De regels en de vrijheid
Het volledige Premium-artikel lezen?
Log in om verder te lezen.
Nog geen lid? Ontdek Theologie.nl Premium.
De 1e maand is gratis met actiecode PW202604.
Daarna € 11,99 per maand. Maandelijks opzegbaar.
Probeer nu.
Log in om verder te lezen.
Nog geen lid? Ontdek Theologie.nl Premium.
De 1e maand is gratis met actiecode PW202604.
Daarna € 11,99 per maand. Maandelijks opzegbaar.
Probeer nu.
In het boek Deuteronomium is de hoogste joodse geloofsbelijdenis te vinden: “Hoor, Israël, de Heer onze God, de Heer is één!’, in het Hebreeuws uitgesproken als ‘Sjema Jisraël, Adonai Elohénoe, Adonai echád’ (Deuteronomium 6:4). Zonder dit vers, dat naar het eerste woord bekendstaat als het sjema, is het hele joodse monotheïsme ondenkbaar. Dit vers ‘leeft’ als geen ander. De gelovige staat ermee op en gaat ermee naar bed. Met dit vers op de lippen blaast hij ook de laatste adem uit. Het is dan ook niet voor niets dat juist deze tekst als een soort vademecum te vinden is in de mezoeza en de tefilien.
De Bijbel is wereldwijd het meest vertaalde boek. Maar nog steeds zijn er mensen, volken, die geen ‘eigen’ Bijbel hebben en is er werk voor vertalers… In één van de talen op Papoea Nieuw-Guinea verscheen onlangs zo’n eigen Bijbelvertaling. Feestelijk en met grote vreugde werd die in ontvangst genomen. De vertaalster vertelt…
De snelheid waarmee generatieve AI het werkveld van vertalen binnendendert, is adembenemend. De vraag of vertalers AI moeten inzetten voor hun werk is achterhaald, het gaat om de vraag hoe. Dit gaat ook het werk van Bijbelvertalers aan. In het Nederlands, met onze rijke vertaaltraditie en beschikbare Bijbelvertalingen, springt het niet zo in het oog. Wereldwijd ligt dat anders.