Menu

Basis

De toekomst lacht

Jezus is de eerste niet en niet de enige die opstaat uit het graf. In de Bijbel zijn eerder mensen uit de dood opgewekt of opgestaan. De profeet Elia brengt de dode zoon van de weduwe uit Sarefat weer tot leven. In Naïn wekt Jezus het dode kind van een weduwe op met de woorden: ‘Sta op!’ En de dode Lazarus komt op Jezus’ bevel zijn stinkende graf uit. Maar het bekendste verhaal is misschien wel dat over het dochtertje van Jaïrus. Daar spreekt Jezus de opmerkelijke woorden: ‘Het kind is niet gestorven, ze slaapt.’

Opwekkingsverhalen gaan over toekomst. Wanneer een dode in de Bijbel wordt opgewekt, gaat het niet over een onverklaarbare gebeurtenis eens en ooit. We worden niet met verwonderde verbazing achtergelaten, maar met hoop op weg gestuurd. Zeker wanneer er kinderen in het spel zijn.

Kinderen zijn in de Bijbel letterlijk de toekomst. Sara, Hanna, Elisabeth, Maria… ik noem maar een paar van de vrouwen die onverwacht of ongedacht zwanger werden. Ook die verhalen vertellen niet over een wonder eens en ooit, en het gaat ook niet om een hemelse genadegave aan die ene vrouw alleen. Sara baart de belofte van de HEER, dat Zijn volk talrijk zal zijn als de sterren aan de hemel. Maria baart de redding van de HEER, die heel de wereld vreugde zal brengen.

Waar een volk of een wereld onvruchtbaar lijkt, geen toekomst lijkt te hebben, maakt God zwanger van visioenen. Maar wat als het kind dat ons gegeven is in onze armen sterft?

Redding

Jaïrus, een van de leiders van de joodse synagoge, valt op zijn knieën voor Jezus neer. Zijn dochter ligt op sterven, zijn toekomst. Of is het de toekomst van het volk? Of de godsdienst waar het leven uit wegglijdt? Het lijkt een laatste wanhoopsdaad dat Jaïrus de hulp van Jezus inroept. Maar er spreekt ook een groot vertrouwen uit. De naam Jaïrus betekent ‘de HEER verlicht’, de naam Jezus betekent ‘de HEER brengt redding’. Alsof in hun namen alleen al de weg geopenbaard wordt naar levende toekomst.

Gabriel_von_Max, La_Résurrection_de_la_fille_de_Jaïre
Gabriel_von_Max, La_Résurrection_de_la_fille_de_Jaïre (1878)
(Beeld: wikimedia-commons)

Sta op

Onderweg naar het stervende 12-jarige meisje, wordt de scène ruw verstoord door een vrouw die al 12 jaar lang bloed vloeit. Uit haar stroomt letterlijk alle leven. En met het getal 12 wordt opnieuw duidelijk dat het om meer gaat dan die ene mens.

Twaalf staat voor volheid, als in de 12 stammen van Israël en de 12 leerlingen van Jezus. Tijdens dit intermezzo heeft het dochtertje van Jaïrus haar laatste adem uitgeblazen. Dan zegt Jezus opnieuw iets wonderlijks tegen de rouwende vader: ‘Wees niet bang, maar blijf geloven.’

Midden in de rouw en de wanhoop meent Jezus: ‘Het kind is niet gestorven, ze slaapt.’ Hij pakt haar hand en zegt: ‘Talita koem’ dat is ‘meisje, sta op’. Ze staat op en begint heen en weer te lopen. De toekomst is opnieuw in beweging gezet. Het verhaal eindigt met Jezus’ opdracht dat ze haar te eten moeten geven. Toekomst moet gevoed. Wat ons van hogerhand gegeven wordt, moeten we koesteren, liefhebben en verzorgen.

Wees niet bang

Ik weet, het kunnen rauwe verhalen zijn voor wie het verdriet draagt van een verloren kind. Mede daarom zijn het voor mij ook enkel verhalen en geen geschiedenissen over wonderen eens en ooit. Want dan zouden we terecht vragen: waarom dat kind wel en het mijne niet?

Het zijn verhalen die in diepe duisternis hoop willen geven.

Waar wij geen vertrouwen hebben in hoe het verder moet met onszelf of met deze wereld, wordt ons gezegd om niet te vrezen, maar te blijven geloven. Waar alle adem ons ontnomen wordt, ademt nieuwe geest ons leven in. Waar een mens als gestorven is en geen stap meer kan zetten in het leven, is er die uitgestoken hand. Talita koem, sta op… De hemel lacht, omdat dit redding brengt; nabijheid, omzien, barmhartigheid, liefde. Dood of doods bestaan heeft nooit het laatste woord. Wanneer de liefde onder ons is, lacht de toekomst.

Het verhaal van het dochtertje van Jaïrus is te vinden in Marcus 5:21-43

Harold Schorren is predikant van de wijkgemeente Laurenspastoraat, city pastor van Rotterdam, en redactielid van Open Deur.

Wellicht ook interessant

Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
None

Interview: “Ik wil een eerlijk gesprek over de doodswens”

Mensen die niet meer willen leven, krijgen niet zomaar euthanasie. Er zijn strenge eisen waaraan moet worden voldaan, voordat het eigen leven bewust gestopt kan worden. Maar als een euthanasieverzoek wordt afgewezen, is de wens om te sterven vaak niet verdwenen. Soms kiezen mensen dan voor ‘de autonome dood’, een zelfgeorganiseerd levenseinde. Hoe is dit voor nabestaanden? Krina Huisman deed er onderzoek naar en schreef het boek Nabestaan. Leven na de autonome dood. Redacteur Maartje Amelink ging met haar in gesprek.

Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Basis

Lazarus voorbij

AI zo lang als er mensen bestaan, gaan ze ook dood. Het zou dus moeten wennen, maar dat is niet zo. En daar zijn wel wat redenen voor: onze herinnering reikt niet tot de eerste mens; voor eenieder is er altijd een eerste betreurde dode in zijn of haar leven. Daarbij is de dood geen optelsom van steeds en altijd hetzelfde. Sterft er iemand, dan nemen we afscheid van een persoon zoals er nooit eerder een geweest is, en ook nooit meer een zal zijn. Vervelend is ook dat de dood zo veel gezichten heeft. Mensen kunnen vreselijk sterven, maar ook heel mooi. Veel te jong, en ja, soms ook te laat. In verzet, maar ook in overgave. Overvallen, maar ook voorbereid. Zinloos, maar ook zinvol.

Nieuwe boeken