Menu

Basis

Wakker worden in het land van Jetten

Nederlandse vlag op een kerktoren

Wakker worden in een vreemd land. Het was de hoofdredactie van het RD overkomen. Hoe kan een christen zich nu thuis voelen in het land van Rob Jetten? Wordt het geloof niet binnen de kortste keren naar de privésfeer verbannen? Filosoof Sjoerd Griffioen laat aan de hand van het begrip ‘secularisatie’ zien, dat ons niet per sé een ramp is overkomen. Bovendien, zijn christenen niet altijd op doortocht?

De hoofdredactie van het Reformatorisch Dagblad werd de dag na de Tweede Kamerverkiezingen van 2025 wakker in een vreemd land, ‘het land-van-Jetten’. Er was geen gevoel van opluchting bij het RD over dat de radicaal-rechtse, antidemocratische PVV net niet de grootste was geworden. Nee, in het hoofdredactioneel commentaar ‘Een christen voelt zich niet thuis in het land-van-Jetten’ (31 oktober) lezen we dat een ‘drama’ zich heeft voltrokken. “Wordt ons land straks geregeerd door een premier die wil gaan trouwen met een man? … Wint Halloween het van Hervormingsdag? In welke wereld leven wij?”, verzuchten de auteurs.

Nu moet wel erkend worden dat de RD-hoofdredactie na de verkiezingen van 2023 ook een stuk had geplaatst met de titel ‘Een christen voelt zich niet thuis in het land-van-Wilders’ (24 november, 2023). Maar als men de stukken vergelijkt, dan wordt al snel duidelijk dat het RD niet zozeer moeite had met het partijprogramma van de PVV, maar meer met het feit dat Nederland zo seculier is geworden. (Wellicht heeft dat ook te maken met het feit dat christenen niet altijd meer op christelijke partijen stemmen.)

Maar wat betekent dit eigenlijk: ‘seculier’? En waar is de hoofdredactie van het RD (en wellicht de hele conservatief-rechterflank van christelijk Nederland) zo bang voor? En laten we de retorische vraag van eerder serieus stellen: in welke wereld leven wij?

Het angstbeeld: verbanning van religie

Het begrip ‘seculariteit’ verwijst precies naar die laatste vraag, namelijk hoe christenen in de wereld moeten leven. In zijn boek Säkularisierung uit 1965 merkte de filosoof Hermann Lübbe op dat het idee enerzijds ‘open’ is, en dus verschillend ingevuld kan worden, maar ook dat het vaak fungeert als ‘strijdbegrip’. Dat wil zeggen dat de invulling van ‘seculariteit’ afhankelijk is van welke politieke boodschap de gebruiker van dit woord  wil overdragen.

In het geval van het RD lijkt ‘secularisatie’ het volledige verdwijnen van het christendom te betekenen, een totale “ontkerstening”. Dit angstbeeld is ook wat het RD, en het deel van christelijk-conservatief Nederland dat zich door het RD aangesproken voelt, D66 toeschrijft als politiek doeleinde. Jetten en de zijnen willen ‘het geloof’ verbannen naar de privésfeer, is de gedachte, en alle sporen van religie uit de publieke sfeer verwijderen. Of dit beeld van het huidige D66 terecht is, laat ik even terzijde (ik denk zelf van niet).

Een christelijke wereld

Dan is er ook een tweede vorm van secularisatie, één die het RD niet noemt maar die zeker relevant is in dit geval. Dit is een variant die niet duidt op een ‘verwereldlijking’ van Nederland door het verdwijnen van religie, maar op een verwereldlijking van religie zelf. Wat rechtse partijen zoals de SGP én de PVV voorstaan is een christelijke nationale identiteit. De SGP en de PVV hebben zeker verschillende ideeën over hoe dit er precies uit moet zien, maar ze hebben ook wat met elkaar gemeen. Als men vraagt ‘in welke wereld leven wij?’, dan luidt het wenselijke antwoord: een christelijke wereld, of in ieder geval een christelijk land.

Maar als de Nederlandse identiteit geworteld moet worden in het christendom, spreken we dan niet óók van een verwereldlijking of secularisatie van het geloof? Dit betekent namelijk dat religie de wereldlijke politiek in wordt getrokken om, onder andere, en ik citeer het RD-artikel van 2023: de “stroom aan vreemdelingen die vaak een andere religie hebben” buiten de deur te houden. De theocratie van de SGP en het uitsluitende cultuurchristendom van de PVV zijn beide dus eigenlijk ook een variant van secularisatie.

De protestantse wortels van seculariteit

Het lijkt paradoxaal, maar veel religiewetenschappers en godsdienstfilosofen zijn van mening dat in beide vormen van secularisatie (secularisatie als ontkerstening en als nationale identiteit) het christendom een geprivilegieerde plek behoudt. Met betrekking tot de tweede definitie is dit duidelijk: als nationale identiteit wordt aangekleed met cultuurchristendom dan betekent dat automatisch dat andere religieuze tradities worden gedelegeerd tot de tweede rang.

Maar zelfs de eerste vorm van secularisatie, het verbannen van religie tot de privésfeer, bevoordeelt het christendom impliciet, ook al voelt dat niet altijd zo. De filosoof en antropoloog Talal Asad, bijvoorbeeld, stelt dat een protestantse vorm van christendom goed kan gedijen in seculiere omstandigheden, omdat ons westers-moderne idee van seculariteit zelf protestantse wortels heeft. Zo is het een bij uitstek protestantse neiging om religie te reduceren tot geloof: iets wat vooral in je hoofd gebeurt. Dit is een vorm van religie die makkelijk te privatiseren valt, terwijl religieuze tradities waarin meer nadruk ligt op rituelen en collectieve beleving moeilijker in zo’n pasvorm te gieten zijn.

Dit betekent kortom dat een seculier land op verschillende manieren alsnog christelijk kan zijn, dus dat het land waar de hoofdredactie van het RD in wakker werd haar misschien toch niet zó vreemd was. Hiermee suggereer ik niet dat de verschillen tussen de SGP en D66 maar schijn zijn, maar ik zou wel zeggen dat we oog moeten hebben voor hoe ‘christelijke’ elementen kunnen voortleven in seculiere gedaante.

Op doortocht

De oplossing voor het probleem hoe in de wereld te leven, is niet meer of minder ‘seculariteit’, maar om kritisch te kijken naar hoe we seculariteit beter kunnen vormgeven. Want een betere vorm van seculariteit zou juist ruimte moeten geven aan het christelijk geloof –  én aan andere religieuze tradities. Beide vormen van secularisatie die ik heb besproken hebben namelijk een uitsluitende werking. Enerzijds sluit secularisatie als ontkerstening alle religie uit – op niet gelijke wijze. Anderzijds wordt secularisatie als cultuurchristendom bewust ingezet om ‘de ander’ buiten de deur te houden.

Maar seculariteit kan ook juist een inclusieve functie hebben, het kan een garantie vormen voor maatschappelijke diversiteit of pluriformiteit. Het hoeft niet de inperking van religie te betekenen, maar het open houden van ruimte – in de publieke sfeer of de civil society – voor de ontplooiing van meerdere vormen van religie en levensbeschouwing. Dan moeten we wel afstand nemen van de theocratische idealen van onze mannenbroeders op rechts. Immers, het RD beweert dat een christen zich niet thuis voelt in het land van Jetten, maar is het punt van christen-zijn niet juist dat je op doortocht bent en het hier-en-nu überhaupt nog geen thuis is?

Sjoerd Griffioen

Sjoerd Griffioen is docent aan de Faculteit Filosofie van de Rijksuniversiteit Groningen. In 2020 promoveerde hij op het Duitse secularisatiedebat, een filosofische polemiek over de relatie tussen moderniteit en christendom. Zijn onderzoek richt zich op de raakvlakken tussen politiek, religie en geschiedenis in moderne filosofie.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken