Als er één ondeugd is die in het afgelopen decennium een opvallende comeback heeft beleefd, dan is het wel de hebzucht. Vooral vlak na de financiële crisis van 2008 kon je geen krant of tijdschrift openslaan, of er werd wel aandacht besteed aan deze slechte karaktertrek, die zich manifesteert als een buitensporig, onverzadigbaar, nietsontziend verlangen naar rijkdom. Er mocht geen twijfel over bestaan, de crisis was het gevolg van deze onhebbelijkheid. Het is opvallend dat, nu het economisch weer wat beter gaat, de kritiek op de hebzucht geenszins is verstomd. Het ging erom welke zonde als ‘aanvoerder’ van de zeven