Menu

Premium

Het staat in de sterren

Bij Matteüs 2,1-12 / Matteüs 2:1-12

Op een avond zat kikker aan de rand van de vijver. ‘Hallo,’ zei eekhoorn. ‘Wat zit jij naar boven te kijken?’ Eekhoorn kreeg geen antwoord. Hij ging naast kikker zitten en tuurde ook de lucht in, maar hij zag niets bijzonders. ‘Wat zie je?’ vroeg hij. Na een lange tijd zei kikker: ‘Zie je niet dat ik lees? Je stoort me.’ ‘O,’ zei eekhoorn, ‘neem me niet kwalijk. Maar… ik zie geen boek!’ ‘Ik lees in de sterren,’ zei kikker plechtig. Pas nu zag eekhoorn de sterren ook, maar of je sterren kon lezen, betwijfelde hij. ‘Is het spannend?’ vroeg hij. ‘Reuze spannend,’ beaamde kikker, ‘je weet niet wat je leest.’ ‘Nee, dat begrijp ik,’ zei eekhoorn aarzelend. ‘Wil je mij ook leren lezen?’ Pas nu keek kikker eekhoorn aan. ‘Ik weet niet of ik dat wil,’ zei hij. ‘Waarschijnlijk is het niets voor eekhoorn.’ Eekhoorn stond op. ‘Dan ga ik maar, dan kan jij verder lezen. Misschien vertel je me nog wel eens wat er staat in de sterren.’ ‘Misschien,’ zei kikker. ‘Waar ga je naartoe?’ ‘Ik ga een strandwandeling maken. Misschien is mijn vriend de zeester thuis. Die heb ik lang niet gezien,’ zei eekhoorn. ‘Hij heeft lekkere zoute thee.’ ‘Wat zou je ervan vinden als ik meeging?’ vroeg kikker. ‘Ik lees morgen wel verder.’ Eekhoorn keek blij. ‘Dat wilde ik juist vragen, maar hoe weet je dat ik dat leuk vind?’ Kikker zweeg. Hij wees veelbetekenend naar de sterren. ‘Weet je het van de sterren?’ vroeg eekhoorn verbaasd. ‘Heb je het daar gelezen?’ Kikker gaf geen antwoord. Samen liepen ze door de donkere nacht, terwijl de maan langzaam opkwam en de nachtwind door de bladeren speelde. ‘Lopen we goed?’ vroeg eekhoorn. Kikker keek naar de sterren. ‘Ja,’ zei hij.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken