Paulus en de kinderen van Abraham
Van alle bijbelse figuren die Paulus in zijn brieven noemt – Adam, Eva, Sarah, Hagar, Mozes, David – krijgt Abraham duidelijk de meeste aandacht. Naast een aantal korte verwijzingen (Romeinen 9,7 en 11,1; 2 Korintiërs 11,22) gaat Paulus in twee langere stukken (Romeinen 4 en Galaten 3) in op de betekenis die Abraham heeft.