Menu

Basis

‘Iedere avond een afspraakje’

We schuiven op vier plekken aan tafel aan: in het verpleeghuis, bij opa en oma met de kleinkinderen, in het revalidatiecentrum en bij BuurtBuik.

Gered eten wordt driegangen diner

Bij BuurtBuik is iedereen welkom om een maaltijd te komen eten die gemaakt is van ‘gered’ eten. Vrijwilligers van BuurtBuik halen bij lokale ondernemers en (bijvoorbeeld de voedselbank) eten op dat weggegooid moet worden, omdat het net over de datum is of dat de dag erna gaat. Dit toveren ze elke maandag om tot een driegangen diner. Iedereen is welkom om aan te schuiven en mee te eten. Het kost niets!

Bij het buurthuis staat buiten een groot bord met het logo van BuurtBuik en het menu van de dag. Daarmee nodigen we mensen uit om binnen te komen voor een heerlijke en gezonde maaltijd. Verder weten mensen ons te vinden via elkaar of via de vrijwilligers die koken. Soms zijn mensen op het idee achter BuurtBuik gestuit, en komen ze de week erop een keertje mee-eten.

Beeld: BuurtBuik Utrecht

Elke week is het een gezellige mengelmoes van allerlei mensen: jong en oud. Ook de vrijwilligers eten mee. Veel mensen komen vaker, zo leren mensen elkaar langzaam maar zeker kennen. Sommige mensen komen voor een keertje. Ook dat is prima.

Het is erg leuk om met onbekenden aan tafel te zitten.

Zo spreek je telkens hele andere mensen. Het eten is een gemakkelijke gespreksstarter: de een vindt een bepaald ingrediënt erg lekker en de ander niet. Buurt en stad zijn ook altijd makkelijke onderwerpen. De gesprekken zijn ongedwongen. Soms zie je mensen een aantal weken niet en dan is het leuk om weer even kort bij te praten.

Het is leuk om te merken dat een groep mee-eters die al langer komt elkaar echt vinden. Ze zitten vaak bij elkaar en kennen elkaar steeds beter.

Gasten hebben wel eens tegen ons gezegd: ‘Voor ons is dit echt een ervaring zoals uit eten gaan.’ Dat is natuurlijk een prachtig compliment. We doen er ook wel ons best voor: er staat een muziekje op en we dekken de tafel mooi.

Marieke de Jong is vrijwilliger bij BuurtBuik in Utrecht-Oost.

Kom ook een keer mee-eten of mee koken! BuurtBuik zit in verschillende steden. Kijk op buurtbuik.nl

Dubbel beleggen

‘Opa, mag ik een gevouwen boterham?’ ‘Ja hoor, geen probleem.’

‘Van mama mag dat nooit, hè? ‘Nee, maar bij ons wel.’

‘Ik vind dat wel leuk.’ ‘Ik ook.’

iStock.com/Tatyana Tomsickova

Dat van die gevouwen boterham doen we al jaren. Dat is een opadingetje, zullen we maar zeggen. Papa en mama weten ervan en laten het zo. Opa heeft zijn eigen tafelmanieren met de kids. Af en toe dubbel beleggen hoort daar ook bij: kaas met stroop, pindakaas met gestampte muisjes of iets anders uitproberen.

Dat is nou zo leuk aan opa zijn. Dat je af en toe de regels een beetje oprekt. Wij zijn nog van de oude stempel en vinden het belangrijk dat er iemand thuis is als kinderen uit school komen. Dus passen we elke week een dag op de kleinkinderen en dekken we de tafel voor ze als ze middagpauze hebben. We halen ze van school en nemen de tijd om te eten, te dollen en af en toe te praten.

Mooi wordt het als kleinkinderen zich oprecht verbazen: gaat oma echt zingen op een koor?

Ook gesprekken over klasgenoten wiens ouders gescheiden zijn komen regelmatig voor. ‘Mijn papa en mama blijven gelukkig bij elkaar, ook als ze ruzie hebben gehad.’ Opa: ‘Dat is heel verstandig en fijn.’

Walther Burgering is opa van twee kleinkinderen.

Ook eten is revalideren

De zorg is onverbiddelijk: de meeste revalidanten eten in het restaurant, want alle beweging helpt bij je revalidatie. En zo komen drie keer per dag mensen van alle kanten aangerold in de rolstoel en aangelopen achter de rollator om te gaan eten.

‘Hoe is het om hier met elkaar aan tafel te gaan?’ Ik vraag het een beetje in het algemeen maar één mevrouw neemt me direct apart. ‘Er is niks aan hoor’, zegt ze. ‘Iedereen praat over z’n kwalen, ik word er zo somber van.’

Een andere dame kijkt me juist stralend aan: ‘Het is zo gezellig, we hebben een vast groepje en lachen wat af.

Beeld: iStock.com/Seventy Four

Na het eten doen we een spelletje. We hebben al telefoonnummers uitgewisseld!’

Een heer die wat achteraf zit, wenkt me. Hij wijst naar zijn oor.

‘Ik kan bijna niemand verstaan’, zegt hij. ‘In dit drukke restaurant voel ik me verloren.’

Terwijl ik verder loop kom ik een meneer tegen die een mevrouw in een rolstoel duwt. ‘Wij gaan samen eten’, vertrouwt hij me toe. ‘We ontmoetten elkaar op de afdeling en hadden gelijk een goed gesprek. Toen zei ik: “Kom je bij het eten ook gezellig bij mij zitten?”’ En met een dikke knipoog: ‘Zo hebben we iedere avond een afspraakje!’

Tanja Viveen-Molenaar is geestelijk verzorger bij Vivium Zorggroep en redactielid van Open Deur.

Het is stil in de eetzaal

Negen bijzondere mensen zitten te eten. Sommigen aan een tafel apart, anderen met zijn tweeën. Twee verzorgenden en een gastvrouw zoemen als bijen om de tafels heen. Voor de één snijden zij het brood, een ander helpen zij met eten.

Veel van de negen mensen lijden aan dementie of aan een gecombineerd ziektebeeld.

Wanneer ik binnenkom kijkt bijna niemand op. Behalve één dame die uitroept: ‘Hallo! Halloooo!’ Ik ken haar van de kerkdiensten.

Het is eigenlijk een trieste aanblik. Ik wil niet negatief zijn. Maar waarom kunnen de mensen niet in een kring aan een grote tafel zitten, zodat zij elkaar kunnen zien? Waarom staan zorgmedewerkers om hen heen en zitten ze niet tussen hen in? Misschien is men bang voor aanvaringen tussen de mensen. Ik hoorde dat er nogal wat ‘moeilijke’ mensen zijn.

De maaltijd is en blijft stil… mensen staren wat voor zich uit; eten hun boterham. De zorg doet haar best, maar ik mis toch gemeenschap.

Samen zitten lijkt hier geen samenzijn. En waarom gaan we aan tafel?

Toch niet om enkel ons lichaam te voeden?

Ik denk aan Teun Toebes, de 22-jarige verpleegkundige in opleiding die een aantal jaren bij mensen met dementie woonde. Hij toont in zijn boek VerpleegThuis aan dat je ook met mensen die beperkingen ervaren, door dementie of anderszins, tafelgemeenschap kunt ervaren: gewoon samenleven als gemeenschap.

Remy Jacobs is geestelijk verzorger in het IJsselland ziekenhuis en redactielid van Open Deur.

Wellicht ook interessant

Basis

Leven als rijke westerling in een extreem arm land

Hoe ziet het volgen van Jezus eruit op een plek die je niet goed kent, die je niet goed begrijpt, en die enorm verschilt van de plek waar je vandaan komt? Op die vraag probeert Arjen Zijderveld in deze serie antwoord te geven. In oktober 2025 verhuisde hij samen met zijn vrouw en twee kinderen van 4 en 2 van Nederland naar Malawi, wegens het werk van zijn vrouw. In Malawi komt hij als rijke westerling echter voor allerlei ethische dilemma’s te staan, lezen we in het eerste artikel. Wanneer knijp je een oogje toe?

None

Voetballen voor God en vaderland

Heilig gras, clubiconen, de hand van God – in de voetbalwereld barst het van de religieuze symboliek. Supporters zingen op zondag hun liederen, verlangen vurig naar een overwinning en danken het team na de weelde van drie punten. Bovendien lijkt er op het professionele veld ruimte te zijn voor ‘echte’ religie. We zien voetballers kruisjes slaan, het gras kussen en bezield omhoog wijzen na een doelpunt. In deze serie leggen we voetbal en geloof naast elkaar: wat hebben ze gemeen en wat juist niet? Dit keer is sportjournalist Frank Van de Winkel aan het woord over geloof in het Belgische en Nederlandse nationaal voetbalelftal.

Basis

Ziek kinderachtige volwassenen!

Ze zijn altijd online, vragen AI om advies over hun mentale gezondheid en lopen regelmatig protesterend door de straten: Generatie Z of Gen Z. Het gaat om jongeren die tussen 1996 en 2012 zijn geboren, in een wereld getekend door crises. Hoe gaan ze hiermee om? Met welke ideeën en vragen lopen ze rond? Yanniek van der Schans, docent levensbeschouwing, houdt een vinger aan de pols en schrijft om de maand een column over de discussies in haar klas. Dit keer over de vraag of er oorlog komt.

Nieuwe boeken