Menu

Premium

Jezus Christus: beginsel van de schepping

Bij Jesaja 52,7-10, Psalm 98, Hebreeën 1,1-12 en Johannes 1,1-14

Zeven jaar geleden schreef ik, eveneens voor Kerstmorgen, een schets bij deze zelfde lezingen.[noot1] Toen heb ik vooral benadrukt dat de teksten vér afstaan van onze kerstbeleving met de wieg en het kindje.

De profeet en de psalm bezingen dat de Eeuwige met grote kracht en met opgestroopte mouwen (Jes. 52,10) de wereld binnentreedt. Niet stil en teer, maar zo dat de hele wereld er juichend en bevend getuige van is. Johannes 1 en Hebreeën 1 bezingen Jezus Christus als de ultieme openbaring van God, maar ook zij hebben geen kindje in een kribbe voor ogen.

Woord ten leven

In beide nieuwtestamentische teksten wordt de gekomen Christus bezongen als degene die weliswaar pas aan het einde van de tijd in ons midden verscheen, maar die al vanaf het eerste begin bij God was: Hij is het scheppingsprincipe, het woord waarmee God ooit alles tot leven riep. Dat zou weleens een spannend gegeven voor de Kerstmorgen kunnen zijn.

Dan gaat het me niet zozeer om de metafysische of systematisch-theologische kwestie van de preëxistente Christus, en ik hoop dat het daar de evangelist en de bijbelse briefschrijver ook niet om begonnen was. We gaan dus geen organigram opstellen van hoe het georganiseerd is met God en het scheppende Woord en Jezus en de engelen.

Zowel de evangelist Johannes als de auteur van Hebreeën kennen het verhaal van Jezus natuurlijk al voordat ze gaan schrijven. Ze weten van zijn levensweg, de manier waarop Hij met de joodse leefregels omgaat, zijn moed om helder te zijn zonder van zich af te slaan, tot in de roemloze dood aan het kruis toe. Ze weten dat het navolgen op die weg, voor zover het ons lukt, ons niet tot winnaars op het wereldtoneel maakt. Maar let nu op: van deze Jezus en zijn weg stellen ze, dat Hij het principe is waarmee God de wereld schiep. Jezus is niet de uitzondering die tegen de regels van de kosmos in gaat, maar de grondslag waarop heel de kosmos gebaseerd is. Dus wie het spoor van Jezus volgt, hoe tegendraads dat ook lijkt in de mensenwereld van toen en nu, die leeft in overeenstemming met de fundamentele en ultieme kosmische orde.

Kans om opnieuw op te starten

Als we op Kerstmorgen worden geconfronteerd met Jezus als beginsel van de schepping, is dat een uitnodiging om dat principe opnieuw van kracht te laten zijn in ons bestaan: we nemen Jezus er niet bij, zoals je een extra huisgenoot kunt opnemen, maar Hij wordt opnieuw de grondslag – en daarmee komen we weer in contact met de eigenlijke structuur van de schepping.

Misschien is het de moeite waard om in te gaan op het woord ‘principe’. Johannes 1 begint in het Latijn met In principio erat verbum, aanhakend bij Genesis 1 met In principio Deus creavit. Een principe is dat waar alles mee begint. Maar in bijna elke zin waarin wij dat begrip gebruiken, zit ook al een soort zondeval ingebakken: ‘In principe wil ik dat wel doen, maar…’ Principes zijn de beginselen waar we van afwijken, de dingen waar we ons ‘eigenlijk’ aan moeten houden. Het is een poging waard om in de kerk die twee uitdrukkingen, ‘in principe’ en ‘eigenlijk’, eens een tijdlang niet te gebruiken.

Jezus die in de wereld komt als het oorspronkelijke beginsel, met de uitnodiging om dat opnieuw van kracht te maken in ons bestaan: compassie, waarheid, liefde – niet boven op een reeds vastgestelde leefstijl of bestaansbasis, maar áls basis. Dat zou een oproep zijn om op Kerstmorgen de hele samenhang van ons leven te resetten. ‘Deze verandering wordt pas van kracht als het systeem opnieuw wordt opgestart,’ zo lees ik vaak op mijn scherm, en meestal kun je dan kiezen: nu opnieuw opstarten, of ‘Herinner mij hier later opnieuw aan’. Vrijwel altijd kies ik voor dat laatste, en de kans is groot dat het zo op Kerstmorgen ook zal gaan: we zijn blij met het perspectief van Jezus en zijn liefde als grondslag voor het leven, maar het nú implementeren, het systeem herstarten… dat doe ik liever een andere keer.

Christus’ leefregel is onze ware natuur

Johannes 1 en Hebreeën 1 presenteren de ‘vreemde’ weg van Jezus als een weg die volstrekt eigen is aan de kosmos als schepping van God. De sprong die je waagt door Hem tot levensbeginsel van je gemeenschap te maken, is niet een sprong in de verte of de diepte, maar een terugkoppeling naar de kern, de dieptestructuur van het bestaan.

De onbarmhartige levenswijze die in zo veel plaatsen en tijden tot regel is geworden, waar het recht van de sterkste heerst en de wetten van de zelfhandhaving, is in het licht van deze visie een afwijking die de goede orde van Gods schepping onzichtbaar maakt. Het idee van Christus als scheppingsprincipe kan ons helpen om als leerlingen van Jezus in onze kracht te gaan staan: de leefregel van Christus komt niet uit een andere wereld, we zijn niet van een andere planeet. Door met Jezus op Gods golflengte af te stemmen, leven we volgens onze ware natuur, in overeenstemming met de wereld zoals ze echt is.

1 http://www.woordenmetzielenzin.nl/art/exeg/ded/DED-2008-1.pdf

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken