Menu

Premium

Kiezen voor leven of dood

7e zondag van de herfst (Spreuken 9,1-18, Psalm 43 en Matteüs 25,1-13)

In de beide lezingen van vandaag wordt ons de keuze voorgehouden: leven of dood. Het is of het ene of het andere. Het zijn vrouwelijke personages die die keuze representeren – opvallend in teksten uit een patriarchale cultuur. Qua opbouw hebben beide lezingen veel gemeen: het positieve wordt afgezet tegen het negatieve. Maar er zijn ook opmerkelijke verschillen. In Spreuken 9 worden we voor een keuze gesteld, terwijl in Matteüs 25 niet meer gekozen kan worden. Aan ons de vraag, waardoor wij ons laten leiden bij onze keuzen. En wat is wijsheid?

Een moeilijke keuze?

De lezing uit Spreuken 9 vormt het slot van de inleiding van het boek Spreuken (Hebr.: misjlei, van masjal ‘een gelijkenis vertellen’). De tekst wordt toegeschreven aan Salomo, de koning die bekend stond als een voorbeeld van wijsheid, hoewel hij dat niet tot het einde van zijn leven wist vol te houden (1 Kon. 11). Onderzoek heeft uitgewezen dat veel spreuken ook van andere wijzen afkomstig zijn en dat het boek een lange redactionele bewerking heeft ondergaan, totdat het zijn vaste vorm kreeg in de tweede eeuw voor Christus.

Vrouwe Wijsheid is een allegorische figuur. Haar wijsheid (meervoud!) is onovertroffen, het getal zeven staat voor haar perfectie. Zij staat op ‘tempelhoogte’, dicht bij het heilige. Vandaar stuurt zij veel van haar dienaressen op pad om in heldere taal iedereen in de wijde omgeving uit te nodigen deelgenoot te worden van wat zij te bieden heeft aan inzicht en levenskunst. Hoe anders is de uitnodiging van vrouwe Dwaasheid. Ook zij zetelt hoog, maar dan op wereldlijk of stadsniveau. En anders dan vrouwe Wijsheid stuurt zij niemand eropuit om grootscheeps uit te nodigen, maar roept zij alleen vanaf haar eigen zetel gemakkelijk te verleiden voorbijgangers op. Niet om zelf initiatieven te nemen en inzichten te verwerven, maar tot het overnemen van inzichten die door anderen zijn opgedaan, of tot het nadoen van wat anderen aan scheve schaatsen hebben gereden. Voor velen een verleidelijke weg, ook nu nog.

Tussen beide gedeelten in staan losse spreuken die de tegenstelling tussen de wijzen en rechtvaardigen enerzijds en de spotters en gewetenlozen anderzijds scherpstellen, met in vers 10 de kern en het uitgangspunt van elke wijsheid: ontzag voor de Eeuwige en het volgen van de weg die ons door de Eeuwige op de Sinai is gewezen.

De dichter van Psalm 43 lijkt op iemand die twijfelt. De verlokkingen van vrouwe Dwaasheid vertroebelen zijn inzicht. Hij weet dat hij niet helemaal op het goede spoor zit en lijdt daaronder. Hij bidt tot de Eeuwige om verlossing uit zijn besluiteloosheid en uit de impasse waarin hij zich bevindt. Om wijsheid.

Hoe is mijn lampje gevuld?

Jezus bereidt zijn leerlingen voor op zijn afscheid, maar ook ons op ons uiteindelijke afscheid van dit leven. Matteüs 25,1-13 is onderdeel van wat de eschatologische rede genoemd wordt: het gesprek over de ‘laatste dingen’. Jezus heeft zijn leerlingen aangemoedigd steeds voorbereid te zijn op de komst van de Mensenzoon (vgl. Dan. 7,13). Voor Matteüs is dat Jezus zelf (9,15; 22,1-4), die komen zal bij het einde van de tijd (24,36-52). De gelijkenis die Jezus nu vertelt, onderstreept het belang van voorbereid zijn.

De context van de gelijkenis is een bruiloft. Het is avond, en in het huis van haar ouders wacht de bruid op de komst van de bruidegom, die haar komt ophalen om met haar naar hun gezamenlijke woning te gaan. Tien (getal van universaliteit!) meisjes wachten voor het huis van de bruid op de bruidegom met hun brandende lampen, symbolen van hoe zij geleefd hebben tot licht voor hun medemensen. Vijf van hen hebben zich goed voorbereid (sleutelwoord: Gr. etoimadzoo) met meer dan genoeg olie, beeld van hun goede daden, want ‘dag noch uur’ van de komst van de bruidegom staan vast.

De andere vijf hebben dat niet gedaan. Hun olie is te weinig en hun lampjes dreigen uit te doven: helaas niet wijs genoeg om op de toekomst te zijn voorbereid! Doordat zij op zoek gaan naar nieuwe olie, zijn zij te laat voor de komst van de bruidegom. De toegang tot het bruiloftsfeest is nadrukkelijk voor hen gesloten.

Konden dan de vijf andere meisjes niet wat van hun olie afstaan? Nee, omdat je je goede werken niet kunt overdragen aan anderen, die het er maar bij hebben laten zitten. Met deze gelijkenis roept Jezus ons één voor één op alert en actief te zijn: goed voorbereid op de komst van de Mensenzoon, ook al weten we niet wanneer dat zal zijn. Alleen afwachten is niet genoeg, we moeten intussen ook handelen. Met wijsheid.

Wat is die wijsheid? De spreukendichter laat het vrouwe Wijsheid zelf vertellen (Spr. 8,22-36). Al vóór het begin van de schepping was zij verbonden met de Eeuwige, en dat blijft zij met alle aspecten van haar rijkdom aan inzicht, kennis, besluiten en keuzen. Die rijkdom zal nooit berusten op uitbuiting, noch zal ze ten koste gaan van armen. Haar kennis zal nooit worden ingezet tot het verkrijgen van macht, haar keuzen zullen altijd worden afgewogen tegen de weg die de Eeuwige ons heeft voorgehouden als richtlijn: Tora. Als je op die manier wijs bent, zul je geen olie voor je levenslamp tekortkomen.

Maar helaas, hoe onwijs zijn wij meestal. Hoe verleidelijk is dat lagere wijsheidsniveau van vrouwe Dwaasheid. Haar ‘rijkdom’ leidt vaak tot nog meer graaigedrag, terwijl kennis wordt ingezet voor verkeerde doelen, zoals het doden of onderdrukken van onschuldige medemensen in plaats van omzien naar de ander, die een mens is zoals jij. Beter is het in het voetspoor van die wijsheid te treden, waarin de Eeuwige ons is voorgegaan en Jezus ons voorbeeld is.

Deze exegese is opgesteld door José Vos.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken