Leven als rijke westerling in een extreem arm land
Geloven in Malawi
Hoe ziet het volgen van Jezus eruit op een plek die je niet goed kent, die je niet goed begrijpt, en die enorm verschilt van de plek waar je vandaan komt? Op die vraag probeert Arjen Zijderveld in deze serie antwoord te geven. In oktober 2025 verhuisde hij samen met zijn vrouw en twee kinderen van 4 en 2 van Nederland naar Malawi, wegens het werk van zijn vrouw. In Malawi komt hij als rijke westerling echter voor allerlei ethische dilemma’s te staan, lezen we in het eerste artikel. Wanneer knijp je een oogje toe?
Het overgrote deel van ons gedrag wordt gestuurd door gewoonten en routines. Wanneer je verhuist naar een andere omgeving zoals Malawi blijven veel routines achter zonder dat er al nieuwe zijn gevormd. Context is een niet te onderschatte factor voor concreet gedrag. Ik moet denken aan het indrukwekkende programma Tygo en de GHB (EO), waar acteur en programmamaker Tygo Gernandt zich onderdompelt in de wereld van het GHB-gebruik op het platteland. Hij komt in gesprek met Kevin van 24 die in een safe house een aantal maanden clean is, maar precies tijdens een verlofweekend in zijn oude woonplaats een terugval meemaakt. Oude gewoonten en routines worden wakker gemaakt door de oude context. Soms ervaar ik onze verhuizing als een rehab-light. Veel triggers komen te vervallen en nieuwe plekken – je huis, je woonplaats, en je werkplek – hebben zich nog niet verbonden met specifiek gedrag. Je moet je leven weer opnieuw vormgeven op onbekend terrein.
Onweerstaanbaar fruit
We werden er bijvoorbeeld al voor gewaarschuwd: ‘Na een paar maanden kun je al je kleren uit Nederland gaan vervangen of laten verstellen bij de kleermaker, want je gaat sowieso een paar kilo kwijtraken in je eerste maanden.’ En inderdaad: de T-shirts beginnen inmiddels aardig te slobberen en de broekriem staat twee gaatjes strakker. We eten hier dan ook heel anders dan in Nederland, minder bewerkt voedsel, minder thuisbezorgd.nl, meer naar de basis. Niet omdat wij nu zulke goede voornemens hadden of over veel wilskracht beschikken, maar vanwege de context. Supermarken hebben een bescheiden aanbod en het brood vinden we niet lekker. Het verse lokale fruit daarentegen is onweerstaanbaar. Automatisch ga je dus minder brood (met ongezonde lekkernijen) eten en meer fruit.
Zo doen we als vanzelf wel meer dingen anders dan in Nederland. We slapen langer omdat het leven na 18:00 helemaal stilvalt vanwege de invallende duisternis en omdat de elektriciteitsvoorziening erg instabiel is. Gevolg: er is niemand die iets van je verwacht na 18:00. Het geeft automatisch lucht in je agenda en je vertraagt. Het leven is hier sowieso trager dan in Nederland, je gaat er automatisch in mee en het doet ons goed. We hebben niet meer het gevoel constant bereikbaar te moeten zijn. Niemand is hier constant bereikbaar en dat wordt ook niet verwacht. Als je iemand niet kunt bereiken is waarschijnlijk zijn of haar telefoon leeg of is er geen bereik. Het is puur de nieuwe context die zorgt voor het type gedrag dat in Nederland moeilijk te realiseren was.
Waar begint corruptie?
Leven in Malawi vraagt constant om improvisatie. Het lijkt soms wel alsof improvisatie hier de default-mode is: de dingen zullen vast niet werken zoals ze zijn bedoeld, maar we verzinnen wel iets. Improvisatie wordt ook gevraagd als het aankomt op ethisch handelen.
Wat doe je als je ontdekt dat je nachtwaker slaapt, terwijl je weet dat hij ook overdag z’n zaakjes heeft en monden heeft om te voeden? Knijp je dan zelf ook een oogje toe? Wat doe je als je visum verloopt vanwege de trage bureaucratie en iemand aanbiedt om voor een paar honderd US Dollar het ‘te gaan regelen’ bij de grens? Waar begint corruptie?
Of wat doe je als je ontdekt dat de enige Engelstalige kerkdienst in je dorp om 6:00 in de ochtend begint? Ga je echt om 5:00 je kinderen uit bed halen? Wat doe je als de zwarte markt wisselkoers twee maal (!) zo hoog is als de officiële wisselkoers, waardoor het leven twee keer zo duur zou zijn als we onze euro’s bij de bank zouden wisselen? Mag je de overheid buitenlandse valuta onthouden die ze zo nodig hebben voor kunstmest en brandstof? Mag je de tank van je auto van 180 Liter, omdat je een grote 4×4 tot je beschikking hebt, helemaal vol gooien als er al een paar weken geen diesel te verkrijgen is en er toevallig ergens weer iets is? Hoe ga je een 10 minuten gesprekje aan op school, als je over de manier waarop veel dingen op school toegaan een mening hebt? Hoeveel vervreemde ervaringen mag je je kinderen geven per week? Waar eindigt respect voor de context en begint je eigen grens?
Waar eindigt respect voor de context en begint je eigen grens?
En hoe beweeg je je als rijke westerlingen in een context van extreme armoede? In Groningen was er af en toe iemand die vroeg om een euro voor de nachtopvang, hier wordt overal en constant gebedeld op straat. Hoe houd je je hart zacht voor de armoede, zonder met geld rond te gaan strooien? Op welke hulpverzoeken van je personeel – voor een zieke vader, de begrafenis van een familielid, scholing van de kinderen – ga je wel en welke niet in?
Samuel Wells over improvisatie
Mijn reflex als theoloog in dit soort situaties is om te gaan lezen. In de beperkte bagageruimte was plek voor een paar boeken die niet op m’n e-reader stonden. Een van die boeken was Improvisation: The Drama of Christian Ethics (2004) van Samuel Wells. In dit boek gebruikt Wells de praktijk van improvisatietheater als model voor christelijke ethiek. Improvisatie is de kunst van acteurs om een verhaal in de geest van het voorgaande verder te vertellen zonder dat er een script voor handen is. Dit vraagt om vertrouwen in elkaar als medespelers, maar ook een zeker ambacht. Het is een veelbelovend model voor onze situatie, omdat we in al de bovenstaande dilemma’s het gevoel hebben in de mist te varen en niet anders kunnen dan improviseren.
Het is in de tweede plaats een veelbelovend model omdat het uitgaat van een narratieve benadering van theologie waardoor de vreemde nieuwe wereld waar we ons in bevinden eigenlijk toch ook weer niet zo heel vreemd is. Deze wereld is ook gewoon Gods wereld. De hoofdlijnen van het grote verhaal van de geschiedenis van schepping en val, Israël, Jezus, de kerk en het eschathon zijn nog steeds dezelfde. Dit perspectief geeft oriëntatie en ontspanning. We weten dat het niet om ons draait, maar om God. Ons kleine levensverhaal, waarin we niet altijd zeker zijn van de juiste keuzes, is opgenomen in een alomvattend drama waar de grootste beslissingen al zijn gevallen. Wij hoeven niet de held te zijn in ons eigen levensverhaal, zoals in veel zelfhulpboeken het geval is. Het besef dat dit verhaal een drama is en geen tragedie geeft veel ontspanning en hoop om alle moeiten en ellende het hoofd te bieden. Prof. A.A. Van Ruler heeft dit ooit een zonnigheid in de zonde genoemd: de wereld is verlosbaar!
Wij hoeven niet de held te zijn in ons eigen levensverhaal.
De praktijk van over-acceptatie
Een van de mooiste ideeën uit het boek van Wells is de praktijk van over-acceptatie. Iedere actie van een acteur op het toneel is een aanbod (offer) aan de andere acteur om iets mee te doen. Dat betekent in de praktijk van het leven dat iedere situatie een beslissing vraagt. Je kunt een aanbod, bijvoorbeeld een verzoek om geld, accepteren of niet accepteren (block). Soms zijn er situaties dat beide opties het verhaal niet verder brengt in de geest van het Evangelie. Volgens Wells zit de Bijbel vol met verhalen van een derde, hogere weg. Als Jezus wordt geconfronteerd met zijn kruis, dan blokt hij die weg niet. Niet mijn wil, maar uw wil geschiede. Maar het kruis wordt door God ook niet zomaar geaccepteerd als een gegeven feit (given). God over-accepteert het aanbod van het kruis, de verwerping van Zijn Messias, door het een nieuwe betekenis te geven in een groter verband. Door de daad van de opwekking van Jezus verandert God het kruis van de tragische dood van een onschuldige in de overwinning op de dood.
Hetzelfde zien we in het verhaal van de verzoeking in de woestijn. Als Jezus wordt verleid om stenen in brood te veranderen, accepteert hij die verzoeking niet. Maar Hij verwerpt het verzoek tot brood ook niet. In plaats van stenen geeft Hij zijn gebroken lichaam als het brood des levens.
Hoe pas je dit idee nu toe op de concrete dilemma’s waar ik zojuist over vertelde? Hier begint het echte werk. En het eerlijke antwoord is: ik heb nog geen idee. Hoe over-accepteer ik het verzoek van kinderen die bedelen om eten bij de markt, de praktijken op school, de sluimerende nachtwacht? Wells geeft wel een hint. Deze vorm van ethiek is ecclesial ethics. Het is niet de bedoeling dat je de toepassing in je eentje gaat zitten uitdokteren. Het is mij duidelijk dat we hier in Malawi medegelovigen, zowel westerlingen als Malawianen, nodig hebben om de smalle weg te vinden. En ik vraag mij af: is dat in Nederland dan zo anders? Moeten we in Nederland niet net zo goed gezamenlijk improviserend onze weg gaan als gelovige en als gemeente, omdat de wereld zo snel verandert dat de antwoorden van gisteren niet meer automatisch voldoen op de vragen van vandaag?

Arjen Zijderveld, MA (39) studeerde theologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Hij werkte als studentenpastoor voor het studentenpastoraat in Groningen (GSp) en als studentenwerker voor IFES-Nederland. Momenteel werkt hij op afstand voor ForumC, het kenniscentrum van IFES-Nederland. Hij is getrouwd met Sofieke, die in Malawi voor Stichting Tweega Medica artsen opleidt tot Family Medicine specialisten.