Menu

None

Leven van genoeg

Portret van Paul Schenderling
Foto: Dick Vos

Eerst kijken of je kunt repareren, lenen of delen. Maar doe je boodschappen vervolgens royaal, zodat je je naaste recht in de ogen kunt kijken. Paul Schenderling bepleit een verschuiving van groei naar bloei.

Een samenleving waarin de focus op steeds méér in kwantitatieve zin verschoven is naar méér in kwalitatieve zin – dat is de droom van Paul Schenderling. Hij is een van de drijvende krachten achter ‘Genoeg om te leven’, de beweging die streeft naar een vreugdevoller leven binnen de draagkracht van de aarde. Het meer kerkelijk gerichte programma ‘Leven van genoeg’ maakt er deel vanuit.

Het is niet zomaar een droom. Als econoom is hij ervan overtuigd dat het ook haalbaar is het systeem waarin de wereld gevangen zit, om te bouwen in die richting. Mits we anders gaan kijken naar producten en diensten, en gemeenschapszin leidend wordt in de samenleving en daarmee in de economie.

Paul Schenderling: ‘Ik ben niet tegen economische ontwikkeling maar die moet gericht zijn op kwalitatieve verbeteringen, op sociale, culturele en spirituele groei.’ Producten moeten een langere levensduur krijgen, vindt Schenderling. Ze zullen beter reparabel moeten worden en we zullen ze moeten kunnen upgraden en upcyclen.

‘Naast het verminderen van de belasting van de aarde moet de kwaliteit van leven verbeteren, wat op heel gespannen voet staat met de huidige cultuur van steeds maar meer. Aanpassing van de publieke voorzieningen en vermindering van werkdruk moeten ervoor zorgen dat mensen weer kunnen opbloeien. Prestatiedruk maakt mensen namelijk ongelukkig en isoleert ze van elkaar.’

Als water

Het neoliberale ideaal is het autonome individu dat zelf succes creëert, betoogt Schenderling: ‘Het omgekeerde ethos is de dienstbare persoon die in relatie tot anderen bijdraagt aan het welbevinden van de gemeenschap. Die gaat niet proberen te heersen over anderen door voorraden of kapitaal aan te leggen, het dominante model momenteel. Diegene vraagt zich af: wat is genoeg? Het extra laat hij circuleren in de gemeenschap. Dat kun je zien als het in stand houden van economische activiteit. Om het bijbels uit te drukken: het leven is als water dat alleen levend blijft als het stroomt. Het gaat dan om alles waarmee we gezegend zijn: regen, vruchtbaarheid, gezondheid, noem maar op. Mensen moeten de stroom van leven in stand houden en doorgeven.

Prestatiedruk maakt ongelukkig en isoleert

Het gaat mis wanneer we, zoals Jeremia het zei, het water in bakken gaan doen. Bakken die nog lekken bovendien. Eigenlijk kun je het helemaal niet vasthouden. Wanneer we oppotten en alles voor onszelf houden, dan hebben we de stroom eerst gekanaliseerd en vervolgens een reservoir gebouwd om alles voor onszelf te houden. Dan komt de stroom tot stilstand en wordt het water dood; de levenskracht is eruit.

Dat is niet hoe je met een godsgeschenk omgaat. Zegeningen zijn geschenken die doorgegeven moeten worden en aangewend om de gemeenschap op te bouwen.’

Behoeftes of verlangens

Oppotten gebeurt op allerlei manieren. ‘Het begint al bij je spaargeld. Hoeveel mag je aan de stroom onttrekken? Doordat bezitters van vermogen en productiemiddelen iets van het leven opgepot hebben, kunnen ze heel veel macht uitoefenen over anderen. Als we zuinig aan gaan doen, betekent dat dat de stroom van leven opdroogt. Als we royaal zijn, geven we het geschenk van het leven door. Wanneer we op onze boodschappen beknibbelen ten behoeve van een dure vakantie of een grote auto voor onszelf, knijpen we de stroom van leven af. Daar ageer ik tegen. Ik wil de ander recht in de ogen kunnen kijken.’

In de aanzet tot wat Schenderling als ‘postgroei-samenleving’ ziet, kan iedereen meedoen. ‘Houd je behoeftes eens bij in een schriftje. Op de linkerbladzijde zet je zaken als: dit apparaat is stuk – moet vervangen worden. Op de rechterbladzijde noteer je je verlangens. Verlangens die echte en bestendige vreugde opleveren. Als je die eens expliciet maakt, kom je er al snel achter dat je aan je behoeftes heel veel tijd, geld en energie besteedt, terwijl je verlangens daaronder lijden. Vervolgens kun je je dan afvragen wat je echt nodig hebt. Die vraag is op zich al uiterst transformerend, want de beperking volgt als vanzelf.

Houd je behoeftes eens bij in een schriftje

Je gaat je afvragen wat gerepareerd kan worden, wat je samen met een ander zou kunnen kopen of wat zou je kunnen lenen of delen. En áls je dan iets nieuws moet aanschaffen, onontkoombaar soms, dan richt je je op kwaliteit. Op hoogwaardige producten die lang meegaan en die met respect voor de aarde zijn gemaakt.’

Gewoon bedrijfseconomie

Zelf wil Schenderling precies weten hoe en door wie zijn koffie gemaakt is en waaraan welk deel van de kostprijs besteed wordt. Is de boer goed betaald? Is de grond er niet door uitgeput? Hoe is de koffie naar Nederland toegekomen?

‘Als ik weet dat de koffie die ik drink, ook is gebrand, gemalen en verpakt in Ethiopië, laat ik de zegeningen terugstromen naar het land waar de koffieboon ook gegroeid is. Als die processen dáár gedaan zijn, komen die ook ten goede aan de gemeenschap daar.

Dat is gewoon bedrijfseconomie. Als we ze afknijpen, zoals vaak gebeurt, krijgt de economie daar nooit de kans om echt tot bloei te komen. Dat is een vorm van sociaal onrecht.’ Je bij elk product afvragen hoe je het op de meest productvriendelijke of aardvriendelijke wijze kunt aanschaffen, kost natuurlijk tijd. ‘Je kunt het zien als een beweging die je dagelijks kunt oefenen om daarmee bij te dragen aan een gemeenschapseconomie.

En alleen al door die tijdsinvestering zul je minder kopen.’ ‘Genoeg om te leven’ bepleit een verschuiving van belasting op werk naar belasting op CO2-gebruik. Schenderling: ‘Alle vormen van het naar jezelf toe trekken van grondstoffen en arbeid van anderen, waardoor feitelijk waarde onttrokken wordt, zouden belast moeten worden. Het tóevoegen van waarde, vooral door arbeid, samenwerking en gerichtheid op de lange termijn, zou veel minder belast moeten worden. Daarmee zet je een wissel om in de economie, waardoor alle keuzes van mensen meer gericht zullen raken op wat beter past bij een gemeenschapseconomie.’

Dick Vos is freelance tekstschrijver.

Paul Schenderling is econoom, schrijver en spreker. Hij adviseert, schrijft en spreekt over sociale en ecologische vraagstukken vanuit een economische invalshoek. Zijn doel is een gelukkiger samenleving die
binnen de draagkracht van de aarde leeft. Samen met anderen publiceerde hij Hoe handel ik eerlijk (2021) en Er is leven na de groei (2022). www.levenvangenoeg.nl en www.genoegomteleven.nl.


Beperkt
Woord & Dienst 2024, nr. 3

Wellicht ook interessant

Christelijke influencer
Christelijke influencer
None

Wat Bonifatius en TikTok met elkaar te maken hebben

Gen Z lijkt meer interesse te hebben in religie, klopt aan bij kerken en staat open voor zingevingsvragen. Hun mentale gezondheid gaat achteruit door prestatiedruk, sociale media, oorlogsdreiging, klimaatcrisis en woningnood. Stevige uitspraken. Maar wat is het perspectief van de jongeren zelf? Hoe ervaren zij de aan hen toegeschreven ‘zoektocht naar zin’? Nathan en Rozamaryn, de Jonge Theologen der Nederlanden, schrijven elke maand een column over wat hun eigen generatie beweegt. Deze maand de column van Nathan over heiligheid.

Basis

Leven als rijke westerling in een extreem arm land

Hoe ziet het volgen van Jezus eruit op een plek die je niet goed kent, die je niet goed begrijpt, en die enorm verschilt van de plek waar je vandaan komt? Op die vraag probeert Arjen Zijderveld in deze serie antwoord te geven. In oktober 2025 verhuisde hij samen met zijn vrouw en twee kinderen van 4 en 2 van Nederland naar Malawi, wegens het werk van zijn vrouw. In Malawi komt hij als rijke westerling echter voor allerlei ethische dilemma’s te staan, lezen we in het eerste artikel. Wanneer knijp je een oogje toe?

None

Voetballen voor God en vaderland

Heilig gras, clubiconen, de hand van God – in de voetbalwereld barst het van de religieuze symboliek. Supporters zingen op zondag hun liederen, verlangen vurig naar een overwinning en danken het team na de weelde van drie punten. Bovendien lijkt er op het professionele veld ruimte te zijn voor ‘echte’ religie. We zien voetballers kruisjes slaan, het gras kussen en bezield omhoog wijzen na een doelpunt. In deze serie leggen we voetbal en geloof naast elkaar: wat hebben ze gemeen en wat juist niet? Dit keer is sportjournalist Frank Van de Winkel aan het woord over geloof in het Belgische en Nederlandse nationaal voetbalelftal.

Nieuwe boeken