Met de kinderen: Verkiezingen
Bij Marcus 9,30-37
Verhaal
De meester heeft een prachtplan bedacht. Ze gaan verkiezingen houden. Wie wint, wordt klassehoofd en dus een klein beetje de baas in de klas, na de meester natuurlijk.
Er zijn twee kandidaten. Anne Marije, het populairste meisje uit de klas. Ze is knap en kan goed gymmen. Ze wint altijd en haalt hoge cijfers. De meester neemt haar vaak als voorbeeld in de klas.
De andere kandidaat is Wessel. Wessel is niet zo sterk en ook niet zo goed in gym. Hij is een beetje te dik. Veel kinderen vinden Wessel aardig, omdat hij altijd andere kinderen helpt.
Wie gaat er winnen denken jullie? En waarom? Wie zouden jullie als klassehoofd willen? Waarom?
Voor Jezus maakt het niet zo veel uit wie klassehoofd wordt. Maar Hij heeft wel een tip: Zorg goed voor alle kinderen in de klas. Wees aardig voor ze en help ze als dat nodig is. Want Jezus houdt van álle kinderen.
Niet leuk
Ik moet Rick helpen, terwijl ik buiten wou spelen.
Ik moet Anna laten winnen, terwijl ik zelf de prijs zo mooi vind.
Ik moet voor mijn broertje zorgen, terwijl die nooit wil delen.
Ik moet, ik moet, ik moet.
Wat Jezus wil, is niet makkelijk,
en al helemaal niet leuk of goed.
Maar als Rick het niet zelf kan,
Anna verliest, en broertje moet huilen,
ja dan,
dan ben ik ook verdrietig, dan is niemand blij.
Dus ach, ik doe het maar,
het gaat tenslotte niet alleen om mij.
En als Rick dan merkt dat het samen wél gaat,
en Anna wint, en broertje lacht,
ja dan, ja inderdaad,
dan ben ik ondanks alles ook wel blij.
dan stralen we met zijn allen,
God net zoveel als wij.
Bij Marcus 9:30-37