Menu

None

Na confrontatie, verantwoording en verzoening een lege hel?

Iedereen kan zich min of meer wel een voorstelling maken van de hel. ‘Het was de hel!’ verzucht, na een vakantie met slecht eten en harde bedden in een hotel zonder airconditioning, de een. ‘We krijgen een kijkje in de hel,’ vindt een ander als hij de mensonterende omstandigheden in de wereld ziet. Iets vergelijkbaars geldt voor de hemel. In Het einde van de hel onderzoekt Reinier Sonneveld de mogelijkheid of en hoe we voortleven na onze dood en of we uiteindelijk terecht komen in een hemel of een hel. Zijn conclusie staat aan het begin vast: aan elke hel komt voor iedereen ooit een einde en uiteindelijk zullen we in harmonie met elkaar samenleven. Hij maakt hierbij overigens de disclaimer dat ‘niets vanzelfsprekend is als het gaat over hemel en hel’.

Plundering

In het eerste deel van het boek wil Sonneveld met ‘neutrale’ argumenten vooral sceptici en de lezer met minder ‘christelijke’ bagage overtuigen van een hiernamaals. Daarna betoogt hij hoe dat eruit zou kunnen zien en legt hij uit hoe na een periode van loutering, confrontatie en het afleggen van verantwoording een einde komt aan de hel. De auteur onderscheidt verschillende opvattingen als het gaat om het leven na de dood. Kortweg: infernalisten gaan ervanuit dat gelovigen naar de hemel gaan en niet-gelovigen gestraft worden in een hel; voor materialisten houdt het na dit leven ‘gewoon’ op. Deze twee groepen vertonen meer overeenkomsten dan zijzelf wellicht vermoeden.

Voor beide moet het hier en nu op aarde namelijk gebeuren. Daarna zijn je kansen verkeken. Of er is een laatste oordeel en je eindigt in de hemel of hel; of je leeft alleen nog voort in de herinnering van de achterblijvers. Sonneveld illustreert dat met twee op het eerste gezicht uitersten. Dat vond ik een eyeopener. In infernalistische kringen klinken in preken soms woorden als: ‘Horen jullie de klok tikken, kinderen? Tik…tik…tik… Elke seconde dichter bij de nimmer eindigende eeuwigheid. Beseffen jullie dat wel?’. Een vergelijkbare strekking klinkt door in een lied van Youp van ’t Hek: ‘Leef toch je leven als je laatste uur.’ Na je dood heb je volgens beiden dus geen keuze meer.

Sonneveld heeft ook oog voor de littekens die preken over de hel en het laatste oordeel kunnen achterlaten

Sonneveld is een vurig aanhanger van een derde richting: het universalisme of zoals hij het noemt de openhelhypothese. Een beeld dat dit volgens hem krachtig illustreert, is een fresco uit de Chora-kerk van Istanbul. Daarop is te zien hoe Christus mensen uit de hel naar zich toetrekt en ze op die manier in een gedeeld hiernamaals met elkaar verbindt. Treffend is de omschrijving van dit kunstwerk: De plundering van de hel. Volgens Sonneveld is er dus wel een hel, maar die is open. We zullen allemaal met elkaar eerst een langdurig en intensief proces van genezing en verzoening moeten doormaken. Misdadigers komen niet weg met een eeuwige straf, maar zullen zich moeten verantwoorden voor hun daden. Zij zullen geconfronteerd worden met wat ze hun slachtoffers hebben aangedaan. Dit doet volgens Sonneveld het meeste recht aan de slachtoffers. Zo zal recht geschieden en kunnen we in harmonie samenleven.

Bevrijdend

Na het lezen van met name het eerste deel bleef ik achter met een licht bevrijdend gevoel door de gedachte waar het universalisme voor staat: je hoeft hier op aarde niet de eeuwigheid te verdienen! Dat maakt het leven als gelovige meer ontspannen. Niet om achterover te leunen en leven of het je laatste dag is! ‘Als ik elke dag moet leven alsof het

mijn laatste is, ga ik echt geen belastingaangifte regelen of het toiletschoonmaken,’ zegt de auteur. Of dat diepzinnige gesprek voeren over wat hij allemaal anders had willen doen. Dat je het zelf en hier niet hoeft te fixen door goede werken of het volgen van uit de Bijbel gedestilleerde regels, behoed je mijn inziens voor een angstgeloof.

Sonneveld heeft ook oog voor de littekens die preken over de hel en het laatste oordeel kunnen achterlaten. Hoewel goed bedoeld en uit oprechte zorgen over het zielenheil van de medemens, doen dergelijk indringende woorden vaak meer kwaad dan goed en worden relaties soms tot een spreekwoordelijke hel. Sonneveld wijst liever op de persoon van Jezus. We kunnen God alleen kennen en iets zeggen over wie Hij is door naar Jezus te kijken. Jezus schreef niemand af en als Hij fel van leer trok, was dat daar waar het recht werd geschonden. Iedereen is welkom bij God volgens Sonneveld wat hij beargumenteert met diverse bijbelteksten.

Wordt vervolgd

Ik ben geen theoloog met kennis van klassieke talen en ik kan niet alle vertalingen en citaten die Sonneveld geeft verifiëren noch andere antieke bronnen uit de grondtaal ernaast leggen om tegengas te geven. Hiervoor verwijs ik graag naar de uitgebreide recensie van Ruben van Wingerden of die van Teun van der Leer. Ik kon mij vinden in een van de conclusies dat Sonneveld eerst lijkt te hebben besloten dat het universalisme waar is en dat daarna is gaan aantonen met teksten die passen binnen zijn overtuiging.

Ik besef dat exegetisch gezien het nodige is af te dingen op het bevlogen (want dat moet gezegd worden) boek van Sonneveld. Tegelijk is het een boek dat lijnrecht ingaat tegen de traditionele benadering en invulling van het hiernamaals en dus de lezer uitnodigt uit zijn comfortzone te stappen. Ook ik vermoed net als Van der Leer dat de discussies rond hemel en hel nog een vervolg zullen krijgen. Arnold Huijgen werkt aan een uitgebreide studie over dit onderwerp. Een kort essay van zijn hand verscheen twee jaar terug onder de titel: Waarom de wereld een hel nodig heeft.

Ten slotte bleef ik met een aantal vragen zitten waar ik graag met Sonneveld over in gesprek zou willen gaan:

– De auteur heeft het over een confrontatie tussen daders en slachtoffers, zodat de laatsten hun verhaal kunnen doen en de daders de waarheid onder ogen moeten zien. Dit roept bij mij de vragen op: zitten slachtoffers te wachten op een confrontatie met de dader, nadat ze tijdens hun leven soms al geworsteld hebben met het verwerken van hun trauma en hopen dit ooit achter zich te kunnen laten? Zou de hemel voor hen dan niet de hel worden als ze dit allemaal weer opnieuw moeten oprakelen?

– Sonneveld spreekt van een periode van boetedoening. Hoe lang is dat? Wie bepaalt wanneer en of er sprake is van herstel van het aangedane leed en verzoening? God? Of een van de beide partijen? En komt dit overeen?

– Een vraag die daarmee samenhangt is: wat als een dader volhardt in zijn eigen gelijk, niet voor rede vatbaar is en niet inziet dat hij überhaupt iets fout heeft gedaan?

Frida van Til studeerde Nederlands aan de Rijksuniversiteit Groningen en verdiepte zich vooral in de achttiende eeuw. Daarna werkte ze bij de afdeling Bijzondere Collecties van de universiteitsbibliotheek van de RUG. In september begint ze bij Windesheim aan de opleiding Theologie.


Reinier Sonneveld, Het einde van de hel. Waarom niemand wordt afgeschreven. Uitgeverij Kokboekencentrum, Utrecht. €23,99. 288 pp. ISBN 9789043542326

Wellicht ook interessant

Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
Auteur zit met gevouwen handen op een bankje, zwart-wit beeld
None

Interview: “Ik wil een eerlijk gesprek over de doodswens”

Mensen die niet meer willen leven, krijgen niet zomaar euthanasie. Er zijn strenge eisen waaraan moet worden voldaan, voordat het eigen leven bewust gestopt kan worden. Maar als een euthanasieverzoek wordt afgewezen, is de wens om te sterven vaak niet verdwenen. Soms kiezen mensen dan voor ‘de autonome dood’, een zelfgeorganiseerd levenseinde. Hoe is dit voor nabestaanden? Krina Huisman deed er onderzoek naar en schreef het boek Nabestaan. Leven na de autonome dood. Redacteur Maartje Amelink ging met haar in gesprek.

Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Een houtsnede uit 1999 van Willy van der Duyn met als titel Geen droom bakert je in windselen.
Basis

Lazarus voorbij

AI zo lang als er mensen bestaan, gaan ze ook dood. Het zou dus moeten wennen, maar dat is niet zo. En daar zijn wel wat redenen voor: onze herinnering reikt niet tot de eerste mens; voor eenieder is er altijd een eerste betreurde dode in zijn of haar leven. Daarbij is de dood geen optelsom van steeds en altijd hetzelfde. Sterft er iemand, dan nemen we afscheid van een persoon zoals er nooit eerder een geweest is, en ook nooit meer een zal zijn. Vervelend is ook dat de dood zo veel gezichten heeft. Mensen kunnen vreselijk sterven, maar ook heel mooi. Veel te jong, en ja, soms ook te laat. In verzet, maar ook in overgave. Overvallen, maar ook voorbereid. Zinloos, maar ook zinvol.

Nieuwe boeken