Menu

Basis

Naakt en onverhuld

Kleding en anders spullen op een houten stoel gelegd
(Beeld: iStock)

Daar liggen ze dan, de doeken waarin Jozef van Arimatea het lichaam van Jezus zo liefdevol had gewikkeld. De laatste zorg, gegeven aan de man die zoveel heeft gegeven aan de mensen om Hem  heen. De laatste zorg, met liefde, aandacht en respect gegeven.

Jaren eerder gaf Maria met liefde, aandacht en respect de eerste zorg. Ook zij wikkelde Jezus in doeken. Alsof Jezus bij zijn geboorte ergens ingepakt werd, daarmee zijn hele leven omhuld geweest is en nu, na zijn opstanding, die omhulling, die vérhulling misschien, heeft afgelegd.

Een ander beeld

Ik bezoek een oudere heer, wiens schoonzoon Peter anderhalf jaar terug plotseling overleed. Dat bracht aanvankelijk vooral geschoktheid en verdriet, maar na een tijd ook verwarring en iets als schaamte. Aarzelend zegt hij: ‘Het is gek, maar ik begin nu pas te zien wie hij eigenlijk was. Ik zie steeds beter hoe hij de plaats naast mijn dochter innam. Ik hoor van mensen wat hij voor hen betekend heeft. Ik begin te voelen hoe hij in mij voortleeft. Wat ik nú van hem zie, is een heel ander beeld dan ik van hem had toen hij nog leefde. Ik heb het gevoel dat ik hem tekort heb gedaan. Dat ik niet de waardering voor hem heb gehad, die hem toekwam.’ Zijn ervaring roept grote vragen op. Zíen we elkaar niet goed, als we ‘gewoon’ met elkaar leven? Zou deze man Peter wél goed gezien hebben als hij destijds meer aandacht en tijd aan hem had besteed? Of een meer open blik gehad had? En Peter – heeft die zich tijdens zijn leven láten zien? Heeft hij zélf eigenlijk wel goed gezien wie hij was?

Het wezenlijke omsluierd

Misschien heeft de kleine prins in het boek van Antoine De Saint-Exupery gewoon gelijk. Hij zegt: ‘Het wezenlijke is onzichtbaar voor de ogen.’ Als dat zo is, is de ervaring van deze oudere heer niet meer dan logisch. Onze waarneming van iemand die recht voor onze neus staat, is gedoemd om onvolkomen te zijn. Als we iemand nog kunnen zien met onze ogen en daardoor verleid worden om alleen met onze ogen te kijken, zien we het wezenlijke niet. Al het persoonlijke – het lichaam, het gedrag, de stem, de levensinstelling, de blik, de overtuigingen, behoeften, verlangens, ideeën, oordelen – al het persoonlijke omsluiert het wezenlijke van een mens. Dat geldt voor hoe wij naar elkaar kijken en dat geldt ook naar hoe ik naar mezelf kijk. Kan ik mezelf goed zien? Kan ik zien wie ik ten diepste ben, voorbíj aan al dat persoonlijke? In wat voor doeken ben ik gehuld – voor mijn naasten en voor mijzelf?

Christus, zoals Hij is

Jezus is verdwenen als lichamelijke, persoonlijke aanwezigheid. De doeken in het graf geven ons een teken. De omhulling Jezus is er niet meer, maar Christus, de essentie, het wezenlijke, is er wél; dat was er altijd al en dat zal er nooit níet zijn. Omdat we Jezus niet meer kunnen waarnemen met onze ogen, kunnen we ons ook niet meer blind staren op het beeld dat we van Hem hebben. Wat ons rest, is openstaan voor de ervaring van de innerlijke aanwezigheid van Christus. Christus, zoals Hij in zichzelf is – en niet dat wat ík zo graag zie.

Ja, daar verlang ik naar. Daar zoek ik naar. Dat ik leer waar te nemen voorbij aan al het uiterlijke. Ik zoek Christus naakt en onverhuld. Ik zoek mijzelf naakt en onverhuld. Ik zoek de waarheid, hoe ongemakkelijk soms ook, naakt en onverhuld. Ik zoek het leven, de liefde, het licht naakt en onverhuld.

Marga Haas is geestelijk verzorger in een hospice. Zie margahaas.nl.


Uit de doeken
Open Deur 2026, nr. 3

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken