Menu

Basis

Onverwachts

Gebroken stoelen in een voetbalstadion
(Beeld: iStock)

Soms glipt een zaadje onopgemerkt uit de zak. Je merkt het niet eens. Maar jaren later blijkt precies dat zaadje uitgegroeid te zijn tot een hoge struik, waarin vogels nestelen.

Het wordt een wat lastige uitvaart, had de uitvaartondernemer gezegd. Niet alleen omdat het een Schotse begrafenis zou worden, maar vooral omdat de zoon die alles moest regelen nogal veeleisend was. Wat ze er niet bij had verteld, was dat de aanwezigen bij de plechtigheid vooral FC-Utrecht supporters waren, en dat de wat lastige zoon net was vrijgelaten uit de gevangenis. En het waren niet zomaar supporters; het ging om de harde kern met bijpassende kleding en gedrag. Ook voor een bajesdominee een uitdaging.

Toen de gasten binnenstroomden, schrok ik. Ze waren rumoerig, vol tatoeages, allemaal met een FC-Utrechtsjaal om. Verbeeldde ik me dat ze me wat meewarig aankeken? Een dominee met een witte toga, die hadden ze op hun tribune niet vaak gezien. Sowieso waren ze geen kerkgangers, deze gasten.

‘Dat is mijn bajesdominee!’

Toen ik de zaal binnenkwam, zag ik dat de paaskaars veel te hoog stond – en dus had ik gelijk al een van de jongens nodig om hem aan te steken. Iemand riep: ‘Calimero’, en er werd hard gelachen. ‘Moeten we je optillen?’ vroeg een van hen. Maar toch kwam een boom van een kerel naar voren. Voordat de dienst begon stak hij voor ons de paaskaars aan: het licht van Christus voor ons allemaal.

Even later kwam de familie binnen, mét een paar goede vrienden van de zoon. Eentje keek mij onderzoekend aan en riep toen met een duidelijke stem, hoorbaar voor iedereen: ‘He, jongens, dit is mijn oude bajesdominee! Dus hou je gedeisd! Het is trouwens een schatje!’

Betere reclame kun je niet hebben. Het werd stil. Een bajesdominee, iemand die hun leefwereld kende en iemand die vast wel vaker met ruige gasten te maken had gehad. De rest van de dienst bleef het opvallend rustig; het werd een mooie, bijna serene bijeenkomst.

Ondertussen pijnigde ik mijn gedachten en vroeg me af uit welke bajes ik deze fan van de geestelijke verzorging kende. Hij kwam me absoluut niet bekend voor, dus na afloop informeerde ik voorzichtig waar we elkaar ontmoet hadden. Het bleek in Rotterdam te zijn. Hij wist me te vertellen dat ik ooit in een heet weekend mijn ventilator in zijn cel had gezet omdat het zo vreselijk warm was, en dat ik hem krijtjes had gegeven om mee te tekenen. Hij bewaarde veel goede herinneringen aan onze gesprekken.

Zelf herinnerde ik me hem niet. Niet helemaal verwonderlijk als je bedenkt dat je als dominee honderden mensen spreekt en gedetineerden meestal maar één of twee dominees zien.

Ik bedankte hem dat hij op zo’n bijzondere manier mijn dienst gered had, en dat het dankzij hem zo stil en respectvol verlopen was. ‘Je oogst wat je zaait, dominee!’ zei hij. En ik dacht erbij: ‘Ook als je zelf vergeten bent wat en waar je gezaaid hebt…’

Achter het huis

Het was een beetje zoals een collega die geprobeerd had tomaten te planten en haar oogst keer op keer zag mislukken. De verpieterde planten had ze gefrustreerd achter haar huis gegooid – om na een paar weken te merken dat juist daar de tomatenplanten het prima gedaan hadden: een rijke oogst.

Is het niet veel vaker zo, dat je op onverwachte momenten terugkrijgt wat je ooit ergens gezaaid hebt? Dat je soms oogst op onverwachte plekken? Dat is toch een troostende gedachte!

Folly Hemrica is theoloog en redactielid van Open Deur. Zij werkte o.a. als justitiepredikant en straatpastor.


Zaaien
Open Deur 2026, nr. 6

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken