In de brief aan de Kolossenzen gaat het tweemaal over slaafgemaakten, in 3:11 en in 3:22-4:1. Alhoewel de twee passages dicht bij elkaar in de buurt staan, lijkt er sprake te zijn van een stevige tegenspraak tussen deze twee teksten. De eerste stelt dat er geen onderscheid meer bestaat tussen slaafgemaakten en vrije mensen, terwijl de tweede tekst stelt dat slaafgemaakten hun eigenaren in alles moeten gehoorzamen. In dit artikel bespreek ik deze tegenstelling en een aantal mogelijke oplossingen. Ten slotte stel ik een alternatieve interpretatie van Kolossenzen 3:11 voor die de tegenspraak tussen de twee teksten opheft. De eerste
Het volledige artikel lezen?
Dit artikel is voor Basis-leden.
Log in en lees verder. Nog geen lid?
Al vanaf € 5,83 per maand heb je toegang tot dit artikel en veel meer op Theologie.nl.
InloggenLid worden