Menu

Filters

Auteur

Hoofdthema

Pleinen

Soort materiaal

Andere bronnen

None

Collectieve eenzaamheid

Je kent ze wel van die ontluisterende berichten op nos.nl dat iemand al 10 jaar dood achter diens voordeur ligt zonder daadwerkelijk gemist te worden. De buren hadden inderdaad al een tijdje niks meer vernomen, lees je vervolgens. Ergens zijn dit soort berichten de ‘kanarie in de kolenmijn’ van onze samenleving. Collectieve eenzaamheid. De coronajaren hebben de problematiek indringend onder de aandacht gebracht.

Basis

Geen mens staat op zichzelf

De mens leeft samen met andere mensen én met andere levende wezens: bomen, planten, dieren. Muziek maak je samen, met je spel open je voor je luisteraars een wereld. Met gastvrijheid en gulheid deel je wat er te geven valt. Wie vol is van zichzelf, maakt geen ruimte voor anderen. Je kunt jezelf oefenen om je plaats te kennen in het grote geheel dat samenleven heet: bedenk steeds wat je verbindt met het grotere geheel.

Basis

Woestijnvaders en woestijnmoeders over alleen leven en samenleven

Woestijnvaders en -moeders uit de 4e tot 7e eeuw begeleidden mensen die een religieus leven als heremiet (alleen) ambieerden of juist eerder als cenobiet (samen, in een kloostergemeenschap) wilden of zouden moeten wonen. Talloze spreuken uit die tijd tonen de voordelen maar vooral de valkuilen van de diverse leefvormen.

Basis

Dag Hammarskjöld: de innerlijke reis als een weg naar gemeenschap

Hoe de mens een leven van actieve maatschappelijke dienst zou moeten leven in volledige harmonie met zichzelf als lid van de gemeenschap van de geest, las Dag Hammarskjöld in de geschriften van die grote middeleeuwse mystici. Dat zei de destijds VN-Secretaris Generaal in 1954. De angst voor de dood verhindert verhindert de mens om werkelijk tot leven te komen, stelt hij. De reis naar binnen, in stilte, de eenzaamheid, leidt tot gemeenschap.

Basis

Martin Buber en het ‘tussen’: wat zich weggeeft in de ontmoeting

Martin Buber onderscheidde de relaties ik-het en ik-jij. Het streepje geeft het ‘tussen’ aan, de relatie zelf. Meestal leef ik met een deel van mijzelf in relatie tot een deel van mijn omgeving. Totdat plotseling een jij mij tegenkomt. God spreekt mij aan in ieder jij-moment, mij omvormend tot een gestalte die beelddrager is geworden van de werkelijkheid die God is. We zijn alleen of samen, maar altijd verbonden, levend in de het-wereld die ieder moment een jij kan worden.

Nieuwe boeken