Vertrouwen
Handelingen 3,17-26
Petrus heeft het wel gezien: de meeste mensen zijn stomverbaasd als ze een bedelaar die altijd verlamd is geweest, opeens zien lopen. Petrus hoort hoe sommige mensen zich bedrogen voelen. ‘Heeft die bedelaar altijd toneel gespeeld?’ vragen ze zich af. ‘Of worden we nu in de maling genomen met een trucje?’ ‘Pas op!’ zegt Petrus tegen al die mensen. ‘Ga je niet lopen ergeren, daar heeft niemand iets aan. Doe liever mee met de vrolijkheid!’ Het is zoals met de kinderen bij Joost thuis. Joost wil nooit iets eten. Elke dag zorgt het voor gezeur aan tafel. Tot er op een dag een oom langskomt die een wonderlijk kruid bij zich heeft. ‘Wie hier een klein beetje van over zijn eten strooit en zijn bord leegeet, is vanaf dat moment 24 uur vrolijk,’ zegt de oom. Joost probeert het en eet vrolijk zijn bord leeg. En de andere kinderen? Even hebben ze de neiging om boos te worden op Joost en te roepen dat hij altijd een aansteller is geweest. Ook zijn ze wel een beetje boos op oom, omdat hij Joost als eerste van het kruid gegeven heeft. Dan besluiten ze om ook van het kruid over hun eten te strooien. Samen eten ze vrolijk verder.