Menu

Basis

Waarom Stephen nu Saïf Saaeed heet. Over nationaliteitswissels, armoede en sportpolitiek

God aan de bal, een reeks over topsport en zingeving, deel 3

Saïf Saaeed
(Beeld: Mohan/Wikimedia Commons)

Stephen Cherono, later Saif Saaeed Shaheen, koos voor Qatar. Lees hoe armoede, politiek en sport zijn carrière en records bepaalden.

Wat doet een mens al niet voor een beter leven? Stel: je bent een topatleet uit het arme Kenia en je krijgt een aanbod van het rijke olieland Qatar. In ruil voor duizend dollar per maand, levenslang, moet je van nationaliteit en naam veranderen. Doe je het of bedank je ervoor?

Van Kenia naar Qatar: de keuze van Stephen Cherono

De Keniaanse atleet Stephen Cherono koos in 2003 voor een overstap naar Qatar, waar hij Saif Saaeed Shaheen werd. Het leverde hem wereldtitels en records op, maar ook controverse én een gemiste Olympische droom. Een gesprek met een intelligente, goedlachse jongeman over armoede, economie, politiek, horigheid en hoop.

In de jaren 2000 kregen enkele rijkere landen, zeker in het Midden-Oosten, plots een eureka-idee om hun uitstraling te vergroten. Wat als ze meer sportief succes zouden oogsten op wereldkampioenschappen, Olympische Spelen en andere toptornooien? En wat als ze arme Afrikaanse atleten hemels manna beloofden, zodat die in ruil voor hun adoptieland prestigieuze medailles zouden binnenhalen? Steenrijke, dunbevolkte staten zonder veel topatleten begonnen op het Afrikaanse continent te winkelen. Qatar. Bahrein. Zo ontspon zich een exodus.

Atleten kopen: hoe rijke landen Afrikaanse lopers binnenhaalden

De wereldatletiekbond IAAF, nu World Athletics, en het Internationaal Olympisch Comité, organisator van de Spelen, steigerden. Atleten kopen: dat kon toch niet! Een mens is toch geen koopwaar?! Dus probeerden ze nationaliteitswijzigingen te beletten of af te remmen. Dat kon door de betrokken atleten maandenlang te verbieden aan wedstrijden deel te nemen.

Ik was toen atletiekverslaggever voor Het Nieuwsblad en De Standaard en volgde de sport op wereldtoneel geregeld ter plaatse. Wat dreef een atleet om van nationaliteit te veranderen, vroeg ik me af. Welke argumenten wogen door? Ging er een tweestrijd aan vooraf? Namen hun familie en hun vertrekland het hen kwalijk? En was het echt zo’n simpel verhaal dat ze hun ziel verkochten, of lag het ingewikkelder?

Shaheen en de 3.000 meter steeplechase: records en wereldtitels

In 2004 zag ik de Keniaan Stephen Cherono – pardon, de Qatari Saïf Saaeed Shaheen – in het Brusselse Koning Boudewijnstadion het wereldrecord op de 3.000 meter steeple aanscherpen. Begeleid door opzwepende drums liep hij tijdens de Ivo Van Damme Memorial de race van zijn leven. Dat had zo zijn reden: tien dagen eerder had hij op de Spelen van Athene niet mogen deelnemen omdat hij van nationaliteit was veranderd. Dit was zijn wraak, en wat smaakte die zoet. Amper 21 was hij.

Vlak voor een wedstrijd in Helsinki, rond 2005, sprak ik een uur lang met hem. Ik keek in het hart en de open ogen van een man die zacht sprak en van een vleugje humor hield. Mijn werkgever negeerde het gesprek – ‘de mensen zijn daar niet in geïnteresseerd, en het is geen Belg’. Goed, dan diende het maar om mijn eigen kennis en inzicht te vergroten. En om een hopelijk fijn mens uit een andere cultuur te leren kennen.

Geen slaaf, wel vluchteling

Met zijn 64 kilo bij 1,77 meter was hij een gebeeldhouwd atleet. Zijn geliefde onderdeel: de 3.000 meter steeplechase – zevenenhalve ronde, met per ronde vijf horden van 91 centimeter hoog en één waterbak. Met zijn gratie en souplesse was hij er de geknipte man voor.

Twintig jaar geleden verliep het gesprek als volgt.

‘Zeg maar Stephen, dat doet iedereen die me kent. Mijn Qatarese naam is meer administratief, al mag je die natuurlijk ook gebruiken.’

Je bent toch door Qatar gekocht, als ik dat oneerbiedig mag zeggen? Duizend dollar, elke maand tot het einde van je leven, plus en een appartement in Doha. Voel je je geen slaaf die op de markt aan de meest biedende is verkocht?

‘Je spreekt van ‘verkocht’, maar dat is niet het juiste woord. Ik voel me geen slaaf, ik voel me een vluchteling.’

Waarom heb je die stap gezet?

‘Wij Kenianen zijn het systeem in ons land meer dan beu: het is niet eerlijk. Er zijn heel weinig rijken, en die worden alleen maar rijker. En dan zwijg ik nog over de corruptie en vriendjespolitiek van de Keniaanse atletiekbond.’1

‘Het heeft trouwens niet veel gescheeld of ik was Australiër geworden – in 2001 heb ik dat geprobeerd. En laat me dit nog zeggen: money is not a factor to me. I just want to run fast. Ik denk niet aan dat geld. Ik wil gewoon de kans krijgen om aan wedstrijden deel te nemen en prestaties neer te zetten.’

Je Qatarese naam klinkt vreemd. Shaheen blijkt een soort slechtvalk te zijn – dat moet op je snelheid wijzen.

(lacht) ‘Ik had liever mijn Keniaanse naam gehouden, maar dat kon niet, en dat heb ik aanvaard. In het begin vond ik dat hij niet klonk, maar nu vind ik hem geweldig.’

Je sprak over je geboorteland. Hoe gaat het met de gewone man en vrouw in de straten van Kenia?

‘Elke dag een beetje slechter. Voor er iets verandert, zal ik al lang dood zijn. Omdat er zoveel armoede is, zul je zoveel snelle Kenianen in wedstrijden blijven zien. Ze lopen weg van de armoede. Wat wil je ook, met een gemiddeld inkomen van minder dan een dollar per dag.’2

Omdat er zoveel armoede is, zul je snelle Kenianen in wedstrijden blijven zien. Ze lopen weg van de armoede

En in Qatar gaat het er wel anders aan toe?

‘Qatar is anders dan Kenia. Het gaat er soms een beetje anders aan toe, maar dat is geen probleem’ (lacht). ‘Het land is islamitisch en tegelijk kapitalistisch.’

Internationaal stadion Khalifa in Doha, Qatar
Internationaal stadion Khalifa in Doha, Qatar – Wikimedia Commons

Kenia is toch vooral christelijk? Je ging naar een katholieke school en werd er begeleid door leraar-atletiekcoach broeder Colm O’Connell, op St. Patrick’s High School in Iten?

(Hij haalt vriendelijk zijn schouders op, alsof hij wil zeggen dat hij de situatie neemt zoals die is.)

‘De Qatarese atletiekfederatie werkt correct. Er zijn veel Europeanen in de organisatie met goede ideeën en oplossingen. Ze steunen me bij elke training. Heb ik een medisch probleem, dan hoef ik maar te bellen en ze staan klaar om me te helpen. Ze vertrouwen me, feliciteren me bij een topprestatie. En ze dwingen me niet om de ene na de andere wedstrijd te lopen, zoals sommige Keniaanse officials doen.’3

Lang waren de atleten uit Kenia de baas op de lange afstanden, maar nu neemt Ethiopië die rol over met Haile Gebrselassie en Kenenisa Bekele.

‘Atletiek gaat achteruit in Kenia. Er heerst corruptie en vriendjespolitiek, de sportleiders zijn niet gemotiveerd. Soms laten ze een atleet lopen op een afstand die niet zijn beste is, dat soort dingen. Kortom: een enorm gebrek aan professionalisme. Dat is de beste manier om de sport in ons land (hij spreekt consequent over Kenia als ‘ons land’) te vermoorden. Het talent is er, en geld ook, maar dat gaat niet naar de juiste mensen.”

Hoe reageerde de man in de straat toen je van land veranderde?

‘Tachtig procent vond dat ik de juiste keuze had gemaakt, twintig procent vond het verkeerd.’

Misschien kun jij je land op een of andere manier helpen?

‘Misschien moet ik dat doen, ja. Ik vind het belangrijk dat we de wereld beter achterlaten. Maar dat zal pas na mijn carrière zijn, want nu loop en rust ik alleen maar.’

Je draagt een wit armbandje met het opschrift Make poverty history – maak komaf met armoede. Dat is toch vooral een westers initiatief?

‘Mijn volk is heel arm. Ik kom uit een arm nest: soms hadden we één of zelfs twee dagen niets te eten. We waren met tien kinderen, mijn ouders waren boeren.’ (zwijgt even) ‘Ik was graag naar de universiteit gegaan, maar daar was geen geld voor. Natuurlijk vind ik het goed dat Europa probeert Afrika te versterken. Mooi ook dat er campagnes zijn om kinderen met aids, die door hun ouders zijn opgegeven, toch te helpen. En het is goed dat het Internationaal Muntfonds leningen van Afrikaanse staten kwijtscheldt.’

Maar fundamenteel verandert er toch niets? Het Westen beschermt zijn markten, waardoor Afrikaanse producten niet kunnen concurreren. Wat Afrika krijgt, zijn aalmoezen – voor de schijn.

(kijkt geamuseerd) ‘Vervelende vraag om te beantwoorden. Maar Europa geeft tenminste toch íéts.’

Afrikaans kind die tegen een muur aan staat
In Kenia leeft ruim een derde van de bevolking onder de internationale armoedegrens van $1,90 per dag. (Bron: Wereldbank/Unsplash)

Ja, nadat Europa eerst Afrika had gekolonialiseerd en voor een deel leeggeroofd. Kijk naar wat België in Congo heeft gedaan.

‘‘Tja, door de kolonisering zijn er inderdaad waardevolle dingen verdwenen. Neem Zimbabwe, een voormalige Britse kolonie: potentieel een rijk land dankzij zijn grondstoffen, maar nu een van de armste landen van Afrika.’4

Je volgt de politieke actualiteit blijkbaar op de voet.

‘Ja. Al is het soms beter om niet te weten wat er gebeurt. Dan heb je minder aan je hoofd, en dat is nodig als je iets wil presteren. Voor mijn carrière moet ik veel laten: vakanties, een kalm leven, of eens de toerist uithangen wanneer je ergens ter wereld een wedstrijd loopt…’

Wat vond je vrouw ervan dat je van nationaliteit veranderde?

‘Ze was het ermee eens en helpt me enorm. In Afrika is de rol van de vrouw niet zoals in Europa, waar man en vrouw het huishouden gelijk verdelen. Ik doe eerlijk gezegd maar een klein beetje. Mijn vrouw zorgt vooral voor onze dochter van drie, Kipchumba.’

Je blijft in Kenia trainen, waarom?

‘In Doha, de hoofdstad van Qatar, heb ik wel een appartement, maar dat ligt op zeeniveau. In Kenia train ik op 2.600 meter hoogte, en dat is veel beter.’ (Op die hoogte maken atleten meer rode bloedcellen aan, wat hun prestaties ten goede komt.)

‘Ik train trouwens samen met een aantal Kenianen. Of ze dat mogen na mijn nationaliteitswissel? De bond heeft daar niets over te zeggen – ik betaal hen om met mij te trainen. Wel moet ik om de drie maanden een dag of tien heen en weer naar Qatar vliegen om mijn visum te vernieuwen, omdat ik nu Qatari ben. Het is nu eenmaal zo. Je moet de dingen nemen zoals ze komen.’

Aan de Olympische Spelen in Athene in 2004 mocht je niet deelnemen, omdat Kenia zijn akkoord voor je nationaliteitswissel weigerde.

‘Spijtig, maar dat is nu eenmaal de regel: ik had geen keuze. Ik aanvaard de regels.’

Hoe zie je je toekomst in de atletiek?

‘Ik zou dolgraag goud winnen in 2008 in Peking. Daarna stap ik misschien over naar de 5.000 of 10.000 meter. Ik wil mijn erelijst uitbreiden.’

Wil je nog wereldrecords breken?

‘Ik kan niets beloven, maar ik train hard. Eerst één keer per dag, daarna twee keer en nu drie keer. Voor de rest slaap en rust ik heel veel – soms wel zestien uur per dag.’ (lacht) ‘Oei, nu klink ik zeker als een baby?

Hardlopers tijdens Discovery Kenya Cross Country event in Eldoret, Kenia
Hardlopers tijdens Discovery Kenya Cross Country event in Eldoret, Kenia – Justin Lagat/Unsplash

Blessures, terugkeer naar Eldoret en nalatenschap

Wat niemand in 2005 kon weten, was dat de glansrijke topcarrière van Saïf Saaeed Shaheen – Stephen Cherono – toen al grotendeels achter de rug was. Blessures, vooral aan de achillespees, zouden hem nekken. Toch haalde hij de geschiedenisboeken: zijn wereldrecord bij de senioren bleef maar liefst negentien jaar overeind, tot in 2023. In 2001 had hij, eveneens tijdens de Memorial in Brussel, al het juniorenrecord verbeterd – dat houdt nu, vierentwintig jaar later, nog altijd stand. Daarnaast wordt hij herinnerd om zijn wereldtitels bij de senioren in 2003 en 2005.

Na zijn carrière trok de voormalige Keniaan zich terug in Eldoret, waar hij vandaan kwam. De vriendelijke, intelligente man lijkt langzaam op te lossen in de nevelen van de geschiedenis. Voor sommigen is hij voor altijd een overloper, voor anderen een voorloper.

Over de auteur

Frank Van de Winkel is sportjournalist en kerkganger.


  1. In die tijd mochten atleten vaak niet zelf kiezen aan welke wedstrijd en afstand ze deelnamen. Officials beslisten dat, streekten deelname- en winstpremies op, en deden soms zaken met organisatoren achter de rug van de atleten om. Etniciteit speelde daarbij soms ook een rol. ↩︎
  2. In 2022 leefden volgens de Verenigde Naties één op de vier Kenianen met omgerekend minder dan 2,15 dollar per dag. Twee jaar later bezette Kenia van de 54 (overwegend arme tot zeer arme) Afrikaanse landen volgens het Internationaal Muntfonds de twintigste plaats. Bron: Wikipedia. ↩︎
  3. Die officials kregen daar soms geld voor, maar atleten raakten er fysiek en mentaal door uitgeput, en vaak pasten die wedstrijden niet eens in hun programma. Zo leken ze eerder horigen dan sporters. ↩︎
  4. Volgens het IMF stond Zimbabwe in 2024 qua inkomen per inwoner op de 25ste plaats van de 54 Afrikaanse landen – ongeveer halverwege de lijst. ↩︎

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken