Menu

None

Winnend kunstwerk ‘De rode draad’

Het essay van Timon J. Beeftink bij zijn kunstwerk ‘De rode draad’

In aanloop naar de Nacht van de Theologie kon iedereen een ‘persoonlijk credo’ insturen in de vorm van een essay, gedicht, lied, video of kunstwerk. Timon J. Beeftink won met zijn kunstwerk ‘De rode draad’. Lees hieronder een uitgebreidere versie van de toespraak die Timon die avond hield, als toelichting op zijn kunstwerk.

Het was in de zomer van vorig jaar, weet ik nog, na een middagje stadsstrand. Ik kan mij de felle zon op de gracht nog goed herinneren, nu de zin voor me ligt. En het gevoel van heldere lucht, open, heel fris, zoals ik dat wel vaker heb als ik voor iets de juiste woorden vind. Zelfs zo dat ik die middag de moeite nam om in mijn oude etui te rommelen, een fijnschrijver met roodwitte huls mee te nemen, en een moddervette cirkel om de zin te zetten. Ik schreef nooit met rood. Maar dit wilde ik onthouden. Ik citeer: ‘En je wond, waar is die?’

Kunstwerk ‘De rode draad’
“En je wond, waar is die?” Bron: T.J. Beeftink

Glas

De vraag komt van Jean Genet, Frans schrijver en dichter. Hij stelt ‘m aan Abdallah Bentaga, een achttienjarige koorddanser, en vervolgt (niet omcirkeld, wel rood onderstreept): ‘Ik vraag me af waar hij verblijft, waar de geheime wond zich verstopt waar ieder mens naartoe vlucht om te schuilen wanneer zijn trots gekrenkt is, wanneer hij zelf gekwetst is.’

Misschien kwam het door mijn ongemak met de oude christelijke taal, ik wist niet wat ik met woorden als ‘zonde’ en ‘erfzonde’ aan moest, dat de woorden van Genet mij op die broeierige dag in begin juli opvielen. Soms is een munt zo vaak van hand gewisseld—of, zo voelde het toch ook, uit de hoge hoed getoverd—dat het elke glans verliest. Oppoetsen, dan maar?

Ik kon en wilde niet. Maar in dit kleine woord, ‘wond’, vond ik een uitdrukking voor iets dat me tegelijkertijd heel christelijk leek. We dragen een tekort met ons mee. Iets dat soms steekt, we diep wegstoppen en ook wel eens heel eenzaam is. Dat is rauw, maar ook eerlijk.

Genet denkt dat ieder mens een wond met zich meedraagt. Meestal verborgen, soms vermoed je ‘m in een blik of een gebaar. Op de Franstalige uitgave van zijn essays over Rembrandt, hij schreef er twee, zien we hier een mooi voorbeeld van: rimpel, hangende wenkbrauw, een oog van glas dat zo fragiel is dat je zou denken dat hij bijna uit elkaar spat. Het is een detail van ‘Zelfportret’, een van de velen natuurlijk, geschilderd door Rembrandt in 1659. Genet schrijft (en heeft gelijk): ‘Rembrandt weet dat hij gewond is, maar wil genezen.’ Kan dat?

Detail van ‘Zelfportret’, Rembrandt, 1659.
Detail van ‘Zelfportret’, Rembrandt, 1659.

Jij bent Adam

Iets later, ik denk een week of twee, drie, had ik best het een en ander uitgedacht. Neem het verhaal van de zondeval. Adam en Eva ontdekken dat ze naakt zijn, zoeken de schaduw van boom, blad en struikgewas, terwijl juist daar de eerste vraag van God klinkt: ‘Waar ben je?’

Om een wond te genezen, moet je hem laten zien. Dat is een vrij basaal inzicht. Maar er was dus ook een hele dynamiek van schaamte en verbergen. Was het trots? Angst? Terwijl ik die weken nog wat over zulke vragen nadacht, las ik een dun boekje van Martin Buber. Ook hier strepen en uitroeptekens in de kantlijn. Bijvoorbeeld bij dit stuk: ‘Midden in deze situatie valt Gods vraag. Zij wil de mens wakker schudden, zij wil zijn schuilplaats vernietigen …’

Om een wond te genezen, moet je hem laten zien.

Over wat we ontdekken als de sluiers vallen, zegt Buber niks. Ik denk dat we wonden zien. In het hart van ons bestaan—een steen heeft geen wond, breekt alleen—klinkt Gods uitnodiging om tevoorschijn te komen. En dat niet alleen voor Adam of Eva. Buber schrijft terecht: ‘Zo verschuilt zich elk mens, want elk mens is Adam en bevindt zich in Adams situatie.’

Timon J. Beeftink
(Bron: Timon J. Beeftink)

De draad is rood

Je schuilplaats vernietigen. Is dat de formule voor herstel? Het is een eerste stap, ja, maar het verhaal gaat verder. Pas bij het erkennen van de wond, het heeft ontegenzeggelijk iets kwetsbaars, iets naakts, ontstaat er voldoende ruimte voor naald en draad.

Ik weet niet of de wond dichtgroeit. Eerst vond ik dat een sombere gedachte, later was ik blij dat herstel geen toestand, maar een weg is. Misschien is dat het diepere inzicht van de erfzonde—dat wonden door de hele wereld trekken, ze etteren en vragen ons om in beweging te komen. Soms schreeuwen ze. Ik denk aan oorlog, aan de klimaatcatastrofe, aan systemen die zo zijn ingericht dat ze de halve wereldbevolking onder zware lasten gebukt doen gaan.

De wond zit in ons, maar wijst aan ons voorbij. Het was in die weken van Genet en Buber, ik weet niet hoe of waarom, dat ik het beeld van een zwarte, bijna grondeloze wond en een rood draad voor me zag. Ook als ik er nu naar kijk, maanden later, resten mij dezelfde twee vragen.

Wat is die rode draad? En wie voert de naald?

Timon J. Beeftink is schrijver, filosoof, soms kunstenaar. Hij studeerde filosofie in Groningen en Kopenhagen, daarna godsdienstfilosofie in Nijmegen. ‘De rode draad’ is het eerste kunstwerk waarmee hij een breder publiek bereikt. 

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van Theologie.nl? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Daarin selecteren we de mooiste, nieuwste en scherpste artikelen van de week. Ook houden we je op de hoogte van nieuwe boeken, speciale events en De theologie podcast. 

Word lid van Theologie.nl 

Wil je meer artikelen kunnen lezen over boeken, levensvragen, maatschappelijke thema’s en spiritualiteit? Word dan lid van Theologie.nl en sluit een basisabonnement af vanaf €5,83 per maand. 

Wellicht ook interessant

Je ziet drie mannen in beeld. Een van de mannen verzorgt een gewonde tweede man en een derde man loopt snel weg.
Je ziet drie mannen in beeld. Een van de mannen verzorgt een gewonde tweede man en een derde man loopt snel weg.
Basis

Als we niet oppassen, neemt het systeem ons te grazen

Onder tijdsdruk haastten theologiestudenten zich voorbij een hulpbehoevende man om op tijd een preek te kunnen houden over de barmhartige Samaritaan. De verwachtingen van het systeem – het niet teleurstellen van de professor – wonnen het van de zorg voor de kwetsbare. Dit experiment uit 1970 is nog altijd relevant, stelt Matthijs den Otter, want AI dreigt ons leven steeds verder te systematiseren. Hoe hiermee om te gaan? Matthijs vindt tips in de filosofie van Hauerwas.

Uitsnede uit de cover van Op de school van het lijden
Uitsnede uit de cover van Op de school van het lijden
None

Thema: School van het lijden

Hans Alderliesten werkt bij Movisie als senior onderzoeker op het gebied van dementie. In zijn werk staat de vraag centraal hoe mensen, ook wanneer zij te maken krijgen met kwetsbaarheid, ziekte of verlies, volwaardig kunnen blijven meedoen aan de samenleving. Hij beschouwt dementie niet alleen als een zorgvraagstuk, maar vooral ook als een samenlevingsvraagstuk. Daarnaast doet hij promotieonderzoek aan de Erasmus Universiteit Rotterdam naar leiderschap bij de filosoof Augustinus. Hij publiceert over menselijke waardigheid, kwetsbaarheid en de betekenis van klassieke denkers voor actuele maatschappelijke vraagstukken. In zijn nieuwste boek, Op de school van het lijden, brengt hij Augustinus en Job met elkaar in gesprek over lijden, verlies en de kunst van het leven. Elsbeth gaat in deze aflevering in gesprek met Hans Alderliesten.

Portret van David Iboma, buiten voor een groene achtergrond
Portret van David Iboma, buiten voor een groene achtergrond
Basis

“Zoek de eeuwige prijs”

David Iboma, Belg met Congolese roots, werd geboren in 1994 in Kinshasa, Congo. Met zijn ouders en broer reisde hij de eerste jaren van zijn leven door Afrika waar zijn vader werkte als zendeling. Als kind kwam hij aan in Antwerpen, en werkte zich op tot voetballer op hoog niveau. Vandaag zet hij zijn levenservaring in om jonge mensen – veelal kinderen van immigranten en ook met een moslimachtergrond – te begeleiden en inspireren. Vaak via sport, en altijd met de Bijbel in de hand en in het hart. Martine Meijers ging met hem in gesprek.

Nieuwe boeken