Assepoester
Over magie en innerlijke kracht
In sprookjes gebeuren wonderlijke dingen. Er wordt getoverd en behekst, er klinken spreuken en magisch aandoende refreinen en de hele natuurlijke werkelijkheid geeft wonderbaarlijke tekenen van betrokkenheid bij de zaak waarom het in een sprookje draait. In sprookjes is, net als bij God, niets onmogelijk. Dat maakt sprookjes aantrekkelijk voor kinderen en voor verhalenvertellers, die zich niet willen laten opsluiten in de werkelijkheid zoals we die met elkaar gedefinieerd hebben, in wetenschappelijke, sociale, economische, politieke en wereldbeschouwelijke termen. Om dezelfde reden geloven verlichte volwassen doorgaans niet in sprookjes, zoals ze doorgaans ook niet in God geloven tenzij Hij wordt ontdaan van elk verhaal waarin Hij een rol van betekenis zou spelen. Sprookjes en God – ze zijn een belediging voor de wetten waarin wij de werking van het universum en van het leven op formule hebben gebracht. Als niets onmogelijk is, kan alles, en dat kan niet.