Mag jij dat?
Bij Matteüs 21,28-32 Elke zaterdag gaan Jamie en Neeltje naar oma. Oma is lief, je kunt haar alles vertellen. Ze is blij dat je komt. Vandaag zit oma te zuchten. […]
Bij Matteüs 21,28-32 Elke zaterdag gaan Jamie en Neeltje naar oma. Oma is lief, je kunt haar alles vertellen. Ze is blij dat je komt. Vandaag zit oma te zuchten. […]
Bij Ezechiël 18,1-4.25-32, Psalm 25,1-10 en Matteüs 21,23-32 Wanneer Matteüs zijn evangelie schrijft, zijn er de nodige jaren verstreken. Jaren waarin mensen ervan overtuigd waren dat ze nog bij hun […]
Bij Matteüs 20,1-16 Het is een goed appeljaar. De bomen van buurman Boordevol staan krom van de appels. Er zijn al appels op de grond gevallen. ‘Hier, pak aan,’ zegt […]
Bij Matteüs 14:13-21 In de vakantie gingen alle kinderen die nog thuis waren een speurtocht doen in het Grote Bos en op de Wilde Heide. Spannend vonden ze dat, vooral […]
Bij Matteüs 13,44-52 Kleine Pieter is een pienter mannetje. Zijn broer André maakt altijd meteen zijn zakgeld op aan snoep en blikjes frisdrank. Maar Pieter snoept niet zo veel en […]
Bij Matteüs 13,24-30.36-43 Mevrouw Van den Hof heeft de mooiste tuin van de straat. Ze is al oud en woont alleen. Elke dag zie je haar wel even bezig in […]
Bij Zacharia 9,9-12 Op zaterdagmiddag gaat de bel. Martje en Lars zijn alleen thuis. Ze kijken door het raampje: het is Regina, het nieuwe meisje uit de straat. Ze is […]
Bij Jeremia 29,1.4-14 Andere kinderen zouden een gat in de lucht springen, maar Myrte had geen zin om mee op vakantie te gaan. Naar Frankrijk nota bene. Ze wilde liever […]
Bij Jeremia 20,7-13 Met een knipoog naar Hieronymus van Alphens ‘Cornelis had een glas gebroken’. Opeens hadden alle jongens een katapult. Wie er begonnen was wist niemand, maar nu deden […]