< Terug

Sporen van God in de populaire cultuur

Maandag, Theologenblog-dag. Deze week opent Fred Omvlee de week met een introductie op zijn dominee-zijn. Hij staat bekend als Elvis-dominee en wakkerde met collega's de Top2000-kerkdienst aan.

Fred Omvlee

“Als Elvis welkom is in de kerk, dan ben ik dat ook.”

Hoe Elvis voor mij de brug sloeg tussen hoofd en hart

Ben ik een theoloog? Ja, ik studeerde theologie aan de VU, zelfs wel 10 jaar… Ik studeerde af bij professor Anton Wessels op de wisselwerking tussen evangelie en cultuur. Maakt mij dat een theoloog? Aan u om dat te beoordelen. Ik schrijf vanuit mijn omarming van de populaire cultuur en ben op zoek naar de sporen van God daarin – en wordt aangeduid als de ‘Elvis-dominee’.

Jezelf zijn als dominee bij Defensie

Schoorvoetend betreed ik deze ruimte van bloggers op Theologie.nl. Wat heb ik hier te brengen? Ik werk al twintig jaar namens de kerk buíten de kerk bij de Koninklijke marine. Ik ging mee met mariniers naar Afghanistan, ik voer maanden mee naar de poolcirkel, naar West-Afrika, door het Suez-kanaal, naar de Cariben, woonde met mijn gezin op Curaçao voor de marine-gemeenschap daar en ging mee naar de jungle van Suriname. Ik werk daar veelal met jonge mensen die vaak niets weten van geloof en nooit naar een kerk gaan. Een wereld waar ik best aan mag komen met religieuze taal en beelden, maar dan wel alleen als het mij echt raakt. Ongeïnspireerde, formele woorden horen ze al genoeg. Het werk als geestelijk verzorger bij Defensie is een uitnodiging om volledig jezelf te zijn. Militairen komen vrijwillig naar een bezinningsmoment, maar dan moet het wel gaan om iets wat gaat over hen en mij.

De herontdekking van de manier waarop Elvis gospels zong, sloeg bij mij in als een bom: ik moest er van huilen en voelde tegelijk dankbaarheid.

Elvis als geheime liefde

In de jaren voordat ik bij Defensie kwam was ik vier jaar gemeentepredikant. Dat probeerde ik zo keurig mogelijk te doen, volgens de laatste liturgische modes. Ik herinner me dat mijn vader na mijn eerste kerkdienst opmerkte dat hij mijn lach miste. Toen hij plotseling overleed kreeg ik een CD in handen met de verzamelde gospels van Elvis Presley. Ik was als 11-jarig jongetje al fan geworden toen Elvis overleed in 1977. Ik was toen geraakt door de swingende rock ‘n roll en de looks van Elvis. Het voelde als een geheime liefde in de jaren van punk en alternatieve popmuziek die bon ton was tijdens mijn middelbare schooltijd en studie. De herontdekking van de manier waarop Elvis gospels zong, sloeg bij mij in als een bom: ik moest er van huilen en voelde tegelijk dankbaarheid.

De oude wortels van de gospels van Elvis

Het raakte ook aan hoe mijn moeder en haar familie vroeger op de boerderij piëtistisch liederen zongen rond harmonium of begeleid op de banjo: liederen van Johannes de Heer. Zijn liederen komen deels uit dezelfde bron als waaruit Elvis put: religieuze Engelstalige liederen uit de 19e en begin 20e eeuw, geschreven door zowel zwarte als witte voorgangers en componisten. Denk bijvoorbeeld aan ‘Is hier een hart door vrees benard’ (ook bekend als ‘Daar zijn geen grenzen aan Jezus’ macht’). Het is een vertaling van het door de bekeerde cowboy-acteur Stuart Hamblen geschreven ‘It is no secret what God can do’ en door Elvis in 1957 opgenomen. ‘O Heer, mijn God’ (ook bekend als ‘Hoe groot zijt Gij’) is een vertaling van ‘How Great Thou Art’, geschreven door een Zweedse dominee in 1885, opgenomen door Elvis in 1966. ‘Amazing Grace’ oorspronkelijk uit de 18e eeuw hoort ook in deze rij.

Ik vind de teksten te sentimenteel, te vroom en tegelijk raakt het de snaar van mijn kinderlijk geloof.

Het ingewikkelde voor mijzelf is dat ik emotioneel geraakt word door deze liederen en nummers, maar het vaak rationeel niet kan onderschrijven. Ik vind de teksten te sentimenteel, te vroom en tegelijk raakt het de snaar van mijn kinderlijke geloof. Dat de wereldse ster Elvis het zingt is voor mij de brug tussen hoofd en hart.

Elvis-kerkdiensten trekken Jan en alleman

Vanaf het moment van persoonlijke rouw en de ontdekking van de gospels van Elvis in 2001 begint voor mij het organiseren van Elvis-kerkdiensten. Er zit een element in van het absurde – ‘wat moet Elvis in de kerk?’ –, van humor – ‘Elvis leeft?!’ – en van emotie: “Als Elvis welkom is in de kerk, ben ik dat ook.” Kortom: het roept altijd iets op bij pers en bij bezoekers.

Het gebruik van Elvis in bezinningsdiensten met militairen maakt mij benaderbaar, merk ik. Ik omarm de bijnaam ‘Elvis-dominee’ en laat mijn bakkebaarden groeien. Bezinningsdagen met militairen rondom het levensverhaal van Elvis en hun eigen levensverhalen leiden tot een pelgrimage naar Graceland en Bad Nauheim, waar Elvis militair was. Het leidt tot een ‘Elvis-huwelijk’ van twee fans, tot helaas een ‘Elvis-uitvaart’ van de plotseling overleden partner van een militair. Het leidde zelfs tot een ‘Elvis-doopdienst’ van een jonge vrouw die niet-gelovig was opgevoed door ouders die Elvis-fan waren, en door het luisteren naar Elvis gospels tot geloof was gekomen.

Elvis mag achterhaald zijn voor jongere generaties, maar populaire muziek een plaats geven in kerkdiensten werkt voor meerdere generaties.

De combinatie van het leven vol talent en tragiek van de zoekende Elvis, van zoetgevooisde muziek en van de eigen levensverhalen rond depressie, echtscheiding en verslaving leidt tot herkenning en troost. ‘Zelfs al eindig je als Elvis, je valt niet uit Gods hand,’ is voor mij het evangelie in een notendop. Ik vind het ontroerend dat Jan en alleman naar deze kerkdiensten komen. Dankzij mijn vader en moeder zit er nu een lach en een traan in mijn kerkdiensten.

Andere popmuziek in Top2000-kerkdiensten

Samen met het team achter de Top2000-kerkdiensten passen we het concept van de Elvis-kerkdiensten toe op andere artiesten. Want Elvis mag achterhaald zijn voor jongere generaties, maar populaire muziek en teksten een serieuze plaats geven in kerkdiensten werkt voor meerdere generaties.[1] Opmerkelijk veel teksten hebben een link naar God, Jezus, Bijbelverhalen of passen in de sfeer van een kerkdienst.

En wat de bekendheid van Elvis betreft: als de voortekenen en trailers niet bedriegen komen de religieuze aspecten van hem aan bod in de speelfilm ELVIS die in juni 2022 in première gaat in de bioscopen. Daarover mag ik binnenkort via het Nederlands Dagblad een eerste impressie delen.

Noot

[1] Met dominees Piet van Die en Jan Andries de Boer schreef ik hierover het boek: Van Elvis-viering tot U2-dienst (Utrecht: KokBoekencentrum, 2019).

Laatst preekte ik bij een huwelijk over 1 Korintiërs 13. Ik wilde de overwegend ongelovige luisteraars graag verrassen met iets wat ze niet zo bij het christelijk geloof zouden zoeken. Die missionaire kans werd me in de schoot geworpen, aangezien de bruidegom dol was op zijn oldtimer trekker en de bruid wiskunde gaf. Voordat ik het wist werden het voetsporen naar God en ‘de liefde die blijft’. ‘Vergezocht,’ zei een eigentijds stemmetje in mij. ‘Toch maar doen,’ fluisterde Bonaventura. Ja, misschien wil Hij het gebruiken, tegen alle kansberekening in.

Tot Gods eer

Er verandert veel in de kerk: er wordt geëxperimenteerd, gepionierd en veel gediscussieerd. Door dit alles is er voor veel gemeentes verwarring als het gaat om de liturgie. Dit was voor de Protestantse Kerk reden om liturgie op haar agenda te zetten. De liturgiewetenschapper Marcel Barnard schreef op verzoek van de kerkleiding een gespreksboek, voor predikanten, kerkenraden en gemeenteleden. In dit boek, beschrijft hij de protestantse liturgie, licht hij de achtergronden ervan toe, en geeft hij een kleine protestantse theologie van de liturgie.

tot gods eer

< Terug