Tot mijn troost las ik in een artikel van Marcel Barnard het volgende: ‘Een tekst heeft ook tegenover zijn schrijver een autonomie. Wanneer een tekst is voltooid (een preek, een gebed, een artikel, een boek) moet ik hem telkens nog weer in handen nemen, er steeds nog weer in lezen, ook nadat ik hem al heb weggestuurd. Het is een ervaring die predikanten wel kennen: dat je door je eigen preek op een of andere manier wordt aangesproken. Dat je klaar moet zien te komen met dat vreemde ding dat je zelf hebt gebrouwen.’ Gelukkig, ik ben niet de enige,