Menu

Basis

De blijde boodschap en slavernij

miniatuur: Codex Aureus Epternacensis (1030–1050)
Meester, slaven en pachters (Luc. 20). Miniatuur: Codex Aureus Epternacensis (1030–1050)

De masterscriptie van Erwin Mazier gaat over het beeld van meesters en slaven zoals Jezus dat gebruikt in een aantal gelijkenissen. Wat zijn tot nu toe zijn theologische ontdekkingen bij zijn scriptie en verdere studie?

Bijbelwetenschappen vind ik de mooiste subdiscipline in de theologie. Vrije ruimte in mijn studie heb ik vooral besteed aan vakken en onderzoek rondom bijbelvertalen en exegese. In het vorige semester heb ik zelfs stage mogen lopen voor Wycliffe Bijbelvertalers in Papoea-Nieuw-Guinea.

Dit was een bijzondere ervaring en indrukwekkend om te zien hoe lokale mensen en zendelingen zich samen inspannen om de Bijbel te kunnen lezen. Dat vraagt om volharding. Projecten duren vaak twintig tot dertig jaar, maar mensen zetten zich er met toewijding voor in. De grootste theologische verrassing in mijn studie was de kennismaking met Lesslie Newbigin (1909–1998). Zijn ervaringen op het zendingsveld gaven hem een scherpe blik op de westerse samenleving. Ik waardeer hoe Newbigin het evangelie niet wil afdoen als een irrationele boodschap, waar je alleen mee kunt leven als je er niet te diep over nadenkt. Al blijft geloven in God een stap in vertrouwen, het is alleszins redelijk om die stap te zetten.

Waardering voor mijn eigen gereformeerde traditie

Newbigins tijd in India heeft delen van het christelijk geloof voor hem opnieuw doen oplichten, bijvoorbeeld het unieke van Jezus’ opstanding ‘in de tijd’. God handelt in de geschiedenis en geeft er doel aan. Dat is een hoopvolle boodschap voor mensen die denken dat de tijd zinloos voortschrijdt of dat de geschiedenis zich maar blijft herhalen.

Tegelijk ben ik ook mijn eigen gereformeerde traditie meer en meer gaan waarderen. Belangrijke gereformeerde thema’s, als het gezag van de Schrift, de uitverkiezing en Gods soevereiniteit, zijn voor mij meer gaan leven. Ik ben blij en dankbaar in deze traditie te staan; het heeft me in persoonlijk geloof veel gebracht, juist ook op momenten dat het met de studie soms wat lastiger ging.

Ongemakkelijk beeld

Jezus maakt in zijn gelijkenissen regelmatig gebruik van het beeld van slavernij. Daarin is Hij niet per se kritisch op de slavernij die in zijn dagen voorkwam. Dat voelt voor moderne lezers vaak ongemakkelijk. We hebben een pijnlijke geschiedenis achter ons liggen, waardoor de gelijkenissen anders op ons overkomen dan op Jezus’ eerste hoorders. Toch heeft Jezus ervoor gekozen om juist met dit beeld zijn boodschap duidelijk te maken. Ik ga onderzoeken wat de gelijkenissen met het beeld van slaven en meesters te zeggen hebben over de relatie tussen God en ons.

Daarvoor kijk ik naar vier gelijkenissen in Lucas 12:35–48, 17:7–10 en 20:9–19. Na exegetisch onderzoek wil ik verder bestuderen hoe deze gelijkenissen passen in het beeld dat Lucas schetst van de relatie tussen God en mens. Wie is eigenlijk wie in deze verhalen? Is het zo dat God de meester is en wij de slaven? Zo ja, is dat in alle gevallen zo?

Het is voor mij altijd een voorrecht en een plezier om met de Bijbel bezig te zijn. Ik geniet van nieuwe ontdekkingen in de tekst. Mijn onderzoek is hopelijk ook van betekenis voor het bredere gesprek rond slavernij in de Bijbel.

Er is al veel onderzoek gedaan naar de historische realiteit van slaven in de tijd van de Bijbel en de plaats van slaven in de Bijbel zelf. De aandacht voor de boodschap van Jezus’ gelijkenissen over meesters en slaven is de laatste jaren minder geweest. Met mijn scriptie hoop ik daar verandering in te brengen.

De schat van de kerk

Op dit moment vind ik het nog lastig aan te geven waar ik mezelf in de toekomst zie werken. Ik merk wel dat de liefde voor de kerk gegroeid is en blijft groeien. In de kerk zie ik God aan het werk. Ik weet nog niet precies hoe en waar, maar ik wil graag bijdragen aan de groei van de kerk.

Meer nog dan theologie is de kerk relevant voor de maatschappij

Stelling 62 van Luther luidt: ‘De ware schat der Kerk echter is het heilig Evangelie van de heerlijkheid en de genade van God.’ Ik hoop dat dit besef ons als theologen en kerk helder voor ogen blijft staan. Op allerlei gebieden zijn er grote uitdagingen voor de kerk, waar we mee aan de slag moeten. In reactie op de uitdagingen van onze tijd moeten we ons blijven realiseren dat het evangelie de ware schat van de kerk is.

Volgens mij is theologie relevant voor de maatschappij als zij kan laten zien dat Gods openbaring relevant is voor de maatschappij. Ik merk dat theologen vaak gevoelig zijn voor wat er speelt in de maatschappij, daar duiding aan kunnen geven en de meerwaarde van geloof voor het voetlicht brengen. Tegelijk hoeft theologie niet altijd direct relevant te zijn. Meer nog dan theologie is de kerk relevant voor de maatschappij.

Mede door haar heen is God aan het werk in zijn wereld. Als theologie relevant is voor de vragen en uitdagingen van de kerk, is ze daarmee (zij het misschien indirect) relevant voor de maatschappij.

De blijde boodschap van Gods genade en heerlijkheid ontvangen en doorgeven is het bestaansrecht van de kerk. Wij bestaan bij de gratie van onze God die liefdevol op zijn schepping betrokken is. Soms is het deprimerend om te zien dat de kerk krimpt, jongeren afhaken of conflicten ons verdelen. Ik kan me dan machteloos voelen.

Opzien naar God helpt me om daarbovenuit te stijgen. De God die zijn eigen Zoon gezonden heeft om ons te redden, laat ons vervolgens echt niet zomaar los. Het is Gods kerk, Hij zorgt voor haar. Het is aan de kerk en de theologie om vervolgens trouw te blijven aan Hem en aan zijn evangelie.

Erwin Mazier volgt op dit moment de predikantsmaster aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) in Amsterdam. Eerder volgde hij de bachelor aan de VU-PThU.


Wat te kiezen
Woord & Dienst 2024, nr. 5

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken