Duivels dilemma in plat-Haags
Toen zei Jezus tegen de farizeeën: ‘Mag je op sabbat iets goeds doen? Of is het beter om iets slechts te doen? Mag je op sabbat iemands leven redden? Of is het beter om iemand dood te laten gaan?’ Maar de farizeeën gaven geen antwoord. Marcus 3:4 (Bijbel in Gewone Taal)
Hoe breng je bijbelteksten dichter bij de ervaringen van – bijvoorbeeld – rasechte Hagenezen? Margot Berends pakte niet alleen de taal aan maar ook tijd en plaats.
Wat je uit overtuiging wel of niet op sabbat of zondag doet, verschilt van mens tot mens. Maar ik denk dat iedereen het erover eens is dat je het goede moet verkiezen boven het slechte, ook als dat schijnbaar indruist tegen die overtuiging.
Jezus legt in Marcus 2:23 – 3:6 uit dat je moet kiezen. Soms uit twee kwaden, dat is een duivels dilemma. Dan kies je voor wat het minste schade berokkent, maar met pijn in het hart. In de bijbelverhalen over het graan plukken en iemand genezen op de sabbat, is het dilemma veel minder groot. Eerst kiezen de farizeeën niet, ze geven niet eens antwoord.
Plat-Haags is misschien grof maar heeft ook humor
Maar naderhand maken ze er alsnog een duivels dilemma van. Ze grijpen Jezus’ keuzes aan om hem te doden. Ze slijpen alvast de messen voor wie zich niet strikt aan de wet houdt. Het zijn scherpslijpers, ze zijn rigide.
Zo staat het in de Bijbel in Gewone Taal: Op een keer liepen Jezus en zijn leerlingen door de korenvelden. Het was die dag sabbat. De leerlingen van Jezus plukten koren om iets te eten. De farizeeën zeiden tegen Jezus: ‘Kijk nou! Waarom doen uw leerlingen iets dat op sabbat verboden is?’
Maar Jezus zei tegen hen: ‘Jullie weten toch wel wat David ooit gedaan heeft, toen hij en zijn mannen erge honger hadden? Dat was in de tijd dat Abjatar priester was. David ging de tempel in en hij at van het offerbrood. Alleen priesters mogen dat eten. Maar David at dat brood toch, en zijn mannen deden dat ook.’
Jezus zei verder: ‘De sabbat is gemaakt voor de mens. De mens is niet gemaakt voor de sabbat. Ik ben de Mensenzoon. Ik bepaal wat je op sabbat mag doen.’
Jezus ging weer naar de synagoge. Daar was ook een man met een vergroeide hand. De farizeeën letten goed op Jezus. Ze dachten: Als hij die man beter maakt op sabbat, kunnen we een klacht tegen hem indienen. Jezus zei tegen de man: ‘Kom eens hier staan.’
Toen zei Jezus tegen de farizeeën: ‘Mag je op sabbat iets goeds doen? Of is het beter om iets slechts te doen? Mag je op sabbat iemands leven redden? Of is het beter om iemand dood te laten gaan?’ Maar de farizeeën gaven geen antwoord. Jezus keek hen aan.
Hij was boos en verdrietig omdat ze hem niet wilden begrijpen. Jezus zei tegen de zieke man: ‘Steek je hand uit.’ De man stak zijn hand uit en meteen was de hand beter. De farizeeën liepen weg. Ze maakten een plan om Jezus te doden.
Jeizus zè: ‘De rusdag is gemaak voâh ons. Dat je dat effe weit!’
Bestseller
Een paar jaar geleden zat ik ook met een dilemma. Op verzoek van de redactie van het maandblad Kerk in Den Haag had ik al eens vijf bijbelverhalen omgezet in het plat-Haags. Ik was daar zeer parafraserend te werk gegaan. Behalve dat ik de grondtekst niet precies volgde, had ik ook de bijbelse elementen vervangen door hedendaagse Haagse fenomenen. Een enkeling vond dat niks maar er kwamen vooral lovende reacties. Zó breng je de boodschap van de Bijbel dichterbij, was de enthousiaste teneur. En de vraag kwam om meer van dit soort teksten te maken. Ik heb lang geaarzeld, want trap je niet tóch mensen op hun ziel als je hun geliefde teksten zo fors ‘vertaalt’? Daar komt bij dat het plat-Haags zich kenmerkt door ook echt plat taalgebruik, om niet te zeggen grof.
Uiteindelijk heb ik ervoor gekozen om het toch te doen. Het plat-Haags is misschien grof, maar heeft ook humor. Door voor Haagse ingrediënten te kiezen komen de verhalen beduidend dichterbij dan de bijbeltekst zelf. Meer dan eens had ik al te horen gekregen dat mensen de Bijbel wél zouden lezen, als die op z’n Haags was omgezet. Normaal zouden ze nooit met de Bijbel kennismaken.
Dat gaf voor mij de doorslag om een plat-Haagse versie te maken. Het resulteerde in een boekje met veertig bijbelverhalen: De Bèbel op ze Haags. Veâhtag bèbelvehalûh in un Haags jasjûh. Inmiddels is het al drie jaar lang een Haagse bestseller. Het bovenstaande verhaal staat er ook in (tip: lees hardop voor, dat vergroot het begrip).
Jeizus en ze vollegâhs liepe op un zondag auvâh ut Binnehof, doâh ut pogtje naah ut Bùitehof. Bè de viskâh naas de Hofvèvâh kochte de vollegâhs un braudje lekkâhbek.
Dr ware un stelletsje scherrepslèpâhs die zède: ‘Jeizus! Op zondag dinge kaupe, da’s vebaude!’ Maah Jeizus zè: ‘As je schibus hep, maggie op zondag zellefs een heil braud snaaie! De rusdag is gemaak voâh ons, hettis nie zau dat wè voâh de rusdag gemaak zèn. Dat je dat effe weit!’
Ze liepe lekkâh te kane, langs de Vèvâhberreg ennut Kogte Voâhhâht. Naah links naah de sienagauge, en in eine hoâhde ze un teringherrie: ‘Hellep, hellep!’
D’r was un gauzâh in de Prinsessegrach geflikkâht! Jeizus rende de tremgaute auvâh en dauk zau ut watâh in. Hè greip de man bè ze hauf en de vollegâhs sleuâhde ze allebè op ut drauge. Daah stonde auk de scherrepslèpâhs. ‘Krèg un mùizehùig, Jeizus’, zède ze. ‘Jè mag heilemaal nie zwemme op zondag!’ Jeizus wegd erreg vedrietag. Hè dach: ‘Wat un lèpaus toch.’
Maah de scherrepslèpâhs liepe weg en bedachte un aanklach teige Jeizus. ‘Zondâh dolle, we breike allebè ze paute en we geive ‘m un pagtè hengste voâh ze lèjâh zaudattie reigelreg op Ockeburrag de pèp ùitgaat.’
Margot C. Berends is theoloog en freelance journalist.
Eind vorig jaar kreeg de Bèbel een zusje. Ik zette op dezelfde manier de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens om in het Haags, naar aanleiding van het 75-jarig bestaan ervan. Beide uitgaven zijn te koop bij uitgeverij De Nieuwe Haagsche. www.denieuwehaagsche.nl