De Kleine Wereld
Bij Johannes 15,26-16,4
Verhaal
Drie kinderen, Jack, John en Flippa, zijn de vaste helpers op een kinderboerderij. Iedere middag gaan ze even helpen met het voeren van de dieren. Er zijn geitjes, konijnen en kippen, er is een vijver met eenden en dan vliegen er allerlei duiven, met een duiventil. De kinderboerderij heet De Kleine Wereld. Op zaterdag wordt er hard gewerkt om alles schoon te maken voor de zondag. De mest van de geitjes moeten ze uit de stal opruimen en in de waterbakken nieuw water geven. Vooral dit voorjaar is het druk. Ze moeten goed opletten dat die geitjes niet weglopen. Er is een boer, die heet de kinderboer, die is de baas over de Kleine Wereld.
Straks is het pinkstervakantie. De kinderboer moet een paar dagen weg. ‘Wees maar niet bezorgd,’ zegt hij, ‘ik ben zo weer terug, en dan neem ik een verrassing mee.’ Hij heeft wel een vervanger, zijn zwager, die komt om drie uur het hek openmaken en om vijf uur gaat het weer dicht. Maar de kinderen moeten het werk doen. Ze zijn trots dat ze dat mogen. Flippa zorgt voor de vogels, Jack voor de geitjes en John is het baasje van de konijnen. Als er wat is kunnen ze de zwager bellen, dan komt die helpen. Er is genoeg voer, er is extra stro en met Pinksteren komt de zwager ook helpen, want op zulke dagen komen er altijd heel veel kinderen kijken. Die willen ook helpen voeren en de dieren aaien, maar dat is niet de bedoeling. Er hangen bordjes met ‘Niet voeren’, maar toch had een geitje een keer een plastic zak opgegeten en die was bijna gestikt. Ook was er een jongetje dat de dieren chips ging geven. Foute boel, want dieren mogen geen zout eten. Net op tijd had Jack de chips opgeruimd.
Op de zaterdag voor Pinksteren is de kinderboer weer terug. Hij heeft een karretje achter zijn auto en daarin zitten twee ezeltjes, een moeder met een veulentje. Er is ook een journalist die een stukje voor de buurtkrant schrijft, met een foto van de ezeltjes en de drie kinderen staan er ook op.
Flippa begint een dagboek bij te houden. Ze schrijft over alles wat ze meemaakt en wat ze hoort, maar vooral over de ezeltjes, dat ze eerst bang zijn, maar later niet meer.
Gesprek
Is dat een leuk idee, om een dagboek te schrijven?