De levensbomen in het laatste bijbelboek
In de Hof van Eden stond in het midden van de hof, naast de boom van de kennis van goed en kwaad, de ‘boom des levens’. Adam en Eva werden na de zondeval uit de hof verdreven, ‘opdat zij niet zouden eten van de boom des levens en in eeuwigheid zouden leven‘ (Gen. 3:22). Van die ‘boom des levens’ wordt in de kerken gezongen, maar dan als beeld van het kruis: ‘Met de boom des levens wegend op zijn rug droeg de Here Jezus Gode goede vrucht’ (Gez. 184). De Nieuwe Bijbelvertaling spreekt echter van ‘levensboom’. Voor ons gevoel stamt de levensboom uit de mythologie: hij was bijvoorbeeld afgebeeld in de vensterruiten boven de deur van oude huizen. Maar wij mogen ons niet laten leiden door conservatieve gevoelens en zullen daarom naast de uitdrukking ‘boom des levens’ ook de term ‘levensboom’ gebruiken, zoals uit de titel van dit artikel reeds blijkt.