Jan van Ruusbroec over de oorsprong van de mens Gerrit Achterberg schreef de woorden uit de kop boven dit artikel in zijn gedicht Deïsme. Treffende woorden die de adeldom van de mens (een plaats van God), maar ook zijn tragiek (voor een tijd) weer-geven. Jan van Ruusbroec (1293-1381) zou het zó niet zeggen. De mens is bij hem zeker ‘een plaats van God’. Dat is zijn adeldom. Dat is ook zijn roeping. Het is zijn oorsprong, en tevens zijn bestemming. Maar hij zou het Achterberg niet nazeggen dat dit slechts geldt voor een tijd. Ook Achterberg komt hier trouwens op
Het volledige artikel lezen?
Dit artikel is voor Basis- en Premium-leden.
Log in en lees verder. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 6.700 artikelen over levensvragen, spiritualiteit, opinie en maatschappij en verdiep je in wat geloof en theologie betekenen voor het leven van vandaag.
Bekijk Basis & Premium >
InloggenLid worden