De taal die Jezus sprak
De film van Mel Gibson, The passion of the Christ, bevatte veel dat ik maar moeilijk kon rijmen met een christelijk geloof dat zijn joodse oorsprong serieus wil nemen: Maria die Romeinse soldaten te hulp roept tegen de joden, ja zelfs was er oorspronkelijk een scène waarin Gibson het kruishout – gruwelijke Romeinse straf voor joodse vrijheidsstrijders – door het Sanhedrin liet vervaardigen! De film bevatte dus nogal wat antijoodse clichés die meer zeiden over de christelijke ‘vroomheid’ van later eeuwen dan over het Jeruzalem van de eerste eeuw. Wat ik wel boeiend vond was de poging van Gibson om de hoofdrolspelers Aramees te laten spreken. De uitspraak was abominabel, maar als Engelse acteurs Latijn gaan spreken is dat ook niet geweldig. De achterliggende vraag is fascinerend: welke talen werden eigenlijk gesproken in Jezus’ tijd? Klopt het dat de Romeinen in de film Latijn spreken, de apostelen Aramees? Waar blijft dan het koine-Grieks? En was het Hebreeuws werkelijk uitgestorven als omgangstaal, zoals de grote historicus Emil Schürer graag beweert, die het Hebreeuws reserveert voor de tempel? Of heeft de talmoedist Shmuel Safrai gelijk als hij beweert dat Hebreeuws nog veel meer werd begrepen en gebezigd in de eerste eeuw C.E. en dat het bestaan van Targums (Aramese vertalingen) niet vóór het midden van de tweede eeuw C.E. kan worden aangetoond, uitgezonderd de targum op het boek Job?