Gelukkig zijn velen inmiddels doordrongen van het feit dat kennis van het jodendom niet alleen voor de exegese van de bijbel van groot belang is. Wie zich echter zelfs vanuit deze beperkte invalshoek aan de lezing van Ottenheijms proefschrift zet, krijgt veel interessants voorgezet. We zitten dus in de tijd vlak voor en tijdens die van de auteurs van het Nieuwe Testament. De eerste vijf hoofdstukken bieden een knap overzicht van de belangrijkste voorvragen in de judaica. Aan bod komen zaken als de datering van halachische meningen, de reconstructie van de historische en sociale setting van de prerabbijnse en rabbijnse